Poëzie: Sappho

Sapfo, door de Brygos-schilder (Antikensammlung, Munchen)

Sappho

Zij was al kruik voor ik haar kende fameus
van Dionysische toetjes oermoeder
om wie gelachen werd in Zeeuws klaslokaal
tussen worteltrekken en windrichtingen

gehoond om gekuiste scherven
Sommigen noemen een stoet van ruiters voetvolk of schepen
het mooiste wat bestaat op de donkere aarde

bleef zitten maar bestelde zinnen
die smaakten naar diepte
met slotgracht waar uilen voorleefden
hoe je uit schatlijsten nabij kon komen

ellebogen vouwden uit schachten
floten vertaalde zuchten

flarden van huid die ik herkende
toen zij al boven mijn bed logeerde
in haar klapperende zwart wit-tuniek

tokkelde op een wijnvat in München
dertig jaar tot ik haar opzocht
eveneens moedertaal had gevonden
und noch so einiges mehr

Lees verder “Poëzie: Sappho”

Sapfo, de maan en de Plejaden

Sapfo (Archeologisch museum, Sparta)

Ik heb weleens geschreven dat als iemand het woord “Sapfo” in de mond neemt, er onzin zal gaan volgen. Dat was natuurlijk een hyperbool, maar helemaal onzinnig is het niet. We kennen Sapfo’s in de Oudheid veel geprezen poëzie alleen uit een beperkt aantal zeer korte fragmenten. Over de authenticiteit is vaak discussie en toen een paar jaar geleden na een misdrijf enkele langere gedichten bekend werden, leerden we dat classici gedragscodes en strafrecht als onzin beschouwen en bij wijze van retractie ook weer onzin uitsloegen. Ik hoop nu dat dit blogje niet méér onzin bevat dan u verwacht van een blog: een uit de losse pols geschreven observatie.

Het gaat me om een van de allerberoemdste Sapfo-gedichten, fragment 168b, waarvan de authenticiteit overigens omstreden is. Hier is de vertaling van Paul Claes.

Lees verder “Sapfo, de maan en de Plejaden”

Poëzie: Het eerste woord

Het eerste woord

Ik heb ooit jarenlang gezocht
Op een tevergeefse tocht
Naar het allereerste woord

Het woord dat Adam heeft gehoord
Ik weet dat ik het vond
Maar ben vergeten wat er stond

Wees tevreden met het heden
Graaf niet te diep in het verleden
Het is geen ramp om te vergeten

Je moet niet altijd alles willen weten
Eenmaal aan de laatste poort
Stamel je vanzelf het eerste woord

[Een korte gastbijdrage van de huisdichter van deze blog, Hans Koonings. Dank je wel Hans!]

Poëzie: In conflict met de Oude Wereld

Wierookbrander uit Tenochtitlan (Volkenkundig museum, Leiden)

In conflict met de Oude Wereld

Motecuhzoma Xocoyotzin
Hij die zichzelf heerser maakt door zijn woede
De eenzame die een pijl in de hemel schiet
De hueyi tlahtoani van de Azteken
Zoon van Axayacatl en Xochicueyetl
Opvolger van Ahuitzotl
Kwam in conflict met de oude wereld

[Een korte gastbijdrage van de huisdichter van deze blog, Hans Koonings. Dank je wel Hans!]

Poëzie: Isaac Newton

Isaac Newton (Musée communal, Nijvel)

De Alchemist

In de 17e eeuw leefde in Engeland een alchemist
Die lood veranderde in vloeibaar goud
Waarin hij de wetten van de wereld heeft gebrouwd
Vierkante mannen die dansen op de maan in de mist

Hij gaf aan God wat van God was
Hij gaf aan de Keizer wat van de Keizer was

We veroordelen alle ketters
Wie ze ook mogen zijn
Door twijfel weten we
Door onderzoek wie we zijn

[Een gastbijdrage van de huisdichter van deze blog, Hans Koonings. Vandaag zou Newton 383 jaar zijn geworden, maar de alchimist vond het middel voor onsterfelijkheid niet.

Dank je wel Hans!]

Frits Spits

Bach (Nikolaikirche, Leipzig)

Zo lang ik me kan herinneren, was ook Frits Spits er. Hij neemt vandaag afscheid als radiopresentator. Ooit was hij er met de Avondspits en later was hij er met de Taalstaat, waar ik weleens als gast heb mogen aanschuiven bij het item dat de DigiTaalstaat heette. Dat duurde een minuut of vijf, misschien iets langer, en het gesprek was opgehangen aan de tweets die de studiogast in de voorafgaande weken de wereld in had gestuurd.

Ik heb niet het idee dat ik er zelf veel belangwekkends heb gezegd, maar het was een leuk item waar ik graag naar luisterde. De besproken kreten – want veel meer is zo’n tweet niet – waren weliswaar te kort om werkelijk interessant te zijn, maar Spits wist de studiogasten toelichtingen te ontlokken waardoor die maximaal 280 lettertekens verdieping kregen. De DigiTaalstaat verlegde de aandacht van een kreet naar iets wezenlijkers.

Lees verder “Frits Spits”

Poëzie: Keizer Domitianus

Domitianus (Capitolijnse musea, Rome)

Fragment uit een verloren gewaand handschrift van Suetonius, teruggevonden in de abdij van Fulda, vertaald door Marieke Baert. Dit is het laatste deel van een twaalfdelige reeks over macht en onmacht in Rome. Het eerste deel was hier.]

Draaide zijn broer
Een duivelse loer
Raakte met iedereen verstoord

Zonder geweten, zo goed als vergeten
Met de punt van zijn pen
Zijn velen vermoord

Danste zijn dans op het keizerlijk koord
De armste der armen
Komen nooit aan het woord

***

Een gastbijdrage van onze huisdichter Hans Koonings. Dank je wel Hans!

Poëzie: Keizer Titus

Titus (British Museum, Londen)

[Fragment uit een verloren gewaand handschrift van Suetonius, teruggevonden in de abdij van Fulda, vertaald door Marieke Baert. Dit is het elfde deel van een twaalfdelige reeks over macht en onmacht in Rome. Het eerste deel was hier.]

Schijnbaar volmaakt
Zeer welbespraakt
Vreugde en lieveling der mensen

Sleurde het heilige der heiligen
In triomf door de stad
Meer kon men niet van hem wensen

Boog niet voor het lot
Die donderse god
Zijn goedheid kende geen grenzen

***

Een gastbijdrage van onze huisdichter Hans Koonings. Wordt vervolgd. Dank je wel Hans!

De blauwbilgorgel

Blauwbilgorgel (StableDiffusion)

Gisteren begon de Kinderboekenweek en daarom is hier, speciaal voor mijn vriend S (5½), maar ook voor alle andere kinderen van Nederland en Vlaanderen en Suriname en de Antillen: de blauwbilgorgel. Alle ouders adviseer ik deze mooie column van Aleid Truijens, en voor wie een betaalmuur vindt: laat een kind elke dag een half uur lezen in wat zoon- of dochterlief zelf leuk vindt, en lees uw kind elke dag voor, liefst af en toe ook wat poëzie.

Lees verder “De blauwbilgorgel”

Poëzie: Keizer Vespasianus

Vespasianus (Archeologisch museum, Annaba)

[Fragment uit een verloren gewaand handschrift van Suetonius, teruggevonden in de abdij van Fulda, vertaald door Marieke Baert. Dit is het tiende deel van een twaalfdelige reeks over macht en onmacht in Rome. Het eerste deel was hier.]

Meer dan een paar
In het Vierkeizerjaar
We zijn bij de laatste gekomen

Greep de macht
In een daverende slag
De toekomst was aan hem en zijn zonen

Stond aan het roer
Als een gierige boer
Met dank aan de Batavieren en de joden

***

Een gastbijdrage van onze huisdichter Hans Koonings. Wordt vervolgd. Dank je wel Hans!