
Vorige week zondag bezocht ik het Musée du Pays Châtillonnais in Châtillon-sur-Seine. Het is een museum zoals er in Frankrijk vele zijn, met een collectie die varieert van opgezette vogels via laatmiddeleeuwse sculptuur en zeventiende-eeuwse prenten tot herinneringen aan een buiten Châtillon allang vergeten generaal. Maar er is één pronkstuk: het enorme bronzen mengvat (“krater” in jargon) dat bij het dorpje Vix is gevonden in het graf van een dame die ietwat voorbarig “Prinses van Vix” is genoemd. Mogelijk gaat het niet om een vrouw, zoals aanvankelijk aangenomen, maar om een man.
De Prinses van Vix – zo zal ik haar toch maar noemen – moet tegen het einde van de zesde eeuw v.Chr. hebben gewoond in het met een Murus Gallicus omgeven heuvelfort dat bekendstaat als Mont Lassois. Een jaar of twintig geleden is daar een opvallend grote woning opgegraven die, met wat fantasie, mag worden aangeduid als haar paleis. Dat weten we natuurlijk niet zeker, maar het is wel zeker dat Mont Lassois lag in de regio van Lotharingen tot en met Beieren waar schitterende elite-graven zijn gevonden uit de Late Hallstatt-periode. De mensen die hier werden bijgezet, beheersten de handel tussen de noordelijke regio’s, waar allerlei grondstoffen vandaan kwamen (textiel, barnsteen…), en de steden in het Mediterrane zuiden.

De Prinses van Vix, die rond de vijfendertig jaar oud is geworden, behoorde tot deze elite. En deze reine-prêtresse liet het breed hangen. Ze werd bijgezet in een houten kamer onder een forse grafheuvel, samen met een wagen, aardewerk en mantelspelden. Haar gouden torque, die invloeden verraadt van de Skythen op de oostelijke steppe, is alleen al voldoende reden om een bezoekje te brengen aan het Musée du Pays Châtillonnais.
Maar het gaat me vandaag om dat mengvat, dat in 1953 is ontdekt, en werkelijk enorm is: met een hoogte van 1m65 kon er 1100 liter water en wijn in. Ik heb mijn vriend S. (vijf jaar oud) verteld dat hij erin zou kunnen watertrappelen. Het voorwerp komt uit Zuid-Italië of Sparta, en bestaat uit een sokkel, het eigenlijke mengvat, omgeven door een band met reliëf, oren en een deksel. Het geheel lijkt op zeker moment uit elkaar te zijn gehaald en vervolgens, toen de onderdelen in Gallië waren aangekomen, weer te zijn samengevoegd. Dit is althans wat je zou concluderen aan de hand van de letters die op de diverse delen staan.

De decoratie is fenomenaal. Op de twee oren staan gorgonen afgebeeld, de reliëfband is versierd met hoplieten en strijdwagens, elk getrokken door vier paarden. Helemaal bovenaan, op de deksel, is een klein beeldje van vrouw in een Grieks gewaad (een peplos).

Mijn docent Mediterrane archeologie, Douwe Yntema, had een leuke speculatie over dit mengvat. De Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos vertelt namelijk iets over een mengvat dat de Spartanen cadeau hadden willen doen aan koning Kroisos van Lydië. Dat zou echter zijn gestolen door de mensen van Samos, en dat was aanleiding tot een Spartaanse interventie.noot Yntema vertelde erbij dat het onbewijsbaar was, en persoonlijk geloof ik er niks van, maar dat de Spartanen na de diefstal een militaire operatie organiseerden, dat wordt alleszins geloofwaardig als je de Krater van Vix in Châtillon ziet staan.
[Dit was het 495e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]
Zelfde tijdvak
Herodotos’ Koninklijke Wegfebruari 28, 2019
Perzische bisschoppenfebruari 22, 2013
Naqš-e Rustamnovember 10, 2018

Ik lees graag wanneer jouw vriend S. met jou naar die krater wil gaan.
Vrolijke groet,
We nemen graag de route binnendoor van Sedan naar de Morvan. Je komt leuke stadjes en kloosters (Fontenay) tegen. En ook dit erg leuke museum.
We bezochten het museum alweer een tijdje geleden. Het is inderdaad een enorme ketel, we konden er helemaal omheen lopen en hij stond op een verhoging.
Dit soort graven is een ramp voor de economie. Door veel waardevols aan de economische kringloop te onttrekken krijg je economische contractie. Daarom was het zo goed dat in Egypte alle koningsgraven werden leeggestolen, zo kon de Egyptische economie blijven draaien. In het Incarijk daarentegen werden die graven goed bewaakt, en daarom was dat rijk sowieso gedoemd, wel of geen Spanjaarden.
Ik bezie dit soort grafvondsten dan ook met gemengde gevoelens
Dit is ironisch bedoelt toch….?
Oud-historicus Prof. Wallinga heeft aandacht besteed aan de krater als voorbereiding op een studie- en studentenreis naa de Romeinse Provence die door hem samen met de hoogleraar Latijn Leeman was georganiseerd. Het betoog hield in dat de bij Herodotus beschreven krater een dergelijke zeldzaamheid was dat deze heel goed het exemplaar van Vix kan zijn geweest. Internationale kunstdiefstal is van alle tijden!
Ik vergat nog de periode te vermelden: rond 1964, ik was toen derdejaars (en had niet voldoende contanten om mee te gaan). Jaren later was ik met vrouw en kinderen op vakantie in Frankrijk en passeerden wij Châtillon. Grote verrassing, want ik had het ding met de Provence geassocieerd.