Een dag in Córdoba

Een Turdetanische dame (Archeologisch Museum van Córdoba)

Ik ben dus in Córdoba, een van de voornaamste steden in Romeins Andalusië. En Andalusië was weer een van de voornaamste provincies van het imperium. De regio stond vol olijfbomen, langs de Guadalquivir waren pottenbakkersovens, de groengele olie ging per schip richting Rome, waar de amforen belandden op een enorme schervenberg. De olie diende als brandstof voor lampjes, als zeep en als smaakmaker in het eten van de mensen. Andalusië moet 52.000.000 liter per jaar hebben geëxporteerd. De geleerde die het allemaal heeft onderzocht, was de op deze blog al eens genoemde Heinrich Dressel.

Antieke stad

Córdoba was ouder. De naam bevat het element qrt, “stad”, wat duidt op Karthaagse aanwezigheid, maar die is archeologisch niet geïdentificeerd. Ik hoorde vandaag een andere etymologie, namelijk dat de naam is afgeleid van Fenicische koteba, “olijfpers”. Ook heb ik gelezen dat achter het woord Cordoba de naam van de stam der Turdetaniërs schuilgaat. (Ik schreef al eens over dit Iberische volk.) Ten westen van de huidige stad is inderdaad een heuvelfort gevonden van de Turdetaniërs, die ook wel worden aangeduid als de Tartessiërs. Volgens mij is dat hetzelfde woord. Ik laat het voor wat het is.

Lees verder “Een dag in Córdoba”

Garibaldi (1)

Garibaldi
Garibaldi

The Stranglers zongen het al: er zijn geen helden meer. Voor wie je ook bewondering hebt, er blijkt altijd, altijd een schaduwzijde te zijn. Ik denk niet dat degenen die aan de Amsterdamse Apollolaan een standbeeld oprichtten voor Gandhi, dat zouden hebben gedaan als ze hadden geweten dat de Mahatma meende India’s voedselproblemen te kunnen oplossen door de mensen hun eigen uitwerpselen te laten eten. Zo is er met elke held wel iets. Er is geen koe zo bont of er zit wel een vlekje aan.

Giuseppe Garibaldi

Eigenlijk blijven maar een paar helden overeind. Een daarvan is Giuseppe Garibaldi. Maar Hans Teeuwen zong het al: wie was dat ook alweer? De beste mij bekende typering kwam ik ooit tegen in de boekenbijlage van het Handelsblad: Garibaldi was een held op zoek naar een ideaal.

Lees verder “Garibaldi (1)”

De naam van de roos

In het begin was het woord, dat al vrij snel werd gevolgd door taalplezier. Mensen kunnen niet alleen communiceren maar hebben er ook over nagedacht hoe ze dat het prettigst en effectiefst doen. Een mooie metafoor verduidelijkt. Een elegante opbouw verheldert. Esprit houdt de aandacht vast. Wie woorden zo gebruikt dat mensen luisteren of lezen met plezier, communiceert effectiever.

Om het tekstplezier te vergroten, kun je gebruik maken van citaten. Je kruidt er je tekst mee en behaagt je lezer, die zich gevleid voelt omdat je een brede algemene ontwikkeling bij hem veronderstelt. De beste manier om te citeren is het niet al te nadrukkelijk te doen, zodat degene die de verwijzing herkent erom kan glimlachen, maar degene die haar niet herkent niet het gevoel heeft iets te missen. Het eerste gebod bij een goed citaat is, om Joost Zwagerman aan te halen, dat elke boerenlul de tekst moet kunnen blijven begrijpen.

Lees verder “De naam van de roos”

Borges, De Aleph

Borges

Er bestaat een artikel – ik meen dat het is gepubliceerd in het Handelsblad – dat ermee begint dat de auteur zich afvraagt of hij mensen de lectuur van een boek van Jorge Luis Borges wel moet aanraden. Ik herinner me niet wat de recensent op zijn eigen vraag antwoordde en wat hij nog meer vertelde, maar deze openingszin is me bijgebleven. De verhalen van de Argentijnse auteur zijn namelijk niet ieders smaak.

Hij heeft veel gelezen, en dat laat hij je merken ook. Ik heb onlangs De Aleph herlezen, Annie Sillevis’ in 1964 verschenen Nederlandse vertaling van een elftal verhalen die in 1956 en 1957 in twee bundels zijn verschenen. Wat me meteen opviel was het enorme aantal verwijzingen naar andere boeken. Zulk vertoon van eruditie zou nu, een halve eeuw later, verdacht zijn, en daarom weet ook ik niet of ik mensen de lectuur van Borges moet aanraden, maar mij prikkelt het. Je kunt Borges een snob noemen, maar je kunt hem ook zien als een etalage vol boeken die je nog eens zou kunnen lezen.

Lees verder “Borges, De Aleph”