Een leeuwenjacht uit Uruk

Koninklijke jagers (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Nog maar eens, na die mooie vaas, een plaatje van een leeuwenjacht uit Uruk. Het reliëf met twee jagers is ongeveer even oud als de vaas en gemaakt van zwart graniet. Dat gesteente komt in Mesopotamië nergens voor en moet zijn geïmporteerd uit bijvoorbeeld de omgeving van Natanz in Iran. Het oogt op het eerste gezicht wat primitief, maar let eens op de boogschutter onderaan, die zijn schouders heeft opgetrokken, zoals je doet als je een pijl aanlegt. En kijk eens hoe levensecht die drie leeuwen opspringen.

De vraag wat het voorstelt is misschien verkeerd gesteld. Mensen maken dingen omdat ze die mooi vinden en het hoeft niet per se iets voor te stellen. (Mij persoonlijk stoort het altijd een beetje als een museumgids, uiteraard met de beste bedoelingen, een kunstvoorwerp meteen gaat uitleggen en je niet eerst even tijd laat om het op je te laten inwerken.) Tegelijk: mensen herkennen vormen en maken die na. De vraag wie deze twee jagers zijn, is wel degelijk legitiem. Het is dan opvallend dat hij kapsel heeft en een wat lang gewaad zoals we kennen van vorsten uit deze tijd.

Kortom, we zien een koning die op jacht is. Misschien niet helemaal naar onze smaak. Willem-Alexander kan het bevestigen. Maar in de Oudheid was dit belangrijk werk. Het is immers vrij vervelend als er een leeuw rondloopt in de buurt van een dorp. Zo’n beest doodt vee en bedreigt mensenlevens. Een koning die het beste met zijn volk voor had, trok er dus op uit om die ondieren te doden.

Nuttig werk. Zeker in een tijd waarin grote delen van zuidelijke Mesopotamië nog volop in ontginning waren. Het reliëf is te lezen als een overwinning van de menselijke cultuur op de natuur. Waarbij we dan gemakshalve maar even aannemen dat de mensen die ruim vijftig eeuwen geleden leefden in het zuiden van Irak, de tegenstelling tussen natuur en cultuur herkenden.

Dit is het begin van een artistieke traditie die we nog eeuwenlang kunnen volgen. Over de leeuwenjacht van de Assyrische koning Aššurbanipal heb ik al eens geblogd. We kunnen ook denken aan koning David, aan Herakles, aan de afbeeldingen van de Perzische koning Darius, en aan Alexander de Grote: met de leeuwenjacht bewees een vorst dat hij een echte vent was.

[Dit was het 407 voorwerp in mijn reeks museumstukken. Het wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]

11 gedachtes over “Een leeuwenjacht uit Uruk

  1. FrankB

    “met de leeuwenjacht bewees een vorst dat hij een echte vent was”
    De Veluwe is overbevolkt met everzwijnen. Als Willem Alexander er in zijn zomerse kloffie met een speer op af gaat wil ik daar best respect voor hebben.

    https://www.youtube.com/watch?v=3W68nogo8vk

    Met schiettuig is het ongeveer net zo indrukwekkend als Ajax dat van VV Heiligerlee wint.

  2. Saskia Sluiter

    W. A. heeft het niet van een vreemde. Die zwijnen zijn door zijn overgrootvader Hendrik rond 1910 in het Loo uitgezet voor de jacht. ( Ze waren in de vroege negentiende eeuw Nederland uitgestorven) De man werd in sommige kringen niet voor niets ‘varkensheintje’ genoemd. Ook opa Bernhard was niet bij de jachtpartijen weg te slaan.
    De jacht is lang een elite-ding gebleven. Is dat ononderbroken zo gegaan vanaf de koningen in het oude Uruk? Pas in 1923 mocht de pachter zelf het konijn schieten dat hem de kool van het land vrat. Moest-ie wel en jachtakte voor hebben trouwens.

    1. Als ik mensen rondleidde door het Witte Paleis in Teheran, waar twee olifantenslagtanden stonden, zei ik weleens terloops dat het een cadeautje van prins Bernhard was geweest. Dat corrigeerde ik dan later wel, maar het viel me altijd weer op hoe geloofwaardig mensen dat vonden.

      1. Saskia Sluiter

        Voor jagers is het volkomen duidelijk neem ik aan, maar ik heb me altijd afgevraagd hoe zich de jacht verhoudt tot de inzet voor de natuur, zoals B’s inzet voor het WNF. Op het eerste gezicht tegenstrijdig, bij nader inzien waarschijnlijk toch ook logisch, omdat de jager als een van de eersten met de achteruitgang van de jachtgebieden wordt geconfronteerd.
        De koppeling van jacht en elite vindt ik intrigerend. En na het stukje in de Mainzer vandaag begrijp ik er misschien iets meer van. Dank! dus weer. En wat een fantastische tongue-in-cheek-joke met die olifantslagtanden!

        1. FrankB

          “hoe zich de jacht verhoudt tot de inzet voor de natuur”
          Dat is een menselijke keuze. Op sommige diersoorten, zoals de tseetsee vlieg, kan wat mij betreft niet genoeg jacht worden gemaakt.

        2. Rob Duijf

          Er is wel verschil tussen de noodzakelijke beheersjacht in ‘natuurgebieden’ waar een hek omheen staat en waar geen natuurlijke predators voorkomen (alhoewel de Veluwe nu plaats biedt aan twee wolvenroedels) en de drijfjacht zoals die door de Oranjes wordt beoefend in de Kroondomeinen. Die zijn ook dit jaar weer gesloten voor het publiek.

          https://www.ad.nl/binnenland/gaat-koning-kroondomein-het-loo-openen-hij-heeft-vast-geen-miljoenen-over-voor-sluiting~ab9eb46d/

  3. Rinus

    Terug naar Uruk, in de oudheid:

    Wordt hier nu echt gesuggereerd dat de koning in persoon op jacht gaat naar het wilde dier, de leeuw? Ik denk toch eerder dat hier een ideologisch beeld van het koningschap wordt neergezet. De koning in zijn rol als beschermer van het rijk, en zijn onderdanen, tegen kwade invloeden uit de ongetemde natuur.
    De koning die bewijst dat hij het waardig is de ultieme leider van het volk te zijn. Een vergelijkbare ideologie speelde rond die tijd in Egypte.

  4. Dirk Zwysen

    Het zal wel belangrijk geweest zijn dat de koning zelf over voldoende mannelijkheid beschikte om succesvol te jagen (al dan niet met hulp van ondergeschikten). Zie ook Arthur en Twrch Trwyth. Of Poetin.

    Dat jacht elitair was (is?), heeft misschien met ruimte te maken. Jagers hebben heel wat meer oppervlakte nodig dan boeren. Enkel de elite kan zich die grote domeinen toe-eigenen.

    In christelijke legenden wordt de jacht vaak negatief voorgesteld, vooral omdat ze mensen afleidt van hun kerkelijke plichten: Sint-Hubertus komt er nog goed vanaf in tegenstelling tot degenen die veroordeeld zijn tot de Wilde Jacht.

  5. Saskia Sluiter

    Nog iets: zwart graniet is een hard materiaal. Het is een hele klus om daar zo’n gedetailleerd reliëf uit te hakken, met vermoedelijk nog bronzen werktuigen (?). Je ziet niet alleen een voorstelling, maar ook heel veel geduld en tijd van een maker die op den duur waarschijnlijk stoflongen kreeg, als hij al niet voor die tijd ergens aan overleed.

    1. Rinus

      Graniet kon in die periode alleen met (vuur)stenen gereedschappen bewerkt worden; gehard staal kwam pas in de Romeinse tijd beschikbaar. Er lag een grote industrie ten grondslag aan de productie van dat soort artefacten. Ik denk niet dat het maken van dergelijke kunstwerken perse slecht voor de gezondheid zou zijn geweest, misschien dat alleen jonge mensen zulke details met het blote oog konden uitwerken.

      @Dirk, Frans,
      Een deel van de koningsideologie was de projectie van een stoere leider, dat komt idd overeen met Poetin. Ik denk dat ook in die tijd een koning het meeste fysieke werk – achter een leeuw aan rennen – aan anderen over liet.

Reacties zijn gesloten.