Çatalhöyük

Reconstructie van een huis uit Çatalhöyük (Museum voor Anatolische Beschavingen, Ankara)

Ik ben er twee keer in de buurt geweest, maar steeds op weg naar iets anders: Çatalhöyük, een van de beroemdste archeologische opgravingen ter wereld. Het is een tell: een plek waar mensen lange tijd hebben gewoond, steeds op de resten van een eerdere nederzetting. Het klassieke voorbeeld is Troje, waar archeologen vele tientallen bewoningslagen boven elkaar hebben gevonden. Steeds als zo’n nederzetting was verwoest, keerden mensen terug om er nieuwe woningen te bouwen. Aangezien niemand voor z’n plezier op ’n ruïne of tussen de geblakerde resten van een oude boerderij gaat wonen, moet er een reden zijn, en inderdaad liggen de meeste tells op vruchtbare gronden, bij een handelsweg of allebei. En als die heuvel maar hoog genoeg was, was ze om een extra reden interessant: zo’n plek was veilig.

Çatalhöyük

De tell van Çatalhöyük, bewoond tussen pakweg 7100 en 5700 v.Chr., was uiteindelijk tweeëntwintig meter hoog. In zijn boek Dageraad, waarover ik het al had, schrijft Johan Hendriks: zeventien meter, en wellicht is dat waar, ik weet het niet, ik ben er immers niet geweest. Feit is: er zijn achttien bewoningslagen, en in de oudste fase bestond de nederzetting uit zo’n tweehonderd woonhuizen. Men had 9000 jaar geleden de deur nog niet uitgevonden, dus je moest vanaf het dak met een ladder in je woonst afdalen. Hierboven ziet u zo’n huis: een haard, wat lage banken langs de beschilderde muren, soms een opslagkamertje, en een decoratie van dierenschedels en -klauwen.

Lees verder “Çatalhöyük”

De boeken van Arrianus

Detail van de Alexandersarcofaag (Archeologisch Museum van Istanbul)

Ondanks zijn indrukwekkende loopbaan als Romeins bestuurder, vond Arrianus tijd om allerlei boeken te schrijven, die hij over het algemeen modelleerde op publicaties van de Atheense auteur Xenofon (ca.430-ca.354). Hieronder is een catalogus die de filosofische, topografische, historische en militaire belangstelling van Arrianus documenteert. Zijn voornaamste werk is een geschiedenis van Alexander de Grote, waarover hieronder meer.

Lees verder “De boeken van Arrianus”

Wat is een nahiru?

Nijlpaard in de dierentuin van Antwerpen: een nahiru?

De Assyrische koning Tiglat-Pileser I regeerde veertig jaar, van 1115 tot 1076 v.Chr. Zijn koninkrijk had de chaotische overgang van de Bronstijd naar de IJzertijd, traditioneel geassocieerd met de Zeevolken, vrij goed doorstaan, maar in het westen was het rijk van de Hittieten gedesintegreerd. Nieuwe, kleinere politieke eenheden namen de macht over. Historici noemen het de Neo-Hittitische koninkrijkjes, of ook wel de Arameeërs. De onrust in het westen dwong Tiglat-Pileser tot interventie, niet minder dan veertien keer.

Veldtocht naar zee

De campagnes waren meestal extreem gewelddadig, maar niet altijd. Een expeditie rond het jaar 1000 v.Chr. vermeldt in elk geval niet de wreedheden die voor andere jaren wel worden genoemd. Hij rukte eerst op naar Homs in het huidige Syrië en reisde daarvandaan naar de Middellandse Zee, door de vallei die nu de grens is tussen Libanon en Syrië. Zo bereikte hij Amurru, de kuststrook. Tiglat-pileser was de eerste Assyrische vorst die de zee bereikte en daar was hij overduidelijk trots op. De boottocht was het hoogtepunt van zijn reis.

Lees verder “Wat is een nahiru?”

Het Colosseum (3): jachtpartijen

Jachtscène zoals ze ook in het Colosseum te zien waren (Archeologisch Museum, Mérida)

[Dit is het derde van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Ook toen keizer Titus het Colosseum voor de tweede keer inwijdde, was het gebouw niet af. Volgens de zogeheten Kroniek van het jaar 354 werd het amfitheater tijdens de regeringsperiode van Titus’ broer en opvolger Domitianus “voltooid tot aan de schilden in de nok”. Deze schilden bevonden zich bovenaan de buitenwand.

Lees verder “Het Colosseum (3): jachtpartijen”

Het hijgend hert

Hert met slang (Keizerlijk Paleis, Constantinopel)

U kent wellicht het beroemde psalmvers, berijmd door Lucretia van Merken (1721–1789):

‘t Hijgend hert, de jagt ontkomen,
schreeuwt niet sterker naar ‘t genot
van de frissche waterstroomen
dan mijn ziel verlangt naar God.

Hier wordt de dorst van het hert in verband gebracht met de vervolgingsjacht waaraan het dier juist is ontsnapt, maar dat is vrije fantasie. De Bijbel verklaart de dorst van het hert in het geheel niet, van schreeuwen is geen sprake en zelfs hijgen doet het niet, volgens de NBV21-vertaling:

Lees verder “Het hijgend hert”

Het graf van Filippos II?

Het veronderstelde graf van Filippos II in Vergina

Het zal niet vaak zijn gebeurd dat een oudheidkundige een staatsbegrafenis kreeg, maar in 1992 gebeurde het in de Hagia Sofia in Thessaloniki. De eer viel te beurt aan de Griekse archeoloog Manolis Andronikos, die in 1977 in Vergina, de oude Macedonische hoofdstad Aigai, in een grote grafheuvel drie koninklijke graven had ontdekt. Aanvankelijk was hij terughoudend over de identiteit van de overledenen, maar toen hij in 1984 zijn eindrapport publiceerde, was hij er zeker van: de fenomenale Tombe II was de laatste rustplaats van koning Filippos II (r.359-336 v.Chr.) en zijn laatste echtgenote, Kleopatra, terwijl de iets jongere en iets minder fenomenale Tombe III het graf was van diens kleinzoon, de op twaalfjarige leeftijd vermoorde Alexandros IV (323-310). (De tussenliggende generatie, Alexander de Grote, is bijgezet geweest in Alexandrië.)

Andronikos gaf zijn land iets geweldigs. De graven in Vergina zijn werelderfgoed. Eigenlijk alleen maar vergelijkbaar met Schliemanns ontdekking van Bronstijd-Griekenland. De “zon van Vergina” die op de deksel van de gouden askist stond, was al snel een modern Grieks nationaal symbool. De vraag is alleen: klopt de interpretatie? Zijn de begravenen in Tombe II niet eerder Alexanders zwakbegaafde halfbroer Arridaios (r.323-317) en diens echtgenote Eurydike? En helaas: in 1991 flakkerde de Macedonische Kwestie, waarover ik onlangs blogde, ook weer op. Daarmee verwerd de discussie over de menselijke resten uit Tombe II tot een nationalistische discussie over wat feitelijk een soort relikwieën waren.

Lees verder “Het graf van Filippos II?”

Opgejaagde jager

Opgejaagde jager (Museum van Kyrene)

Prachtig hè, dit mozaïek. Ik fotografeerde het in het museum in Kyrene in noordoostelijk Libië. Kijk eens hoe mooi het paard is en hoe schattig de hond. Het is een en al actie: de jager galoppeert naar huis, de deur staat al open, de boom strekt zich verwelkomend naar hem uit. De moedertijger heeft echter de achtervolging ingezet om de jachtbuit, haar jong, terug te krijgen. De plant tussen haar en de jager buigt naar links en voegt toe aan de dynamiek.

Vraag één: wat is dit van dier? Gestreept, dus een tijgerin. Maar tijgers komen niet voor in Afrika. Bovendien is dit dier grauw en zijn tijgers geelbruin. Luipaarden kwamen wel voor in Libië, maar die hebben een gevlekte huid en zijn ook al niet grauw. Ik houd het tot nader order op een tijgerin, maar voor wie verstand heeft van katachtigen staan de reageerpanelen open.

Lees verder “Opgejaagde jager”

Artemis van Efese

De Artemis van Efese (Nationaal Museum, Tripoli)

Het bovenstaande beeld stond ooit in het amfitheater van Lepcis Magna. Vóór de val van Muammar Kadhafi was het een pronkstuk van het Nationaal Museum van Libië in Tripoli. Of het daar nog is, weet ik niet. Soortgelijke beelden zijn overal in het Romeinse Rijk gevonden en nu ik dit schrijf zie ik de kopieën in de Torlonia-collectie, in de Capitolijnse Musea en in de Vaticaanse Musea voor me. Dat was dus alleen maar in Rome. Gadara en Napels schieten me ook te binnen. Er zijn honderden beelden meer geweest, want dit is een van de populairste godinnen uit de antieke wereld: de Artemis van Efese.

Tweemaal Artemis

De naam Artemis suggereert dat ze een van de verschijningsvormen is geweest van de Griekse godin met die naam. Dat was in de meeste stadstaten echter een celibatair levende jachtgodin, terwijl de Efesische Artemis vermoedelijk een vruchtbaarheidsgodin was. Die taakomschrijvingen sluiten een gemeenschappelijke oorsprong niet uit, maar de Artemis van Efese had ook Anatolische trekken en heette oorspronkelijk Artimos. Het is denkbaar dat twee godinnen met namen die op elkaar leken, zijn samengesmolten. Het heiligdom was in elk geval oud en zou later, in de hellenistische tijd, gelden als een van de Zeven Wereldwonderen.

Lees verder “Artemis van Efese”

Leeuwenjacht

Leeuwenjacht (koninklijk graf, Vergina)

Een leuke reactie op het blogje van afgelopen laatst over leeuwen in Griekenland en de rest van de zuidelijke Balkan:

Alexander de Grote deed toch aan leeuwenjacht in Macedonië?

De vraag gaat, denk ik, terug op de afbeelding van een leeuwenjacht op een graf in Vergina, het antieke Aigai. Daar waren de graven van de Macedonische koningen. De Griekse archeoloog Manolis Andronikos, die ze in de jaren zeventig onderzocht, identificeerde een van die graven, waarop bovenstaande leeuwenjacht is afgebeeld, als dat van Filippos II, de vader van Alexander de Grote. Over die identificatie eerst een woord. Daarna de leeuwenjacht.

Lees verder “Leeuwenjacht”

Chinese Skythen

Hazenjager, Tang-dynastie (Museum voor Volkenkunde, Leiden)

Dit beeldje fotografeerde ik onlangs in de afdeling China van het Museum voor Volkenkunde in Leiden. Het stelt een ruiter voor die terugkomt van de hazenjacht. Het is gemaakt ten tijde van de Tang-dynastie, dat wil zeggen in de zevende, achtste of negende eeuw. Dus terwijl in het westen de Franken de hegemonie in Europa verwierven, terwijl het Byzantijnse Rijk de Avaren en Arabieren op afstand hield en in het Nabije Oosten het kalifaat bloeide.

De Zijderoute

Tussen deze mogendheden waren allerlei contacten: kooplieden en andere reizigers trokken langs de Zijderoute en wisselden goederen en verhalen uit. Wandschilderingen uit Samarkand tonen een Chinese prinses die in 648 met de plaatselijke heerser Varkhuman lijkt te zijn getrouwd. (Ik blogde er al eens over.) Er waren militaire confrontaties, zoals de slag aan de Talas die de Arabieren en Chinezen in 751 uitvochten. Westerse huurlingen dienden in de legers van de Tang-keizer. Diens hoofdstad, Chang’an, moet even kosmopolitisch zijn geweest als Constantinopel en Bagdad.

Lees verder “Chinese Skythen”