De slag bij Kounaxa (3)

Perzische soldaat in uitgaanstenu (Louvre, Parijs)

[Het is kerstmis en in het verleden gaf ik weleens een longread met krijgsgeschiedenis. Eerder bood ik u het Ardennenoffensief, de Tweede Punische Oorlog, de Trojaanse Oorlog. Vandaag gaan we met Xenofon richting Babylon. Hier is het derde deel van een vijfdelig stuk. Het eerste deel was hier.]

Weliswaar hadden de door Klearchos aangevoerde Griekse huurlingen op Cyrus’ rechtervleugel een eenvoudige overwinning geboekt, maar in het centrum en op de linkervleugel moest de rebel zich teweer stellen tegen het koninklijke leger, dat zich opmaakte Cyrus’ Lydiërs te omsingelen. Op dat moment, zo schrijft (de door Gerard Koolschijn vertaalde) Xenofon, kreeg Cyrus zijn broer in het oog.

Toen kon hij zich niet meer inhouden. Met de uitroep: “Daar zie ik ’m!” stormde hij op hem af. Hij trof hem in de borst en bracht hem dwars door zijn pantser een verwonding toe, zoals de arts Ktesias meedeelt, die de wond zelf zou hebben behandeld. Op het moment dat Cyrus toesloeg, trof iemand hem hard onder het oog met een speer.

Wiens zege?

Dat overleefde Cyrus niet en daarmee had koning Artaxerxes de broedertwist gewonnen. Zijn krijgsplan was perfect geweest: bij de dam over de Koninklijke Kanalen had hij ontdekt hoe zijn broer zijn troepen zou opstellen en hij had, toen de legers slaags raakten, de Griekse huurlingen weggelokt door er lichtbewapenden tegenover te plaatsen. Beroofd van zijn elitetroepen had Cyrus alleen nog een wanhoopsaanval op zijn broer kunnen ondernemen. Het bloedvergieten was minimaal geweest en het enige wat nog resteerde was het sluiten van een overeenkomst met de Griekse huurlingen, die geen broodheer meer hadden. Klearchos’ mannen mochten rekenen op het aanbod in Perzische dienst te treden – het was onrustig in Egypte – of op vrije aftocht.

Om een onderpand te hebben voor de onderhandelingen, namen Artaxerxes en Tissafernes Cyrus’ kamp in, waar ze zowel de voorraden als de persoonlijke bezittingen van de huurlingen in beslag namen. De zegevierende koning keerde nu om naar de Grieken, ervan uitgaand dat zij er inmiddels van op de hoogte waren dat Cyrus was gesneuveld en dus inzagen dat er niets meer te winnen viel. Tot zijn verbazing werd hij aangevallen door de huurlingen, die niet beter wisten of ze hadden de veldslag gewonnen.

Naspel

Zonder het op een gevecht te laten aankomen trok Artaxerxes zich terug naar een nabijgelegen dorp, dat hij ontruimde toen de zon onderging. In het even verderop gelegen Kutha zullen die nacht offers zijn gebracht aan de krijgsgod Nergal, die daar zijn voornaamste heiligdom had.

Ondertussen legden de Grieken de Perzische terugtocht uit als vlucht en keerden ze terug naar hun kamp. Pas daar ontdekten ze dat hun leider dood, hun bezit weg en het eten op was.

De slag had enkele uren geduurd en Xenofon zou niet terugkeren naar het dorp waarheen de Perzen zich hadden teruggetrokken. Nooit heeft hij vernomen hoe het heette, maar de naam is bekend uit het verslag van de zojuist al genoemde arts Ktesias: Kounaxa.

[Wordt morgen vervolgd]

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]