
In eerdere blogjes heb ik het gehad over mensen als Cassiodorus en de Ierse monniken die, in de tijd na de desintegratie van het Romeinse staatsapparaat in West-Europa, antieke teksten bleven kopiëren. Er is een beeldspraak – ik weet niet van wie – dat zij bij de stadspoort stonden en de West-Europese mensen, die de Oudheid verlieten en op reis gingen naar de Middeleeuwen, nog iets te lezen meegaven. Ik heb dat altijd een mooi beeld gevonden. Het stond me voor de geest toen ik LiviusOrg maakte.
Hoe ging het verder? Ik schreef al over de Europese monniken die de door Cassiodorus en de Ierse monniken begonnen kopieeractiviteit voortzetten. Eigenlijk is dat de culturele analogie van de wetgevingsactiviteit van de post-Romeinse vorsten. Voor een koning was het uitvaardigen van wetten core business; het overschrijven van teksten was dat niet en werd overgelaten aan de kerk. Dat begon te veranderen met de “Karolingische Renaissance”.


Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.