Xenofon

Xenofon (Museum van Afrodisias)

Een tijdje geleden verzorgde ik een les waarin ik, een beetje tegen mijn gewoonte in, enkele Beroemde Dode Grieken besprak. Homeros was al eens aan de orde geweest, nu kwamen de lyrische dichters, de tragici uit Athene, de filosofen, de geschiedschrijvers en de wetenschappers aan bod. Maakt u zich geen zorgen, ik heb aan het einde er netjes aan herinnerd dat geschiedenis niet slechts door individuen wordt gemaakt maar ook door maatschappelijke instellingen en processen.

Nu had ik slechts twee uur, dus ik moest selecteren. Wel de drie tragici dus, maar niet Aristofanes. Terwijl ik bezig was met de geschiedschrijvers realiseerde ik me dat ik het niet kon laten bij Herodotos en Thoukydides. Eigenlijk was het te zot voor woorden dat ik niet ook Xenofon (c.431-354) noemde. Hij wordt nog altijd veel gelezen maar eigenlijk oordeelt vrijwel iedereen negatief over hem. En dat terwijl iedereen er een lief ding voor over zou hebben om een leven te mogen leiden dat half zo bereisd en kleurrijk was als dat van Xenofon. Als je zo’n leven hebt, is het niet zo erg als je faalt als filosoof en geschiedschrijver. Je was immers ook huurlingenleider, politicoloog en biograaf. Wat een leven!

Filosoof, politicoloog, biograaf

Xenofon was dus filosoof. Misschien niet de beroemdste, maar toch: hij was een leerling van Sokrates. En Xenofon heeft enkele teksten aan zijn docent gewijd. Een van die teksten staat bekend als de Memorabilia, wat je kunt vertalen als “gedenkschriften”. Daarnaast zijn er een Symposium en een Apologie, teksten die de titels delen met werken van een andere leerling van Sokrates, Plato. Er is weleens geopperd dat Xenofon, juist doordat hij wat minder ambitie had dan zijn medeleerling, een beter beeld gaf van Sokrates. Bij Plato is Sokrates immers een sockpuppet die zegt wat Plato denkt. Ik voor mij denk dat we daarmee in elk geval de jonge Plato te kort doen.

Xenofon was politicoloog. Hij schreef over de Staatsinrichting van de Spartanen, voor wie hij bewondering voelde. Hij had Athene namelijk moeten verlaten nadat hij in Perzische en dus vreemde krijgsdienst was geweest. Toch haatte Xenofon zijn geboortestad niet en schreef hij een boekje waarin hij aangaf hoe de Atheners hun overheidsfinanciën konden verbeteren. Er is op Xenofons naam ook een beschrijving van de staatsinrichting van de Atheners overgeleverd, maar die tekst is niet van hem. De antidemocratische brompot die deze tekst wel schreef, heet daarom ook wel Oude Oligarch.

Xenofon was biograaf. Hij schreef een levensbericht van de Spartaanse koning Agesilaos en een geromantiseerd relaas van de jeugd van de Perzische vorst Cyrus de Grote. De Opvoeding van Cyrus is eigenlijk een vorstenspiegel, overigens, maar het biografische genre was – net als de geschiedvorsing – in die tijd anders gedefinieerd dan in onze tijd. Het is een aardige tekst en er is een vertaling van John Nagelkerken.

Historicus

Xenofon was historicus, of dacht dat te zijn. Zijn Hellenika, door Gerard Koolschijn vertaald onder de titel Griekse oorlogen, begint op het punt waar Thoukydides’ geschiedwerk afbreekt. Het lijkt geschreven toen Xenofon in Korinthe woonde en bevat informatie die hij daar heeft opgedaan. De Hellenika is daardoor beperkt en gekleurd, maar eerlijk is eerlijk: er waren plekken in Griekenland waar de informatie eenzijdiger was dan in het kosmopolitische Korinthe.

Ik zou nog kunnen noemen dat Xenofon, dierenliefhebber die hij was, heeft geschreven over paarden en honden, maar ik ga snel verder naar de tekst die hem beroemd maakte: de Anabasis. Dat betekent zoiets als “opmars”. Xenofon vertelt hoe hij deelnam aan de expeditie van de Perzische prins Cyrus (niet de koning van zojuist) tegen zijn broer, koning Artaxerxes II Mnemon. In de slag bij Kounaxa (401 v.Chr.), waarover ik binnenkort blog, lijden de Griekse huurlingen een overwinningsnederlaag, waarna de mars volgt naar de Zwarte Zee, dwars door een winters Armenië en eindigend met gevechten in Thracië. Fascinerende lectuur. Overigens vergeet Xenofon, in zijn beschrijving van de veldslag tegen Artaxerxes, te vermelden dat deze plaatsvond bij Kounaxa. Een prachtig detail, dat verraadt hoe levendig zijn herinnering aan de gebeurtenis was.

U merkt: er is van Xenofon veel materiaal over. Hij was bovendien prettig breed georiënteerd. Geen intellectueel, maar wel intelligent. Iemand met wie je graag een borrel zou drinken.

***

De Landmark-Xenofon

Ik noem dit alles omdat onlangs de Landmark-editie van Xenofons Anabasis is uitgekomen. De Landmark-reeks biedt vertalingen zoals ze zijn bedoeld: ze ontsluiten een antieke tekst voor de hedendaagse lezer. Dat betekent dat de vertaling nieuw is gemaakt in hedendaags Engels (en dus geen rechtenvrije, verouderde vertaling is zoals u online vindt). Het betekent bovendien dat de redactie zorgt voor goede landkaarten, afbeeldingen die daadwerkelijk iets illustreren en een online-context. Aan die laatste wordt momenteel nog gewerkt, maar het eigenlijke boek is er.

Ik hoef verder geen woorden van lof te schrijven. Zoals de Landmark-reeks, zo moet het dus en zo kan het dus. Maar toch, één mini-punt van kritiek: het register is weer eens gemaakt door iemand die geautomatiseerd op trefwoorden is gaan zoeken. Als het in een bepaalde passage wel over iets gaat maar het woord daarvoor niet valt, ontbreekt die passage dus in het register. Een trefwoord dat u zodoende niet vindt in het algemene register van de Landmark-Xenofon is… Kounaxa.

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]

5 gedachtes over “Xenofon

  1. Martin van Staveren

    Als mijn vrouw en ik over de top van de duinen bij Den Haag komen en dan de zee zie, roep ik wel eens: thalassa, thalassa! (Op het gymnasium vertaalden wij de Anabasis).

  2. Huibert Schijf

    De Anabis was de inspiratiebron voor de film Warriors van Walter Hill uit 1979. Een spannende film over een jeugdbende in New York die uit vijandig bendegebied ontsnapt. Ze eindigen bij de Hudson (?), Of ze toen ook het water, het water of zoiets roepen, weet ik niet meer.

  3. FrankB

    Xenofon en Plato over Socrates zijn een goed voorbeeld van de bekende regel Testis Duo Testis Nullus. Wat Bertrand Russell er over schrijft is grappig:

    “A stupid man ’s report of what a clever man says is never accurate, because he unconsciously translates what he hears into something he understands.”
    Volgens dit argument moeten alle natuurkundeleraren op alle middelbare scholen onmiddellijk ontslag nemen, want ze zijn allemaal te dom om Galilei en Newton te begrijpen.
    (OK, ik ben niet helemaal eerlijk tov Russell, maar hij is dat niet tov Xenofon).

  4. Dirk Zwysen

    Ik heb altijd sympathie gehad voor Xenofon omdat er zo lacherig over gedaan werd. Gek hoe mensen emotioneel reageren op iemand van zo lang geleden op basis van zo weinig informatie.

Reacties zijn gesloten.