Zomaar wat boeken

Ik had vandaag eigenlijk willen bloggen over archaic survivals. Het is immers maandag en mijn methodologische blogjes plan ik nu eenmaal voor die dag. Alleen klikte ik het stukje vrijdag al weg en staat het nu al online. Dus ik blog maar even over het dichtstbijzijnde onderwerp dat voorhanden is. Dat zijn de boeken tussen bureau en bed.

Signalementen dus van wat ik nu aan het lezen ben. En voor het goede begrip: signalementen zijn geen recensies, zelfs al geven onze kranten tegenwoordig slechts 700 woorden voor wat ze recensie noemen. Degenen die geen zin hebben in onbenullige signaleringen dat boeken bestaan, hoeven niet verder te lezen. Hun bied ik een leuk muziekje.

Dat deuntje had ik vorig weekend een hele zondag in mijn hoofd en ineens dacht ik: eigenlijk weet ik helemaal niets over The Supremes. Terwijl de ondergang van Flo Ballard een van de grote tragedies uit de popgeschiedenis is. Dus bestelde ik een boek over The Supremes. Online, want mijn eigen boekhandel had het niet.

Augustinus

De doos die de post een paar dagen later bracht, bleek een ander boek te bevatten: de Stad Gods van Augustinus. Daar zal ik nog weleens met een recensie op terugkomen. Vandaag beperk ik me tot de vertaling. Chris Dijkhuis heeft er namelijk iets bijzonders van gemaakt. De Stad Gods is een lange en complexe tekst. Er zit wel een opbouw in, maar de auteur dwaalt weleens af. Als hij het aan het begin heeft over de plundering van Rome in 410, gaat hij ook in op de vraag of de bewoners van de stad zelfmoord hadden moeten plegen. Dus vermeldt Augustinus redenen om dat niet te doen. Voor een moderne lezer is het boek daardoor wat uit balans.

Dijkhuis presenteert de materie nu zó dat het niet meer stoort: namelijk in de vorm van een dag voor dag te lezen tekst. Elke dag een afgerond stukje. Ik zou haast zeggen: zoals een blog. Die vorm blijkt te werken. Een betoog dat anders vervelend zou hebben geleken, wordt boeiend. Ik heb weleens eerder gezegd dat we moeten nadenken over de vormen waarmee we antieke teksten aanbieden aan het grote publiek en Dijkhuis’ vertaling, uitgebracht door de abdij van Berne, toont een mooie manier. Het is ook moeiteloos te digitaliseren met een app die je elke dag iets te lezen geeft.

Vijftig klassieken

Ik weet niet goed wat ik moet denken van Een blijvend bezit. Het mooiste uit de klassieke literatuur, samengesteld door Emilia Menkveld en Vincent Hunink. Het bevat vijftig vertaalde fragmenten uit de Grieks-Romeinse letteren, van Homeros tot Boëthius. En het is het jubileumboek van de Baskerville-reeks die uitgeverij Athenaeum – Polak & Van Gennep al een halve eeuw uitgeeft. Ik zou er graag iets positiefs over zeggen, want ik werk altijd met plezier en vrucht samen met Hunink, maar dit boek, tja.

Op de selectie en vertalingen valt weinig aan te merken: archaïsch, klassiek, hellenistisch, vroeg-Romeins, de keizertijd, het christendom, het is allemaal vertegenwoordigd. Het probleem is de presentatie. De Baskervillereeks is niet met z’n tijd mee gegaan. Ik was verbaasd dat Menkveld in een beschouwing in De Volkskrant haar uitgeverij prees. Niet alleen omdat kranten er niet zijn voor zelfbewieroking, maar omdat het compliment zo raar is. Net als de bestudering van de klassieken is het overdragen van inzicht een wetenschap, maar de Baskervillereeks is al vijftig jaar dezelfde. Zou Een blijvend bezit bij een eerder jubileum zijn uitgegeven, het boek zou niet heel anders zijn geweest. De Baskerville-reeks is een archaic survival uit de jaren tachtig. Dat mag natuurlijk, zoals je ook mag houden van de muziek van toen. Tegelijk: een boek is geen lifestyle-attribuut. Neem toch een voorbeeld aan Enuma Elisj of de Landmark-reeks. Dan dien je meer doelgroepen. Er zijn gelukkiger manieren om een mooi vakgebied een dienst te bewijzen dan het te presenteren als relict uit de vorige eeuw.

Ik signaleer een alternatief. Wie zich wil verdiepen in Beroemde Teksten Die Je Wel Van Naam Kent Maar Nooit Las, adviseer ik Daniel Smiths Een kleine wereldgeschiedenis in 50 boeken. (De Nederlandse vertaling is van Eric Strijbos.) Smith begrijpt dat je een sociaalwetenschappelijke uitspraak doet als je het hebt over de invloed van een boek en werkt dat uit. Dat zou een mooi model kunnen zijn voor een jubileumboek als de Baskervillereeks zestig jaar wordt.

De Bijbel als literatuur

De Baskervillereeks zou nooit hebben overleefd als de Oudheid niet interessant zou zijn. Het is dus niet vreemd dat mensen er meer over willen weten. Zo ook Nicolaas Matsier, wiens kennismaking met de oude wereld zich voltrok zoals voor zoveel mensen: door een christelijke opvoeding en Bijbellectuur.

Daarover heeft hij essays geschreven, die nu zijn gebundeld in Mooi boek, die Bijbel! Matsier kijkt niet naar de Bijbel als een religieus document en gebruikt de boeken evenmin als historische bron, maar leest de Bijbel als collectie literaire boeken. De titel vat zijn eindoordeel samen.

Ik weet niet of ik zijn doelgroep ben. Voor mij zijn oude teksten gewoon bronnen. Natuurlijk denk ik weleens dat iets mooi is of niet, maar dat is niet hoe ik lees. Ik zoek informatie. Toch denk ik dat ik het boek met plezier zal lezen. Ik heb er namelijk al wat in zitten grasduinen en ik streepte al wat treffende observaties aan. Dus ik zal nog wel eens komen met een recensie. Of ik ga Matsiers essays gebruiken als aanleiding voor een blogje. Wie weet.

Sicilië en Valentinianus I

Ik signaleer nog twee boeken. Van Dirk Vlasblom verschijnt binnenkort een boek over Sicilië. Hij stuurde me een PDF en die ben ik nu aan het lezen. Het leest als een trein en Sicilië is natuurlijk altijd boeiend.

Verder was in pre-corona-tijden in Spiers een expositie over keizer Valentinianus I. Die heb ik destijds gemist. Over de tentoonstellingscatalogus, die ik nog aan het lezen ben, zal ik het nog eens hebben, maar wat ik ervan zag was de moeite waard.

The Supremes

O ja, The Supremes. Supreme Glamour is geschreven door zangeres Mary Wilson. Uiteraard was glamour precies datgene wat The Supremes groot maakte in de tijd waarin televisie steeds belangrijker werd. De schitterende modefoto’s maken het boek op het eerste gezicht iets voor de koffietafel, maar Wilsons autobiografie biedt meer. Je krijgt een beeld van de wijze waarop de muziekbusiness, door hand in hand te gaan met haute couture, inkomsten genereerde. En meer dan dat. The Supremes waren een van de eerste groepen die de rassentegenstellingen overstegen.

Het kwam tegen een prijs. De liedjes swingen weliswaar maar zijn uiteindelijk niemendalletjes. De carrières van Nina Simone en Betty Davis zijn interessanter. Evengoed was er ook voor The Supremes voldoende drama. Diana Ross en producent Berry Gordy gingen meer en meer hun eigen weg. The Supremes veranderden in Diana Ross & The Supremes. De vriendinnengroep viel uit elkaar. Florence Ballard bezweek. Wilson vertelt:

One of my best friends was moving into the limelight, and the other was falling to pieces before my very eyes. In the beginning, Florence had been a great singer. But after being relegated to a background singer, she didn’t grow vocally. In addition, Diane was progressively moving out front in the act and was given Flo’s solo on the song “People”. …

For Florence, this was the last straw. It was like waving a red cape in front of a charging bull. Up to this point, Flo had remained silent about her growing discontent. She had kept her unhappiness inside for the past five years, but it had been eating away at her all this time. Flo needed support, but instead she received frequent reminders to stay in line.

De rest is geschiedenis. Florence Ballard werd tweeëndertig. Wat een tragedie toch.

Deel dit:

14 gedachtes over “Zomaar wat boeken

  1. Martijn Nicasie

    Wat een leuk stukje! Deed me een beetje terugdenken aan de betreurde Livius-nieuwsbrief. En hoewel ik altijd veel plezier beleef aan Methodologie Maandag mag je dit wat mij betreft vaker doen. Dinsdagse Diversen? Zo af en toe?

  2. FrankB

    The Ramones horen voor mij bij de jaren 70. Bij de jaren 80 denk ik aan Gary Moore, Faith Warning en Metallica.

  3. Huibert Schijf

    Mooie tip dat boek van Dirk Vlasblom. Ik heb zijn rapportages in de NRC altijd met veel waardering gelezen. Dus dat bestel ik.

  4. Dirk Zwysen

    ‘Het nachtkastje’ kan een leuke reeks worden in deze reacties. In tegenstelling tot ‘geliefde boeken’ duiken er naast het bed ook scharrels op die gaandeweg blijken tegen te vallen en niet tot warme herinneringen of blijvende liefde leiden. De one-night-stands van de boeken, zeg maar. Bovendien kan je op je nachtkastje ongegeneerd letterkundige polyamorie bedrijven. Boeken zijn zelden jaloers als je ze even laat liggen omdat je vanavond meer zin hebt in een ander genre.

    Ik geef een voorzet:
    ‘Wat bomen ons vertellen’ van Valérie Trouet ligt al lang op het einde te wachten. Om de een of andere reden ben ik daarin vastgelopen. Toch een heel goed boek.
    ‘Augustus’ van Anthony Everitt valt tegen. Een weinig kritisch navertellen van de bronnen. Steekt schril af tegen ‘The Patrician Tribune’ over Clodius, wat ik echt een fantastisch boek vond. ‘Het Forum Romanum’ van Guido Cuyt en Michiel Verweij is een schatkist. Niet lezen in bed, want je gaat er voortdurend weer uit om iets op te zoeken in een ander boek.
    ‘Het Ardennenoffensief’ van Alex Kershaw was een ideaal tussendoortje voor in de Ardennen tijdens de afgelopen herfstvakantie.

    De Sint meerde dit weekend aan in Antwerpen. Dat de ‘Atlas of Ancients Battlefields’ op het cargo manifest van de stoomboot stond, is een extra motivatie om nog enkele weken braaf te zijn. Het wordt proppen in mijn schoen met naast die atlas nog ‘Acht uur in Berlijn’, de nieuwe Blake en Mortimer. Die houden me wel zoet tot kerst wanneer ze hopelijk worden afgelost/vervoegd door ‘Haunted. Over geesten en spoken in Groot-Britannië’ of ‘De Bijbel’ van John Barton.

    1. Huibert Schijf

      Leuk idee zo’n lijstje. Moet ik nog eens over nadenken. Met Valerie Trouet had wel een beetje hetzelfde probleem als u. Het is heel interessant, maar ik kreeg niet het gevoel dat ik het helemaal hoefde uit te lezen om het belang van boomringen te zien. Het boek is geen Bolero van Ravel, als u begrijpt wat ik bedoel. Er was geen paukenslag van het eind.

  5. Frans Buijs

    Zo gaat het bij mij ook. Ik heb Ik ga leven van Lale Gul net uit, heb Dagboek van een vermoeide egoïst van Herman Brusselmans ervoor laten liggen en vorder traag in twee historische romans: Berichten uit het Keizerrijk van Fernando del Paso (weer over Mexico) omdat het een dikke pil is vol barok taalgebruik en ellenlange zinnen en De Adelaar en de leeuw van Rob Regter (over Nederlanders in het leger van Napoleon) valt een beetje tegen omdat het weinig toevoegt aan wat er al in de geschiedenisboeken staat. Bovendien kun je in een roman over de 19e eeuw niet aan komen zetten met uitdrukkingen als “alle seinen stonden op groen”. Kortom, een schrijver die zich wel goed heeft ingelezen, maar zich niet genoeg inleeft.

    1. Huibert Schijf

      Naast de reeks geliefde boeken zou er een reeks kunnen komen ‘boeken die tegen vallen.’ en dan een reden geven. Het boek van Rob Regter lijkt me een goed voorbeeld: anachronistisch taalgebruik in een historisch studie. Zo kwam ik in een studie over de Islamkenner Snouck Hurgronje de opmerking tegen ‘dat studenten hun stinkende best bij hem moesten doen.’ Zo’n boek gaat meteen in de prullenbak.

  6. Ben Spaans

    Bij mijn weten hebben de afgelopen tijd alleen Philip Dröge en Wim Van den Doel boeken, in het Nederlands, over Snouck Hurgronje uitgebracht. Ik heb verder gekeken maar daar heeft het alle schijn van.

Reacties zijn gesloten.