Doggerland

Een 50.000 jaar oude vuistbijl, gevonden op de Maasvlakte. Het voorwerp is gemaakt van Wommersomkwartsiet, gewonnen in Vlaams Brabant, 175 kilometer verderop. Het illustreert hoe mobiel Neanderthalers waren.

Nederland heeft geen archeologiemuseum. Net als Vlaanderen overigens, dat in Brugge tot voor kort wel zo’n museum had. Onze musea tonen vooral voorwerpen, waarmee ze een verhaal over het verleden vertellen. Dat is ook goed. Het verleden is immers belangrijk. Maar ik zou willen dat ergens ook naar behoren werd uitgelegd wat archeologie is. Gelukkig is er nu de expositie over Doggerland in het Rijksmuseum van Oudheden. Het sterke is dat deze niet alleen gaat over de Steentijd van een gebied dat nu ligt op de bodem van de Noordzee, maar dat ze ook vertelt hoe en waardoor we weten wat weten.

De naam “Doggerland” is daarbij ietwat misleidend, want die term verwijst naar de Doggersbank, de ondiepte halverwege Nederland en Engeland. De expositie gaat echter over een wat groter gebied. Veel vondsten zijn vlak onder de Nederlandse kust gedaan. De paleolithische voorwerpen komen bijvoorbeeld van de stranden van de Zeeuwse archipel en de Waddeneilanden, terwijl flink wat mesolitische vondsten zijn gedaan op de Maasvlakte. Lees verder “Doggerland”

Klimaatcrisis, 2200 v.Chr.

Hoe een klimaatcrisis eruit ziet: stofstorm in het noorden van Mesopotamië

In een eerder stukje in mijn reeks over het handboek oude geschiedenis dat ik, in een recente herdruk, aan het lezen ben, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, wees ik erop dat als het boek nu zou zijn opgezet, er geen gescheiden behandeling zou zijn geweest van Egypte in het derde millennium en Mesopotamië in het derde millennium. De Vroege Bronstijd, zoals we deze periode ook wel noemen, veronderstelde handel in tin en netwerken die zich uitstrekten over duizenden kilometers. Hoewel in de twee genoemde regio’s voor ons leesbare schriftsystemen zijn ontstaan die voor ons begrijpelijke talen documenteren, was het Nabije Oosten onderdeel van één groot, vroeg wereldsysteem.

Hypercoherentie

Een systeem dat hypercoherent was geworden. U herinnert zich die term uit de complexiteitstheorie nog van de kredietcrisis van 2008 of kunt haar kennen uit het fijne boek van Eric Cline over het einde van de Late Bronstijd, 1177 BC. Het komt erop neer dat als alles met elkaar vervlochten is, een ramp in één onderdeel onvermijdelijk gevolgen heeft voor de andere delen. Je zou willen dat een van de onderdelen ongeschonden overeind bleef, als een anker voor de andere, maar in een hypercoherent systeem ontbreekt dat. Dat was niet alleen de situatie aan het einde van de Late Bronstijd, maar ook in de tweeëntwintigste eeuw v.Chr.

Lees verder “Klimaatcrisis, 2200 v.Chr.”

Periodisering en naamgeving

Een Mesopotamische stofstorm

Er bestaat een soort conventie dat de Oudheid eindigde in 500 na Chr. en dat de Middeleeuwen daarna duurden tot 1500. Daarop volgen de Nieuwe Tijd en de Nieuwste Tijd. Een echte grens tussen die twee laatste valt niet te trekken: sommigen vinden de Franse Revolutie en de daarop volgende Napoleontische Oorlogen belangrijk, anderen 1848 of 1870, weer anderen wijzen op het breukvlak rond 1900. Er is voor alles wat te zeggen, zoals je ook kunt zeggen dat de eindgrens van de Middeleeuwen een eeuw voor of een halve eeuw na 1500 mag worden gelegd. Ik denk dat er momenteel meer historici zijn die de eindgrens van de Oudheid rond 650 plaatsen dan historici die vasthouden aan het einde van de vijfde eeuw. Het kan allebei.

De reden van dit alles is natuurlijk dat onze belangstelling verschuift. Eind vijfde eeuw vond de desintegratie van het West-Romeinse staatsapparaat plaats en ontstonden opvolgersstaten die eind zesde eeuw pseudo-etnische namen kregen als  “Frankisch” of “Ostrogotisch”. In de negentiende eeuw was men geobsedeerd door eenheidsstaten en dus vond men de in de vorige zin genoemde gebeurtenissen rond 500 belangrijk. Tegenwoordig kijken we minder naar de eenheidsstaat en meer naar de economie, zodat een latere cesuur voor de hand ligt. Zouden we religie belangrijk vinden, dan zijn de implosie van het heidendom eind vierde eeuw of de formalisering van de islam eind zevende eeuw relevant. Zoveel hoofden, zoveel zinnen.

Lees verder “Periodisering en naamgeving”