Holland: Rijnsburg

Schaal uit Rijnsburg (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

[Vandaag bestaat de Mainzer Beobachter vijftien jaar, en ik plaats vijftien blogjes over vijftien voorwerpen uit de vijftiennoot Vandaag zijn Holland en Vlaanderen elk weer één gewest. Nederlandssprekende provincies.] 

Rijnsburg

Het mondingsgebied van de Rijn, in de Oudheid gelegen bij Katwijk (Lugdunum) (niet Lugdunum Batavorum) (dat heeft nooit bestaan) (echt niet) (in deze regio woonden immers de Cananefaten) (en dus geen Bataven), was in de Late Oudheid heel erg belangrijk. Afgezien van Katwijk waren hier nederzettingen als Valkenburg en het op de tegenoverliggende oever gelegen Rijnsburg. In de Merovingische tijd zou hier een bestuurscentrum zijn, wellicht doordat een nieuwe heerser het oude Romeinse fort van Valkenburg in gebruik heeft genomen. Logisch: eeuwenlang kwamen hier de schepen aan vanuit zowel Brittannië als het Rijnland.

Lees verder “Holland: Rijnsburg”

Vragen rond de jaarwisseling (3)

Reconstructie van het gezicht van Sensaos (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik nodigde u onlangs uit om vragen te stellen voor het lijstje “Vragen rond de jaarwisseling” van 2024. De eerste zes vragen beantwoordde ik hier, de volgende zes daar, en hier zijn er nog eens zes.

13. Hoe gradueel ging het klassieke Latijn als voertaal uit West-Europa over in de Romaanse talen?

Voor zover ik weet ligt er een probleem met onze data: we hebben alleen geschreven teksten. Uiteraard bevatten die regelmatig opmerkingen over de spreektaal, maar de schrijftaal kennen we wel beter dan de dagelijkse omgangstaal. Het klassieke Latijn en het klassieke Grieks bleven lang in gebruik omdat dit de talen waren waarmee de elites met elkaar communiceerden. Ze hadden een positie die vergelijkbaar is met het hedendaagse standaard-Arabisch.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (3)”

Lugdunum Batavorum

De Latijnse naam van Leiden is Lugdunum Batavorum, “het Lugdunum der Bataven”. Je hoeft geen Latijn te hebben gestudeerd om te weten dat dit onzin is. De stad lag in het grensgebied van twee andere antieke stammen: ten zuiden van de Oude Rijn woonden de Cananefaten, wier hoofdstad lag bij Voorburg, en ten noorden van de Rijn woonden de Kleine Friezen, die als voornaamste centrum een heiligdom hadden in de Velserbroek. Als u dat laatste nog niet wist, hoeft u zich niet te schamen, want de vondsten uit deze antieke cultusplaats zijn nog nauwelijks  gepubliceerd. Waar het me nu om gaat is dat u allang weet dat er geen Bataven woonden in Zuid-Holland. Die woonden immers in het grote rivierengebied. Hun hoofdstad was Nijmegen.

Verzinsel

Lugdunum Batavorum is een verzinsel uit de zestiende eeuw. De mensen in onze contreien hadden ruzie met buitenlandse machten. Eerst vocht Gelre tegen Bourgondië. Later vocht de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden tegen de Spaanse koning. Zowel de Geldersen als (later) de Hollandse opstandelingen ontwaarden een parallel tussen hun eigen conflict en de opstand van de Bataven tegen de Romeinen. Op historische landkaarten werd het gebied van de Bataven daarom wat vergroot, zodat het grenzen kreeg die ruwweg leken op die van de Republiek. Zo werd Zuid-Holland met terugwerkende kracht Bataafs.

Lees verder “Lugdunum Batavorum”