De mantel van Martinus

Ik ken meneer Hagenaars uit Diemen niet. Hij is de auteur van de bovenstaande brief, die vrijdag te lezen viel in Trouw. en een reactie is op deze column van Koos Dijksterhuis. De briefschrijver legt uit dat Martinus van Tours de helft van zijn mantel aan de armen gaf omdat hij soldaat was en de helft van zijn mantel eigendom was van Rome. Door een halve cape te geven, gaf hij zijn hele bezit.

Een van de vaste gebruikers van de reageerpanelen van deze blog legde de brief aan me voor. Hij had hier nog nooit van gehoord, geloofde ik het?

Nou, nee. Ik geloofde onmiddellijk dat Hagenaars het te goeder trouw had geschreven, want de verklaring valt ook op verschillende internetsites te lezen. Meestal met precies dezelfde formulering: “de mantel was eigendom van Rome”. Het staat eveneens op de Wikipedia. Het gaat evident terug op één bron, maar dat wil niet zeggen dat de verklaring juist is. Het zweemt naar een bepaald soort verklaringen dat je wel vaker tegenkomt.

Lees verder “De mantel van Martinus”

Martinus van Tours (Sint-Maarten)

SInt-Maarten (Museum Mayer van den Bergh, Antwerpen)

Dat niet alle christelijke heiligen bescheiden personen waren, wordt geïllustreerd door Martinus van Tours. Sint-Maarten, zoals u hem kent, nam zelf een biograaf in dienst om zijn heiligenleven schrijven. Je zou je ergeren aan Sulpicius SeverusLeven van de heilige Martinus  als de tekst niet zo interessant was. Martinus was namelijk bepaald geen kwezel.

Het verhaal van de mantel

Hij begon zijn loopbaan bij de Romeinse cavalerie en was achttien toen hij zich in 335 bekeerde tot het christendom. Dat gebeurde, zo lezen we, nadat hij bij de stadspoort van Amiens een naakte man had zien zitten, die door iedereen werd genegeerd. Het was hartje winter.

Lees verder “Martinus van Tours (Sint-Maarten)”

Akelige apocalyptiek

De katholieke kerk vierde gisteren Sint-Maarten en daarom wilde ik gisteren mijn wekelijkse Sargasso-column wijden aan de Romeinse soldaat die ooit zijn kostbare mantel in tweeën sneed om een arme sloeber te kleden, later het kloosterleven in West-Europa introduceerde en als bisschop van Tours opvallend sober leefde. Ik zou hebben verteld hoe hij, toen een ketter door een reeks juridische dwalingen ter dood dreigde te worden veroordeeld, een Romeinse keizer inpeperde dat deze maar een gewone gelovige was en niet boven de wet stond. Zo gaf Martinus van Tours een voorbeeld aan Ambrosius van Milaan, die enkele jaren later een andere keizer diets maakte dat het feit dat hij een geweldsmonopolie had, nog niet wilde zeggen dat hij onbeperkt zijn gewelddadige gang mocht gaan.

Dat ik die column niet schrijf, is de schuld van oud-president Bush Jr. Aanstaande donderdag spreekt hij op het fondsenwerfdiner van de Messianic Jewish Bible Institute, een instelling die opkomt voor de ‘messiasbelijdende joden’. Omdat die soms worden gediscrimineerd, is het aardig dat Bush het voor ze opneemt.

Lees verder “Akelige apocalyptiek”