Romeinse landbouw

Een “vallus”, Gallische oogstmachine (Institut archéologique, Arlon)

Toen Umberto Eco het manuscript van De naam van de roos naar een uitgever bracht, zei die dat het een prachtboek was maar dat het begin te lang was. Het verhaal kwam te traag op gang. Eco schijnt te hebben gezegd dat hij wilde dat de lezer aan het ritme van de Middeleeuwen gewend raakte. Het lijkt me eerlijk gezegd wat overdreven dat je zo meer van een roman zou genieten. Maar toch. Het is ook niet helemáál onzinnig dat je, als je je bezighoudt met een onderwerp, een soort gevoel moet hebben voor het ritme, de natuur, de omgangsvormen, de vanzelfsprekendheden.

Boerderijstage

De ideale oudheidkundige heeft een tijdje op een boerderij gewerkt. Hij weet wat het is om door de dieren en de seizoenen een ritme opgelegd te krijgen. Hij herkent dat het onvermijdelijk is kuddes te verweiden – en wat dit betekent voor de verspreiding van informatie. Hij weet wat het betekent als de oogst mislukt en begrijpt dat je, om je risico’s te spreiden, het liefst velden gebruikt aan twee zijden van een heuvel. Hij begrijpt wat het is om, totdat je tot de aarde terugkeert, te moeten zweten voor het brood.

Lees verder “Romeinse landbouw” →

Garibaldi (3)

Monument voor Garibaldi in Rome

In de twee voorgaande stukjes (1, 2) heb ik de levensloop van Garibaldi beschreven: een capabele commandant die zichzelf niet spaarde en daarom door zijn mannen op handen werd gedragen, en een integere republikein die er met tegenzin mee akkoord ging dat Italië een koninkrijk werd. En tot op de dag van vandaag een controversiële figuur.

Wiens held?

Zijn positie in de Italiaanse geschiedeniscanon staat niet ter discussie. Er is in Italië geen dorp of er is wel een straat naar hem genoemd. In Parma of Verona – ik herinner het me niet goed – is een inscriptie die memoreert dat Garibaldi van een aanpalend balkon de onsterfelijke woorden “Rome of de dood” zou hebben gesproken. In het Nationaal Monument in Rome is een museum voor de Italiaanse eenwording, met onder andere Garibaldi’s stoel. Ik schrijf deze woorden in een hotel in Palermo, niet ver van het standbeeld van de man die hier in 1860 de alleenheerschappij uitoefende. Eerder vandaag wandelde ik door de “Corso dei Mille” en de “Via Garibaldi” naar het Museum voor Moderne Kunst en de “Via Roma”. Niet veel verderop is een park dat Villa Garibaldi heet. Zojuist kocht ik doosje Garibaldi-sigaren.

Lees verder “Garibaldi (3)” →

Garibaldi (2)

Garibaldi

In mijn vorige stukje vertelde ik over Garibaldi’s carrière in Latijns Amerika en zijn onsuccesvolle verdediging van de Italiaanse republiek in Rome. Hij was een bijzondere commandant met een ongebruikelijk persoonlijk charisma. Een van de mooiste anekdotes is dat hij eens, aan boord van een schip, iemand overboord zag vallen en hem meteen achterna dook, zonder zich erom te bekommeren dat niemand hem had zien springen en het schip stil legde.

De eenwording van Italië

Hij sympathiseerde met het republikanisme maar nog meer met het Italiaanse nationalisme en in 1860 was zijn moment gekomen. Piëmont had het jaar daarvoor een grote oorlog ontketend om de noordelijke staatjes in Italië, zoals Lombardije, Parma en Toscane, te verenigen. In veel van de toenmalige hoofdsteden hangen nog inscripties waarin wordt gememoreerd hoe de bevolking destijds met duizenden stemmen voor en enkele tientallen stemmen tegen besloot zich aan te sluiten bij het Koninkrijk Italië en voortaan Victor Emanuel II erkende als vorst. Florence werd de nieuwe hoofdstad van de zo ontstane staat.

Lees verder “Garibaldi (2)” →