VIIII Hispana: het legioen van Rosemary Sutcliff (1)

Grafsteen van Moranus, soldaat van VIIII Hispana (ingemetseld in de stadspoort van Motovun)

Kan een Romeins legioen negentien eeuwen na zijn verdwijning nog tot de verbeelding spreken? De enige Romeinse militaire eenheid die daar in slaagt, is het Negende Legioen Hispana. De reden is welbekend: het fenomenale kinderboek van Rosemary Sutcliff, De adelaar van het Negende. Ze vertelt het verhaal van de speurtocht naar het lot van het legioen, dat vanuit York noordwaarts de Schotse mist in was gemarcheerd en waarvan nadien niemand meer was vernomen. Ik ken niemand die het een slecht boek vond, het heeft eindeloos veel jonge mensen een fascinatie bijgebracht voor het oude Rome, het is verfilmd en het heeft een hardnekkig misverstand opgeleverd, want het legioen is niet in Schotland verdwenen. Daar heb ik het vaker over gehad en dat laat ik nu verder rusten.

Caesar

VIIII Hispana behoorde met de legioenen VII, VIII en X Equestris tot de oudste eenheden in het keizerlijke leger. Dit viertal was al bij Julius Caesar toen hij in 58 v.Chr. de Gallische Oorlog ontketende. Caesar noemt het Negende bijvoorbeeld in zijn verslag van de strijd aan de Sabis, de Selle in Noord-Frankrijk, waar hij de Nerviërs versloeg.

Lees verder “VIIII Hispana: het legioen van Rosemary Sutcliff (1)”

Muiterij tegen Caesar

Romeinse soldaten, iets later dan die van Caesar (Musée et théâtres romains, Lyon)

Als ik u zeg dat het november was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar oktober 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

En het antwoord is: een toespraak houden in Placentia, het huidige Piacenza op de Povlakte. Het verhaal wordt verteld door Appianus, van wie ik al eerder schreef dat het een van de beste historici is uit de oude wereld. In de vertaling van John Nagelkerken begon het Negende Legioen, dat na de gevechten bij Ilerda terug was gezonden naar de Povlakte,

te muiten en gaf het de officieren er de schuld van dat de expeditie zo traag verliep en dat de soldaten niet de vijf minae kregen die Caesar hun als beloning had toegezegd toen ze nog in Brundisium waren.

Lees verder “Muiterij tegen Caesar”

Hannibal: van Saguntum tot Cannae

Het slagveld bij het Trasimeense Meer

[Dit is het tweede van vier stukjes over het leven van de Karthaagse veldheer Hannibal. Het eerste was hier.]

Terwijl in Karthago diplomaten spraken over de uitlevering van Hannibal, was deze bezig met de voorbereiding van een grote oorlog. Iberische troepen werden overgeplaatst naar de Maghreb, Afrikaanse troepen werden het nieuwe garnizoen van Iberië. Hij benoemde zijn broer Hasdrubal tot bevelhebber in Iberië, en stak in de zomer van 218 v.Chr. de rivier de Ebro over. Het was oorlog, zoveel was duidelijk. Onmiddellijk stuurde Rome versterkingen naar Sicilië, waar de  oorlog naar verwachting zou ontbranden. De Romeinse vloot bleek oppermachtig, schakelde de Karthaagse vloot uit en verhinderde zo dat Hannibal overzee bevoorraad zou worden als hij in Italië was. Dit zou de komende jaren nauwelijks gebeuren.

Het was dus een waagstuk, dat Hannibal de Pyreneeën overstak om de oorlog naar Italië te brengen. Hij zou er op zichzelf zijn aangewezen. Of hij dit altijd van plan is geweest, zoals onze bronnen beweren, is moeilijk uit te maken. Ze vertellen het verhaal zoals Rome het graag zou hebben gezien. In elk geval: hij trok met een leger van 50.000 man infanterie, 9.000 man cavalerie en 37 olifanten door de Languedoc, stak de rivier de Rhône over (misschien bij Avignon), rukte op naar een plek die Het Eiland wordt genoemd en trok daarvandaan de Alpen over. Begin november 218 hadden 20.000 soldaten en 8.000 ruiters de vlakten langs de rivier de Po bereikt in de buurt van de stad Turijn.

Lees verder “Hannibal: van Saguntum tot Cannae”

Ingewandenschouw

Model van een schapenlever (replica van een voorwerp uit Piacenza)
Model van een schapenlever (replica van een voorwerp uit Piacenza)

Ik behoor tot degenen die de laatste weken vrijwel elke dag even keken op de website Fivethirtyeight. Amerikaanse verkiezingen zijn belangrijk en ik wilde weten wat ons te gebeuren stond. Niet dat zoiets werkelijk uitsluitsel biedt, maar als je vooraf weet dat Trump 35% kans heeft het presidentschap te winnen, sta je niet verbaasd als het ook gebeurt. Kortom, ik snap wel waarom mensen de toekomst willen kennen en ik heb zelfs een boekje geschreven over de methoden van de futurologie. Het is namelijk niet alleen koffiedikkijken in de toekomstvoorspellerij.

Koffiedikkijken was het ook in de Oudheid nooit helemaal. De Babylonische astrologen ontdekten reële verbanden, zoals dat tussen bepaalde sterrenbeelden en de waterstanden. Als u nu zegt “correlatie is geen causaliteit” heeft u volkomen gelijk, want beide verschijnselen zijn het gevolg van de scheve baan van de aarde om de zon. Als je zoiets echter niet weet, is het ontdekken van zo’n verband een hele stap voorwaarts. Al is het maar omdat je de sterren kunt gebruiken om te leren wanneer je de sluizen van de afwateringskanalen moet gaan openen.

Lees verder “Ingewandenschouw”