Op bezoek in Libanon (3): de maronieten

De Qadishavallei, de heilige vallei van de maronieten.

De maronieten zijn een van de belangrijkste christelijke groepen in Libanon. Waar die groep precies vandaan komt, is een ingewikkeld verhaal, waarvan het deel over een Arabische migratie vanuit Jemen naar het noorden (dankzij die Arabische inscripties waarover we het hier al eens hadden) inmiddels geldt als achterhaald en waarvan het deel over christelijke disputen en monotheletisme te ingewikkeld is om te herhalen. Wie Sint-Maron was, is ook nogal lastig. Waarom de maronieten Syrië hebben opgegeven en zich hebben teruggetrokken in Libanon, is helemaal ingewikkeld.

De maronieten

Gelukkig is het enige dat u weten moet wel simpel: ze werden rond 1100 bedreigd door Byzantijnen, Fatimiden en Seljuken, en kozen daarom voor samenwerking met de Kruisridders. Een samenwerking die lang niet altijd harmonisch was maar die wel betekende dat de maronieten zich meer en meer zijn gaan beschouwen als oostelijke buitenpost van de rooms-katholieke kerk. De maronitische “patriarch van Antiochië en het gehele Oosten”, Bechara Boutros al-Rahi, is tegelijk kardinaal van Rome. De maronitische basiliek in Beiroet is een kopie van de Maria Maggiore en maronitische geestelijken volgen een deel van hun opleiding in Rome.

Kruisstaf van Lodewijk de Heilige (Qozhaya)

Zoals het Vaticaan voor katholieken een lieu de mémoire is, zo is dat voor de maronieten de Qadishavallei, en qadisha betekent gewoon heilig. Er woonden heremieten, er zijn kloosters, de patriarch verblijft er, en ook leidende families als de Franjiehs komen hier vandaan. De dichter-schilder Kahlil Gibran trouwens ook. Ik was eerder in deze vallei geweest, maar kende het gebied eigenlijk niet, dus ik heb me vandaag laten meenemen door iemand die er veel verstand van heeft.

Kloosterleven

Een van de oudste maronitische monumenten is de kluis, gewijd aan Sint-Simeon. Deze hermitage bestond uit een stuk of vier schier onbereikbare grotten, met een kapel erbij. Het complex, gelegen aan de zuidkant van de vallei en alleen open voor de ochtendzon, is nu bereikbaar via trappen en een brug, en het uitzicht is geweldig. Hier leefden kluizenaars, die al snel meer mensen aantrokken. Zulke groepen heten cenobieten en zijn feitelijk gewone kloosterlingen. De huidige heremieten leven aan de andere zijde van de vallei.

De hermitage van Sint-Simeon

Een klooster dat me goed beviel, is dat van de profeet Elisa. De Libanezen plaatsen nogal wat Bijbelverhalen in eigen land: de Syrofenicische vrouw die Jezus lik op stuk gaf, kwam zeker uit Tyrus; er is hier een Kana; men wijst bij Sidon de plaatsen aan waar Maria ooit is geweest en waar Petrus en Paulus hun ruzie zouden hebben bijgelegd. De profeet Elia zou zijn mantel in de Qadishavallei hebben overgedragen aan Elisa – en daar is dus een klooster voor.

Een hobbelige rit verderop is het klooster van Onze Lieve Vrouwe van Qannoubine, wat een verbastering is van “cenobieten”. Hier waren schitterende muurschilderingen, zoals deze, waarop de drie personen van de Drie-eenheid toezien hoe engelen Maria ten hemel dragen. Dit is dus niet hetzelfde als wat de orthodoxe kerken zeggen over het ontslapen van Maria – we hebben hier te maken met een Latijnse traditie.

Onze Lieve Vrouwe van Qannoubine

Hervormingen

Niet dat de Latijnse traditie altijd maatgevend was. Een van de voornaamste figuren uit de maronitische geschiedenis was patriarch Istifan al-Duwayhi, die u moet plaatsen in het laatste kwart van de zeventiende eeuw. Hij ijverde voor het gebruik van het Arabisch, wat dus ten koste ging van het Latijn. Hij streefde er tegelijk naar zoveel mogelijk westerse wetenschappelijke inzichten over te nemen. Zelf was hij geïnteresseerd in de historische wetenschappen en hij schreef een geschiedenis van de maronieten. Als onze toeristengidsen van sommige kloosters zeggen dat ze teruggaan tot de vierde eeuw, dan is dat gebaseerd op zijn geschriften – en hij benutte bronnen die wij niet langer hebben. Dat wil niet zeggen dat het waar of onwaar is; het wil alleen maar zeggen dat we zijn informatie slecht kunnen beoordelen.

Mede door zijn toedoen ontstond in 1694 de Maronitische Orde, een monnikenorde die als voornaamste vestiging een klooster heeft in Qozhaya, gewijd aan Antonius Abt. Dankzij Fakhr ed-Din, over wie ik al eerder schreef, was hier al de eerste drukpers in de Arabische wereld.

Sint-Antonius, Qozhaya

De maronieten vandaag

De maronieten werden vanaf 1860 door Frankrijk gesteund, die voor hen een eigen gebied afbakenden dat de kern vorm van het huidige Libanon. In de burgeroorlogen was een van de maronitische doelen te verhinderen dat Libanon Syrisch werd, maar het conflict duurde lang en aan het einde waren de maronieten hun leidinggevende positie kwijt. Inmiddels zijn ze politiek verdeeld.

Voor de geloofspraktijk maakt het zoveel niet uit. Gisteren heb ik in Zahlé, een overwegend christelijke stad in de Bekaavallei, met een maronitische familie de kerkdienst bijgewoond voor Pasen. De mis leek wat op de katholieke dienst. De maronitische priester preekte een kwartier, zonder aantekeningen of notities, en voor een merkbaar geboeide parochie. Zijn priesterlijke zegen werd aan de aanwezigen doorgegeven door de kinderen, die vrolijk door de kerk renden en zo hun energie kwijt konden. De gezangen waren prachtig. En op het enorme apsismozaïek van Christus stond de α rechts en de ω links, wat me even verbaasde, maar wat in een Arabisch land ook wel zo logisch is.

Sint-Elisa

Leuke en stoere verhalen

Het was interessant om mee te maken. Maar het gezelschap van de familie was de reden waarom ik hier ben. Ik had wat medicijnen voor hen bij me en kreeg allerlei zoetigheden mee terug. En verder hebben we elkaar over wederzijdse bekenden bijgepraat en allerlei leuke verhalen uitgewisseld. Eigenlijk zou ik ze weer eens naar Nederland willen halen, maar ja, de economische situatie laat het niet toe.

Daar komt nu de oorlog bij. Maar om de vraag die enkelen van u stelden te beantwoorden: nee, het is hier echt veilig. Het enige wat ik ervan merk is dat het Israëlische leger soms het GPS-systeem stoort. Van een brommend geluid werd me gezegd dat het een drone was en het lijkt erop dat de Israëlische luchtmacht vandaag over de Qadishavallei vloog, op weg naar Damascus. Kortom, ik heb u geen stoere verhalen te vertellen. Het enige dat hier gevaarlijk is, is het verkeer. En morgen heb ik vast weer leuke verhalen.

Daniël in de Leeuwenkuil (Onze Lieve Vrouwe van Qannoubine)
Deel dit: