Simon Stevin in Delft

De toren van de Nieuwe Kerk in Delft

Onlangs was ik in Delft. Dat kun je zo weleens hebben. En ik maakte van de gelegenheid gebruik om de Oude Kerk en de Nieuwe Kerk eens te bezoeken, prachtige gebouwen die ik eigenlijk niet kende. Ik geloof dat ik er als kind ben geweest, maar het bezoek aan het Prinsenhof, waar Willem de Zwijger is vermoord, is me beter bij gebleven.

Zware en lichte voorwerpen

In de Nieuwe Kerk is geschiedenis geschreven. Op een dag in 1586 deden Simon Stevin en zijn vriend Jan Cornets de Groot, de burgemeester van Delft, daar een van de belangrijkste wetenschappelijke experimenten die we kennen. Het ging om een belangrijke vraag. Iedereen wist – was het niet uit ervaring dan toch wel op gezag van Aristoteles zelf – dat zware voorwerpen sneller vallen dan lichte. De grote geleerden van de middeleeuwse scholastiek hadden herkend hoe problematisch dat was. Immers, als je een licht voorwerp vastbond aan een zwaar voorwerp, ontstond een heel zwaar voorwerp dat dus nóg sneller zou vallen, terwijl je tegelijk zou verwachten dat het lichte voorwerp het zware voorwerp zou afremmen en het geheel dus langzamer zou vallen.

Lees verder “Simon Stevin in Delft”

Nieuwjaar: de jaarstijl

Kalendermozaïek met een jaar dat begint op 1 maart (Archeologisch museum, Sousse). Wonderlijk genoeg is het gemaakt de tweede of derde eeuw ná Chr., dus toen het jaar officieel op 1 januari begon.

Wie nog gewend is om gedrukte kalenders of agenda’s te raadplegen, zal deze na de jaarwisseling inmiddels hebben vervangen met een exemplaar waarop het jaar 2025 prijkt. Weinigen zullen zich afvragen waarom dit altijd meteen na 1 januari plaatsvindt, maar eigenlijk is het niet zo vanzelfsprekend. In de Oud-Romeinse kalender, waar onze huidige kalender immers van is afgeleid, was januari niet de eerste maar de één-na-laatste maand.

Romeinse kalenders

In de kalender die tijdens de Romeinse Republiek werd gehanteerd, begon het jaar om en nabij de lentenachtevening (equinox) met de maand Martius (vernoemd naar Mars) met vervolgens Aprilis (mogelijk vernoemd naar Apru, de Etruskische naam van Aphrodite), Maius (vernoemd naar Maia), Junius (vernoemd naar Juno), Quintilis (vijfde maand, later Julius genoemd), Sextilis (zesde maand, later Augustus genoemd), September (zevende maand), October (achtste maand), November (negende maand), December (tiende maand), Ianuarius (vernoemd naar Janus) en tenslotte Februarius (vernoemd naar de Februa, waarna soms een korte schrikkelmaand (mensis intercalaris) werd ingevoegd om het jaar in de pas met de seizoenen te houden).

Lees verder “Nieuwjaar: de jaarstijl”

Books that made History

Stevin

Ik geef het u te doen: een expositie maken over vijfentwintig boeken die de wereld hebben veranderd. Sommige keuzes liggen voor de hand. Niemand zal de plek van de Bijbel betwisten of bezwaar hebben tegen Scaligers chronologische studies. Andere keuzes zijn discutabel, en zo hoort het ook. Van een selectie die niet een beetje schuurt, heeft de bezoeker niets opgestoken. Hetzelfde geldt voor boeken waar je nog nooit van had gehoord. Dus ja, leg het pleidooi voor een onverstoord sterven van Adrienne van Till er maar bij.

De expositie waar ik het over heb is deze week begonnen in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Het is in een oudheidkundig museum minder een vreemde eend in de bijt dan je zou denken, want zeker tot 1600 was de westerse cultuurgeschiedenis een dialoog met de Oudheid. In de geesteswetenschappen duurde die dialoog nog langer. Wie let op het Romeins Recht kan zelfs 1900 als einddatum nemen. Dus ja, zo’n expositie kan prima in het RMO.

Lees verder “Books that made History”

Dak in Delft

Vermeer, Gezicht op Delft (detail)

Mijn ouders bezaten een reproductie van het Gezicht op Delft van Vermeer. Ik weet niet of het daardoor is gekomen of dat er een andere reden voor is, maar het is een van mijn favoriete schilderijen. Ik ben in Delft weleens gefietst naar het punt waar de schilder heeft gezeten of gestaan toen hij het schilderij maakte. Ik herken het soms waar het niet is.

Mijn herinnering aan het doek is intens. Ik kan me heel levendig voor de geest halen dat ik als kind was geobsedeerd door een scheef aflopend gelig dak met een donkere dakkapel. Elke keer als ik de trap afliep en langs het schilderij kwam, keek ik ernaar. Het dakje keek terug.

Lees verder “Dak in Delft”

Simon Stevin

Simon Stevin? Als je me een paar maanden geleden had gevraagd wie dat was, zou ik de decimale notatie van breuken, de zeilwagen en zijn liefde voor het Nederlands hebben genoemd. Ik wist ook nog dat het een tijdgenoot was van prins Maurits. Ik had er in Dijksterhuis’ Mechanisering over gelezen, maar zou het niet hebben kunnen navertellen. Daarom was ik blij toen ik ‘Wonder en is gheen wonder’. De geniale wereld van Simon Stevin. 1548-1620 zag liggen, een alweer wat ouder boek waarin de Vlaamse hoogleraren Jozef Devreese en Guido Vanden Berghe uitleggen waaruit Stevins verdiensten bestonden. Het lijkt nog leverbaar via Bol.com.

De ondertitel is exact. Hoewel het boek een biografisch hoofdstuk bevat, gaat het vooral over de intellectuele wereld van Stevin. Dat dit de wereld was van een genie van het kaliber-Galilei en dat Stevin Galilei op veel punten voor was, is na lectuur duidelijk. En ik legde het boek terzijde met de  gedachte dat ik die prioriteit wel eens eerder uitgelegd had willen hebben. Stevin, zo leerde ik, wordt onderschat.

Lees verder “Simon Stevin”