Het einde van de Oudheid

Khusrau en Heraclius (Louvre, Parijs)

De bovenstaande icoon is te zien in de middeleeuwse afdeling van het Louvre in Parijs. Ze is geschilderd in de tijd van de Kruistochten en toont de Byzantijnse keizer Heraclius (rechts) die Khusrau II (links) bestrijdt, de koning van de Sasanidische Perzen. Het is wat ironisch dat laatstgenoemde de geschiedenis is ingegaan met de bijnaam Parvez, “de zegevierende”, want hij won nou net niet.

Het conflict speelde zich af aan het begin van de zevende eeuw. In 604 viel Khusrau het Byzantijnse Rijk binnen en hij had opvallend veel succes: de Anatolische hoogvlakte werd onder de voet gelopen, Perzische troepen veroverden achtereenvolgens AntiochiëJeruzalem en Alexandrië. Uit Jeruzalem namen ze het Ware Kruis mee, de relikwie die in de heilige stad zou zijn vereerd sinds het bezoek van keizerin Helena, de moeder van Constantijn de Grote.

Dit was niet zomaar een conflict tussen de Perzen en de Byzantijnen, zoals er de voorgaande eeuwen meer waren geweest. Het machtsevenwicht was nu serieus verstoord en wat meer was, de Perzen tastten de religieuze fundamenten van het Byzantijnse Rijk aan. Zowel de joden als de christenen analyseerden de politieke situatie in apocalyptische termen.

In Constantinopel kwam echter een keizer aan de macht die was opgewassen tegen de situatie: Heraclius. Hij hervormde het leger en viel in 622 onverwacht de Perzen diep in Azië aan. Daar boekte hij succes na succes, en nu was het de beurt aan het Perzische Rijk om te wankelen. In 628 werd Khusrau door hovelingen vermoord; zijn opvolgers stuurden aan op vrede en gaven het Ware Kruis terug. De oorlog was geëindigd in een Byzantijnse overwinning.

Maar vraag niet wát er was gewonnen. Het was – als we afzien van de Eerste Punische Oorlog – de langste en verwoestendste oorlog uit de Oudheid geweest. De schade was immens. De steden in Anatolië en Syrië, de economisch krachtigste gebieden van de toenmalige wereld, waren zonder uitzondering verwoest en de economie stortte simpelweg in. De oude wereld ging ten onder, de Middeleeuwen begonnen.

Je begrijpt waarom mensen geloofden dat het Einde der Tijden nabij was. Eén van de apocalyptici uit deze jaren was de profeet Mohammed, en het behoeft geen lang betoog dat de Arabische legers later profiteerden van de oorlogsmoeheid van de Byzantijnen en Perzen (zoals Kennedy beschrijft in zijn boek over De grote Arabische veroveringen). De islam expandeerde in het vacuüm dat tijdens de Perzisch-Byzantijnse Oorlog van 604-628 was ontstaan.

Evenmin behoeft het een lang betoog dat het conflict tussen de keizer van Byzantium en de ongelovige Pers die zich aan Jeruzalem had vergrepen, in de twaalfde eeuw kon dienen als voorafspiegeling van de Kruistochten. Daarmee was de toon gezet: nog altijd wordt naar het laatste grote conflict van de Oudheid gekeken alsof het een soort voorloper was van een “clash of civilizations”. Dat is ze nooit geweest, en in de regel zijn degenen die dit soort “lange verbanden” van de Oudheid via de Kruistochten naar onze tijd leggen, niet de beste historici.

[Dit was de tweeëntwintigste aflevering in mijn reeks museumstukken; een overzicht is hier.]

Een gedachte over “Het einde van de Oudheid

  1. MNb

    Rome kwam uit de Eerste Punische oorlog tevoorschijn als een eersterangs machtsspeler en Carthago ging niet ten onder. Het resultaat van de laatste Byzantijns-Perzische oorlog was a) dat Perzië ten onder ging en b) Byzantium aan macht verloor. Men kan dus beargumenteren dat de B-P oorlog vernietigender was.
    Een klassiek geval van twee honden die om een been vechten, waarna een derde er mee heen gaat.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s