
Zo nu en dan krijg je een uitnodiging om iets leuks te komen doen en zo nu en dan blijkt dat nóg leuker dan je verwachtte. Vorige maand kreeg ik een telefoontje van de mensen van BNR, of ik zin had een podcast te maken over de speurtocht naar het graf van Alexander de Grote. U voelt al aankomen dat die podcast inmiddels klaar is en inderdaad ga ik u straks een linkje geven. Maar eerst iets anders.
Een onwetenschappelijke vraag
Welbeschouwd is de speurtocht naar het graf van Alexander namelijk een raar onderwerp. Ik heb weleens geschreven hoe absurd het is dat de Spanjaarden op zoek gingen naar de stoffelijke resten van Cervantes. Welke vraag wilden ze beantwoorden? Of hij echt één arm had? Dat is geen grafschennis waard. En de Quichot wordt er niet grappiger door. Laat staan origineler. Er staat wetenschappelijk niets op het spel en voor zover er toeristisch belang is, moet dat wijken voor het recht op grafrust. Nog absurder was het voorstel van het Nederlandse Tweede-Kamerlid Ronald van Raak, die meende dat we het graf van Johan van Oldenbarnevelt maar moesten openen. De politiek gaat niet over archeologie. Daarvoor zijn erfgoedinstellingen.
Ook de vraag waar Alexander ligt begraven is niet zo zinvol. De speurtocht heeft echter wél waarde om de aandacht te vestigen op de Oudheid. Zeg maar de eerste lijn van de wetenschapsvoorlichting, waarvandaan we de mensen verder leiden naar wel belangrijke thema’s. Je kunt de tientallen theorieën over Alexanders graf benutten om iets wezenlijkers te tonen. Namelijk hoe een oudheidkundige omgaat met een theorie. En dat de meeste theorieën slechts wetenschappelijk zijn in de zin dat er links en rechts wat academische en bureaucratische vinkjes zijn gezet, maar niet in de normale betekenis van het woord.
Twee keer verkeerd
Als we even negeren dat de bronnen waaraan we onze informatie ontlenen schaars en ambigue zijn, zodat de vraag sowieso moeilijk beantwoordbaar is, zijn op één na alle theorieën op twee manieren verkeerd. De eerste manier is de overdreven claim. Stel, een oudheidkundige vindt op een plek die overeenstemt met de bronnen een mooi graf. Hij blijft binnen de regels van de bewijsvoering als hij zegt dat de gevonden resten een graf zijn; maar hij gaat te ver als hij beweert dat dit het graf is van Alexander. Er is immers geen test om Alexanderheid te bepalen. De opgraver zegt feitelijk twee dingen: “dit is een graf” plus “hier rustte Alexander”. Deze redenatiefout staat bekend als secundum quid, de introductie van een tweede ding. Kortom, behoudens de vondst van een mummielabel kan een archeoloog niet makkelijk zeggen dat iets het graf van Alexander was. De identificatie is niet verifieerbaar.
De tweede, even vaak gemaakte fout is dat een archeoloog evenmin zeggen kan dat een graf niet dat van Alexander is. Ook daarvoor bestaat geen toets. Vrijwel alle theorieën zijn dus onfalsifieerbaar.
Verwisselde lichamen
Er is echter één theorie waarbij dit wel mogelijk is. Dat is de theorie van Andrew Chugg, die ik ooit eens in Londen heb ontmoet en die zijn hypothese in 2002/2003 opperde in het American Journal of Ancient History.
Die theorie bestaat uit twee delen. Eén, Alexandrië was groter dan aangenomen en het stadscentrum, waar Alexanders graf zou moeten zijn, lag wat verder naar het oosten dan aangenomen. Dit is inmiddels onomstreden. Controversiëler is Chuggs suggestie dat Alexanders mummie na de vloedgolf van 365 na Chr. is overgebracht naar een kerk en daar werd aangezien voor het lichaam van Marcus, de evangelist. De Venetianen hebben dit lichaam rond 820 meegenomen en het zou dus zomaar kunnen liggen in de San Marco.
Ik zeg niet dat de theorie klopt. Dat zegt ook Chugg niet, die me vertelde dat hij het 20% waarschijnlijk acht. Ik zeg wel dat deze theorie, anders dan alle andere theorieën, te falsifiëren is. Terwijl alle hypothesen op twee manieren onwetenschappelijk zijn – verifieerbaar noch falsifieerbaar – biedt Chuggs theorie althans de mogelijkheid tot weerlegging.
Toetsing?
Dat kan bijvoorbeeld met een koolstofdatering. Als de mummie te oud of te jong is, is het niet Alexander. Zo simpel. QED.
Voorlopig komt die koolstofdatering er echter niet. Niet omdat de verantwoordelijken in de basiliek van San Marco bang zijn. Voor de devotie maakt het immers niet uit of de mummie echt van Sint-Marcus is of van Alexander. (Vergelijk het met Sint-Jakobus, die niet in Santiago de Compostella ligt maar waar desondanks duizenden pelgrims naartoe wandelen.) De simpele verklaring voor het ontbreken van koolstofonderzoek is dat er wetenschappelijk niets valt te winnen. Er zijn voldoende andere mummies waar wel kenniswinst valt te behalen.
De mensen van de “Factor Kuifje”-podcast lieten me dit allemaal in geuren en kleuren vertellen. Het was ontzettend leuk om te doen, en volgens mij kun je het plezier in de podcast horen. U vindt het gesprek hier, maar kijk ook even daar, want er zijn nog negen andere podcasts. Veel plezier!
[De oudheidkundige wetenschappen zijn in de eerste plaats wetenschappen. Een overzicht van stukjes over het wetenschappelijk aspect, vindt u daar.]
Zelfde tijdvak
De Via Appia en wat dies meer zijjanuari 16, 2021
Macedonische oorlogsheldmaart 30, 2016
Griekse politicologiemei 12, 2022

Ik ga meteen luisteren maar het is geweldig dat je het onderwerp kon tillen naar een hoger plan.
Ik betwist dat “waar ligt Alexander de Grote begraven” een onwetenschappelijke vraag zou zijn. Een onwetenschappelijke vraag zou zijn “Hoe hebben de Goden Alexander geholpen zijn rijk uit te bouwen?” Maar Alexander heeft bestaan, was een mens, is dus gestorven en begraven (tenzij we niet weten of hij begraven dan wel verbrand is of in zee gegooid). De vraag is vandaag niet positief te beantwoorden maar 1) we kunnen kandidaten met variabele waarschijnlijkheid poneren en 2) het is niet uitgesloten dat we ze in de toekomst wél kunnen beantwoorden.
We kunnen wel, zoals je zegt, graven of plaatsen uitsluiten, omdat de stoffelijke resten niet met zijn periode overeenstemmen, of omdat we weten dat hij daar nooit geweest kan zijn (pakweg Peru).
En nu luisteren!
“behoudens de vondst van een mummielabel kan een archeoloog niet makkelijk zeggen dat iets het graf van Alexander was”
Dit is onjuist. Zelfs daar kan mee gerommeld zijn. In dit geval zou het juist niet onredelijk zijn om dat te vermoeden. We bevestigen in de wetenschap nooit maar falsificeren enkel. Wat overblijft is de beste verklaring tot nu toe.
“De tweede, even vaak gemaakte fout is dat een archeoloog evenmin zeggen kan dat een graf niet dat van Alexander is. Ook daarvoor bestaat geen toets. ”
Data alleen maar zin heeft als je kunt kiezen tussen mimimaal twee verklaringen. In dit geval is de verklaring niet gedetailleerd genoeg om te kwalificeren als wetenschappelijk (dat kan ook een resultaat zijn: we weten het niet). Maar het is niet zo dat dit vraagstuk in de grond niet falsificeerbaar is.
Twee artikels deze week over middeleeuwse graven uit West-Vlaanderen en wie er in ligt:
Skelet dat 766 jaar in loden grafkist in Brugge rustte, blijkt dat van Boudewijn I van Assebroek
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2024/06/26/iden-ti-teit-van-ske-let-in-gevonden-loden-graf-kist-in-brugge-g/
Merovingers in Koksijde: https://vrtnws.be/p.WPvaVol8Wk3
Dank je wel!