
[Twaalfde van zeventien blogjes over Constantijn de Grote (r.306-337). Het eerste was hier.]
In de vorige blogjes beschreef ik hoe keizer Constantijn sinds zijn visioen in 310 de zon was gaan vereren, maar open was gaan staan voor christelijke ideeën. De doorbraak zou weleens te maken gehad kunnen hebben met een oorlog tegen Licinius. Het was niet hun eerste conflict – u slaat mijn boek Het visioen van Constantijn er maar op na – maar het was wel het eerste dat Constantijn zou brengen naar gebieden met veel christenen: Klein-Azië, Syrië en Egypte. Door sympathie te tonen voor het christendom, kan Constantijn verdeeldheid hebben willen zaaien tussen zijn tegenstanders.
Ten oorlog
Feit is dat hij het initiatief tot de oorlog nam. Hij vaardigde het zojuist genoemde besluit van mei 323 uit in Sirmium op de Balkan, op weg naar het verwachte strijdtoneel, en bracht de winter door in Thessaloniki, waar hij een vloot bouwde. Zoals altijd opereerde zijn leger snel: in de lente van 324 viel hij Thracië binnen, het enige deel van Europa waar Licinius nog heerste. Na een gewonnen veldslag sloeg Constantijn in juli het beleg op voor Byzantium, terwijl zijn vloot, gecommandeerd door zijn zoon Crispus, de zeewegen blokkeerde. Licinius trok zich terug in Azië, werd daar opnieuw verslagen, vluchtte naar Nikomedeia, capituleerde en eindigde in verzekerde bewaring te Thessaloniki, waar Constantijn hem enkele maanden liet doden.
Constantijn was nu de onbetwiste alleenheerser in het Romeinse Rijk en zocht een residentie die niet aan de Tetrarchentijd deed denken, maar echt zijn stad kon zijn. Hij koos voor Byzantium. Op 8 november, misschien niet toevallig een “eerbiedwaardige dag van de zon”, verrichtte hij de traditionele (en dus heidense) rituelen die behoorden bij het bouwbegin. De stad zou na zijn dood Constantinopel worden genoemd, “Constantijnstad”.
Alleenheerser, succesvol in alle oorlogen, stichter van een nieuwe hoofdstad: alle reden voor feest. Op 25 juli 325 begonnen in Nikomedeia de festiviteiten rond zijn twintigste regeringsjaar, de vicennalia.
Constantinopel
In de voorafgaande weken was Constantijn aanwezig geweest bij het Concilie van Nikaia. Die kerkvergadering leek op de Synode van Arles, maar was grootschaliger. Constantijn had alle 1800 bisschoppen uit het Romeinse Rijk en enkele buurstaten uitgenodigd. Zo’n driehonderd kerkleiders gaven acte de présence. De bekendste discussie ging over het zogeheten arianisme, waarover ik later nog eens zal bloggen. De kwestie is niet heel belangrijk maar betekende, net als bij de eerder genoemde Karthaagse affaire, dat Constantijn betrokken raakte bij een discussie waarvoor hij niet was opgeleid. De oplossing die in Nikaia werd gekozen bood dan ook vooral de duidelijkheid die een bestuurder nodig had, maar loste de problemen niet werkelijk op. De ariaanse kwestie zou nog tientallen jaren slepen.
Er waren meer discussies, zoals die over de paasdatum, over regels voor de geestelijkheid, over de omgang met gelovigen die ooit aan de heidense goden hadden geofferd en over de rangorde onder de bisschoppen. Het voornaamste is echter het simpele feit dát Constantijn het concilie had georganiseerd. Hij zal overzicht hebben willen scheppen over de kerk, zoals hij via de aloude priestercolleges overzicht had over de traditionele staatscultus,.
Constantijn aan het woord
Wellicht was de keizer echter inmiddels christelijk genoeg om persoonlijk belang te stellen in de theologische disputen. Was hij tot dit moment voor de heidenen een heiden en voor de christenen een christen geweest, inmiddels lijkt hij een keuze te hebben gemaakt. Een argument daarvoor is een redevoering die hij in Antiochië heeft gehouden bij een van de bijeenkomsten ter voorbereiding van het Concilie van Nikaia, de Toespraak tot de vergadering der heiligen. Hieruit blijkt dat hij redelijk vertrouwd was met de aard van de christelijke discussies. Constantijn of zijn ghostwriter wist minimaal wat hij in een vergadering van kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders behoorde te zeggen.
Eusebios’ in 339 gepubliceerde Leven van Constantijn bevat een andere aanwijzing voor ’s keizers christelijke gezindte. In deze tekst zijn enkele door Constantijn geschreven documenten opgenomen en in een daarvan, de “Tweede brief aan de bewoners van de oostelijke provincies”, spoort hij iedereen aan zich te bekeren. Oudheidkundigen hebben gedebatteerd over de authenticiteit van de documenten die antieke auteurs, en dus ook Eusebios, zo nu en dan citeren. Voor het Leven van Constantijn kwam die discussie ten einde toen in 1950 een papyrus werd ontdekt met een kopie van een van de keizerlijke schrijvens. Sindsdien rust de bewijslast bij degenen die menen dat de door Eusebios geciteerde documenten vals zijn. Hij parafraseert ze soms, maar ze zijn echt. Als de “Tweede brief aan de bewoners van de oostelijke provincies” inderdaad authentiek is, valt Constantijn in de laatste fase van zijn regering te typeren als christen. Weliswaar een ongedoopte christen, maar elk ander etiket is onjuist.
Familiedrama
Het keerpunt lijkt midden jaren twintig te hebben gelegen. Om te beginnen komt er dan een einde aan de munten waarop Constantijn zichzelf presenteert met symbolen uit de cultus van de zon. Een andere aanwijzing is dat Zosimos een precieze datering geeft van Constantijns bekering: in het jaar 326. De Griekse geschiedschrijver vertelt over een hofintrige die de keizer dwong zowel zijn zoon Crispus als zijn echtgenote Fausta te doden en meent dat de keizer dermate gebukt ging onder wroeging dat hij vergeving zocht, iets wat alleen de christelijke kerk hem kon bieden. noot
De dood van Constantijns gezinsleden is een feit en zijn weg naar het christendom was al eerder begonnen, maar dat wil niet zeggen dat Zosimos’ woorden helemaal onjuist zijn. Het is denkbaar dat Zosimos het moment heeft geregistreerd waarop de keizer openlijker dan voordien partij begon te kiezen voor samenwerking met de kerk.
[Dit was een bewerking/bekorting van een deel van het boek Het visioen van Constantijn, dat ik in 2018 samen met Vincent Hunink maakte. U kunt het nog bestellen. Wordt vervolgd.]
Zelfde tijdvak
VI Ferrata, het Gestaalde Legioen (2)augustus 8, 2023
Nieuws uit Tyrusfebruari 9, 2024
De bochelaar van Antiochiënovember 12, 2020

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.