De last van subsidie

Multatuli’s bureau

Vandaag maakte de Amsterdamse Kunstraad zijn advies bekend over de wijze waarop de gemeente Amsterdam de komende jaren de schone kunsten moet subsidiëren. Daar gaan behoorlijke bedragen bij om, en menigeen was geïnteresseerd hoe zijn of haar favoriete instelling was beoordeeld. De server van de website waarop een en ander werd aangekondigd, schijnt de toeloop niet aangekund te hebben: de website was vanmiddag onbereikbaar.

Eén van de instellingen waarin ik zelf belang stel, is het Multatuli Huis, dat de herinnering levend wil houden aan een schrijver die, met een woord van W.F. Hermans, al ruim een eeuw interessant is. Dat schreef Hermans ook alweer een tijdje geleden, dus u mag daar best “anderhalve eeuw” van maken. Dat er een museum aan hem is gewijd, is dubbel en dwars terecht.

Lees verder “De last van subsidie”

De Ilias

Apotheose van Homeros (British Museum)

Troje is een legendarische plaats, in de letterlijkste zin des woords. Dat komt door één gedicht, de Ilias. Het moet ergens in de achtste eeuw v.Chr. zijn samengesteld (hoewel niet per se in de vorm waarin wij het kennen) door een dichter die “Homeros” wordt genoemd. Hij snijdt verschillende thema’s aan, maar de centrale gedachte is hoe erg het is als tijdens een oorlog de leiders verdeeld raken.

En passant legt Homeros uit wat van een leider wordt verwacht, zoals in het gesprek tussen de twee aanvoerders van de krijgers uit Lycië, Sarpedon en Glaukos. De eerste legt de tweede uit waar het in het leven om draait:

Lees verder “De Ilias”

Het Multatuli-Museum

amsterdam_multatulimuseum_03

Vorige week zocht ik – naar ik inmiddels weet: op de verkeerde plaats – naar het huis waar Multatuli de Max Havelaar schreef. Vandaag vond ik, al was het niet mijn opzet, het huis waar de schrijver is geboren.

Grappig genoeg had het een met het ander te maken, want ik zou niet naar het geboortehuis zijn gegaan als ik niet, fietsend langs de Herengracht, het bordje “Bergstraat” had gezien, en me had bedacht dat ik nog donderdag door een Brusselse Bergstraat had gewandeld, zoekend naar het Havelaarhuis. Nog peinzend over mijn onsuccesvolle speurtocht passeerde ik de Korsjespoortsteeg, waar het geboortehuis staat. Er is een klein museum, dat ik al jaren ken maar nog nooit eerder had bezocht.

Lees verder “Het Multatuli-Museum”

Multatuli in Brussel

Ik was een dagje in Brussel en passeerde dit huis, Bergstraat 60. In de negentiende eeuw zat op dit adres het hotel Au Prince Belge. Multatuli verbleef er in 1859, vond de mensen met wie hij er woonde erg aardig, en schreef hier in vier weken tijds zijn Max Havelaar.

Is het dit huis? Ik aarzel. Ik aarzel zeer. Ik zag nergens het gedenksteentje waarvan op het internet foto’s circuleren. De eveneens her en der op het internet te lezen bewering dat het toenmalige adres Bergstraat 60 identiek is aan de huidige Bergstraat 52, is in elk geval onjuist. Misschien is het pand aan de Arenbergstraat 54, waar nu een keukenwinkel zit, wel het echte huis dat vroeger werd aangeduid als Bergstraat 60. Ik heb het niet kunnen uitmaken.

Lees verder “Multatuli in Brussel”

Meester Pennewip

Er is net een nieuwe editie op de markt gekomen van Woutertje Pieterse, dat ik beschouw als het mooiste boek van Multatuli. Een van de mooiste personages is Meester Pennewip, de leraar van de titelheld. Hij is gaan gelden, zo zie ik vandaag weer op deze pagina, als “archetypische schoolfrik”.

Ik begrijp waar dat idee vandaan komt, maar Pennewip zou nooit zo bekend zijn geworden als hij echt een typetje was. In feite is hij een mooi, rond karakter, zoals in de Havelaar ook Droogstoppel enkele scherpzinnige opmerkingen maakt waarvan Multatuli later zei dat hij ze zelf had kunnen maken. (Denk bijvoorbeeld aan Droogstoppels hoon voor dichters die meisjes “een engel” noemen; dat is inderdaad een cliché.) Multatuli werkt niet met sjabloons. Daarom overtuigen zijn personages.

Lees verder “Meester Pennewip”

Op admiraal De Ruyter

Michiel de Ruyter, standbeeld in Vlissingen

In een van de bekendste scènes uit Multatuli’s Woutertje Pieterse zit meester Pennewip de gedichtjes te lezen die de kinderen in zijn klas hebben geschreven. Er is evident gespiekt, maar de conservatieve onderwijzer behoudt zijn goede humeur, en zal straks, als hij het onthutsende roverslied van Woutertje heeft gelezen, bezorgd op huisbezoek gaan bij de familie Pieterse. Pennewip is een beminnelijker personage dan wel wordt aangenomen.

En volgens Multatuli had tenminste één van zijn leerlingen echt talent, getuige het lofdicht op Michiel de Ruyter van Woutertjes klasgenoot Leentje de Haas. Een verrukkelijk rijm.

Lees verder “Op admiraal De Ruyter”

Multatuli

Multatuli’s Max Havelaar is tweemaal uitgeroepen tot de beste roman die ooit in ons taalgebied is geschreven. Ik vraag me altijd af waarom mensen zulke wedstrijden organiseren, maar dat laat onverlet dat ik Multatuli een knappe auteur vind. Niet voor niks heb ik mijn blog genoemd naar een krant die hij ooit heeft verzonnen om zijn meningen makkelijker te kunnen uiten. En sprekend over bloggen, Multatuli’s Ideën zijn te lezen als ’s werelds oudste blog. Daarin was ook Woutertje Pieterse opgenomen, een van mijn favoriete boeken.

De afgelopen twee weken heb ik het ruim 900 pagina’s tellende boek gelezen dat Dik van der Meulen wijdde aan Eduard Douwes Dekker (zoals Multatuli eigenlijk heette). De biograaf doet zijn onderwerp recht: het is een prachtig boek.

Lees verder “Multatuli”

Tweemaal Woutertje Pieterse

De auteur van “Woutertje Pieterse”.

Als het aan Multatuli zelf zou hebben gelegen, was Woutertje Pieterse nooit verschenen. Het verhaal van een gevoelige jongen die in de eerste helft van de negentiende eeuw opgroeit in het westen van Amsterdam, verscheen als een reeks fragmenten in de bundels Ideën die hij tussen 1862 en 1877 het licht deed zien. De schrijver vond dat deze presentatie iets toevoegde aan het verhaal en zag Woutertje Pieterse liever niet als zelfstandig boek.

Meestal doet het nageslacht er goed aan de wil van een overleden schrijver te eerbiedigen. Niet alleen is dat een uiting van piëteit, maar bovendien weet de auteur in de regel zelf het beste of zijn product wel de moeite van het bewaren waard is. De eeuwige schandvlek op de westerse letteren die Aeneïs heet zou ons bespaard zijn gebleven als keizer Augustus die prul gewoon had vernietigd, zoals de stervende Vergilius hem vroeg. Multatuli’s verbod op een zelfstandige uitgave is op deze regel geen uitzondering: de schrijver geeft in de andere ideeën wel eens toelichting op Woutertje, en omgekeerd zijn sommige Wouterfragmenten uitwerkingen van eerdere invallen. Een uitgave van alleen de Woutertje Pieterse-Ideën is zo beschouwd een verarming.

Lees verder “Tweemaal Woutertje Pieterse”