Conjecturen en kritische apparaten

Voorbeeld van een kritisch apparaat

Een paar weken geleden blogde ik op deze plaats over de Lachmannmethode, waarmee filologen vaststellen hoe antieke teksten, die we vooral kennen uit middeleeuwse handschriften, precies moeten zijn geweest. De truc is kopiistenfouten te gebruiken om een stamboom van handschriften te maken. Daar blijft het werk van filologen echter niet toe beperkt, zoals blijkt uit een voorbeeld dat ik ontleen aan de Anabasis, de biografie die de Grieks-Romeinse auteur Arrianus wijdde aan Alexander de Grote.

Hij meldt dat bij de stad Babylon een kanaal lag en dat heet in de handschriften nu eens Pollakopas en dan weer Pollakottas. Wie met de Lachmannmethode een archetype reconstrueert, komt er niet echt uit. Er zijn niet voldoende handschriften om één variant de voorkeur te geven en het woord is niet Grieks, dus dat helpt ook al niet. De filoloog zal op dit punt een keuze moeten maken. Gelukkig is dat niet moeilijk, want het kanaal is bekend uit kleitabletten en heet daarin Pallukkatu. We mogen aannemen dat Arrianus een correcte vorm heeft gebruikt en dat er twee groepen handschriften zijn ontstaan doordat een kopiist het ongebruikelijke woord verkeerd las. Het verschil tussen π en ττ is immers niet zo heel erg groot en leent zich voor het type schrijffout dat bekendstaat als permutatie. De tekstcriticus zal daarom “Pollakottas” beschouwen als authentiek.

Lees verder “Conjecturen en kritische apparaten”

Peutingerkaart

Rome op de Peutingerkaart (Österreichische Nationalbibliothek)
Rome op de Peutingerkaart (Österreichische Nationalbibliothek)

Ik moet vijftien of zo zijn geweest toen ik in het voormalige museum Kam in Nijmegen de Peutinger-landkaart voor het eerst zag. Of beter: een mooie oude replica uit 1591. De eindeloos lange kaart fascineerde me: ze toonde het hele Romeinse én Perzische wegennetwerk, zij het met heel vreemde proporties. De noord-zuid-verhoudingen zijn samengeperst tot 33 centimeter, terwijl de kaart een kleine zeven meter lang is.

De kaart, genoemd naar de Augsburgse geleerde die haar ontdekte, Konrad Peutinger, is getekend in de Oudheid en (zoals zoveel antieke teksten) overgeleverd in een middeleeuwse kopie. Ze vormt een sleuteldocument voor het begrip van de antieke geografie. Zo leren we dat 35 kilometer ten westen van Tongeren een plaats moet hebben gelegen die “Pernacum” heette. Daar zijn inderdaad Romeinse resten gevonden, namelijk bij Braives, een naam waarin je met enige goede wil het woord “Pernacum” nog herkent.

Lees verder “Peutingerkaart”