Het Alhambra: een hemels paradijs (4)

Albaicín, aan de voet van het Alhambra

In mijn vorige blog heb ik het Mexuar, het Comares en het Leeuwenpaleis beschreven: de bekendste paleizen van het Alhambra. Er waren in de tijd der Nasriden echter meer paleizen in deze ommuurde stad te vinden. Vele hebben de tand des tijds niet overleefd of werden door latere heersers omgebouwd of platgegooid om hun eigen woongemak te dienen. In dit vierde blogje focus ik op deze andere paleizen en enkele christelijke gebouwen, om met het laatste te beginnen.

De christelijke gebouwen van het Alhambra

De Reyes católicos, Isabella van Castilië en Ferdinand II van Aragon, kreeg op 2 januari 1492 de sleutel van het Alhambra overhandigd van Boabdil, de laatste sultan van Granada. Ze waren aangenaam verrast door de schoonheid die ze aantroffen, maar vonden dat de paleizen niet voldoende voldeden aan hun eigen woonwensen. Derhalve was verbouwing wenselijk.

De kleinzoon van Isabella en Ferdinand, Karel V, bezocht Granada in 1526 samen met zijn echtgenote Isabella van Portugal. Ook hij was bijzonder gecharmeerd van het Alhambra en wilde hier graag verblijven tijdens zijn bezoeken aan Granada. Karel pakte het grootser aan en liet een deel van het paleis slopen omwille van de bouw van een renaissance-paleis. Dit paleis, waarvan de benedenverdieping nu als museum fungeert, zal ik niet behandelen. Om in de woorden van Washington Irving te spreken:

With all its grandeur and architectural merit, it appeared to us like an arrogant intrusion. (Tales of the Alhambra, hoofdstuk 3 Interior of the Alhambra p. 40)

Paleis van Karel V in het Alhambra

Het vertrek van Washington Irving

Tijdens de bouw van het paleis van Karel V werden enkele bijgebouwen ingericht waar het keizerlijk echtpaar zou kunnen verblijven tot het paleis voltooid zou zijn. Er zijn in totaal zes vertrekken, maar deze zijn nooit in gebruik genomen door Karel en Isabella. In een van deze vertrekken (vermoedelijk bedoeld als slaapkamer voor het echtpaar) nam Washington Irving drie eeuwen later zijn intrek, in 1829. Deze kamer bevindt zich aan de noordzijde van de Patio (‘binnenplaats’) van Lindaraxa, waarover straks meer.

Irvings kamer
Plaquette

De Garderobe van de Koningin

Een andere aanpassing werd gedaan in de toren van Yusuf I (Torre de Abu l-Hayyay). Binnen deze toren was er een mirador (uitkijkplaats) van de sultanas te vinden. In 1537 werd deze ruimte aangepast voor keizerin Isabella. Deze specifieke ruimte wordt de Garderobe van de Koningin (Peinador de la Reina) genoemd en bevat prachtige fresco’s op de muren van de hand van de Italiaanse schilders Julio Aquiles en Alejandro Mayner.

In de voorkamer is de expeditie van Karel V tegen Tunis afgebeeld en in de Poederkamer zijn onder andere mythologische voorstellingen te vinden. Rondom de toren loopt een open galerij die uitzicht biedt op het Albaicin van Granada en de Darro vallei.

Het beleg van Tunis

Irving vertelt in zijn Tales of the Alhambra hoe hij op een dag op deze toren en Peinador stuit. Hij wordt op slag verliefd en besluit tot grote verbijstering van zijn hospita zijn intrek in deze oude kamers te nemen. ’s Nachts kan hij echter de slaap niet vatten door alle bevreemdende geluiden (en de aanwezigheid van een vleermuis). Hij besluit het paleis te gaan verkennen bij kaarslicht, maar is hier snel van genezen wanneer hij geluiden hoort waar zijn gids Mateo eerder over had verhaald.

De Garderobe van de Koningin in de Toren van Yusuf I

De Binnenplaats van Lindaraxa

De christelijke bijgebouwen bevatten twee binnenplaatsen, waaronder de romantische Binnenplaats van Lindaraxa (Patio de Lindaraja) die zich onder het zogeheten Balkon van Lindaraxa bevindt. Deze binnenplaats, gebouwd tussen 1526-1538, wordt omgeven door een zuilengalerij met bovenin de vertrekken van het keizerlijk echtpaar. Het mooiste element van deze binnenplaats is de centrale fontein met wit marmeren bekken dat dateert uit de tijd der Nasriden. De fontein wordt omgeven door cipressen, acacia’s, sinaasappelbomen en box struiken en het geheel heeft wat weg van een kloostergang.

Binnenplaats van Lindaraxa

Overige Nasridische paleizen en torens

Zoals eerder aangegeven in deel I woonde niet alleen de sultan met zijn familie en hofhouding in het Alhambra. Er waren ook andere paleizen te vinden in de residentiële zone, zoals het paleis van de Abencerrages, al is er hier niet veel van overgebleven.

Het paleis van Yusuf III

In het hoger gelegen deel van de residentiële zone van het Alhambra is het paleis van Yusuf III (r.1408-1417) te vinden. Alhoewel het paleis de naam van deze sultan draagt, wordt er verondersteld dat hij verantwoordelijk was voor het renoveren ervan en dat het paleis toegeschreven kan worden aan sultan Mohammed II (1273-1302). Wat er nu nog van resteert zijn de ruïnes van de verschillende kamers (in opzet vergelijkbaar met het Comarespaleis) en een mooie vijver omgeven door een groene tuin.

Vijver en tuinen van het paleis van Yusuf III

Ferdinand en Isabella schonken het paleis aan de eerste gouverneur van het Alhambra, de graaf van Tendilla, en het gebouw zou hierna door opeenvolgende gouverneurs bewoond worden. De vernietiging van een groot deel van dit paleis is te wijten aan deze zelfde familie; tijdens het conflict tussen de Bourbons en de Habsburgers om de Spaanse Kroon begin achttiende eeuw kwamen eerstgenoemden als winnaar uit de bus. De Tendilla-familie had echter op het verkeerde paard gewed en verloor het burgemeesterschap en het paleis op gelast van Filips V. De familie besloot dat als zij hier niet mochten wonen, anderen dat ook niet mochten en vernietigden een deel van het paleis.

Het Partal Paleis

In het meest noordelijke deel van het Alhambra is nog een oud paleis te vinden; het Partal (Palacio del Partal), ook wel de Toren van de Dames (Torre de las Damas) genoemd. Het paleis dateert uit de tijd van sultan Mohammed III (r.1302-1309). Wat er nog van het paleis resteert, is een toren met aangrenzende galerij met vijf bogen. In deze galerij zijn meerdere vensters te vinden die een prachtig uitzicht bieden op het Albaicín.

Het Partalpaleis
Uitzicht op het Albaicín vanuit het Partalpaleis

Voor het Partal bevindt zich een indrukwekkend waterreservoir waarin het paleis wordt weerspiegeld. Rechts van het paleis is tevens een oratorium gezeteld, de Mezquita del Partal: de enige vrijstaande moskee binnen het Alhambra.

Waterbassin van het Partalpaleis

De toren van de Prinsessen

Vanaf het Partalpaleis kan de bezoeker langs de verdedigingsmuren in de richting van het Generalife Paleis lopen, het buitenverblijf van de sultans, waarover meer in het laatste deel van deze reeks.

De omwalling bevat enkele indrukwekkende torens, zoals de Toren van de Pieken (Torre de los Picos, ingebouwd in de Puerta del Arrabal, de Toegangspoort van de Arme Wijk), de Toren van de Kadi en de Toren van de Gevangene (Torre de la Cautiva). In deze toren zou de christelijke Isabel de Solís gevangen zijn gehouden totdat ze zich tot de islam bekeerde en de favoriete vrouw van sultan Muley Hacén werd.

De torens van het Alhambra dienden meerdere doelen. Ze maakten onderdeel uit van het verdedigingssysteem, maar werden ook gebruikt als opslagplaats en zelfs als woning. De Toren van de Prinsessen (Torre de las Infantas, 1392 -1408) is hier een mooi voorbeeld van.

De tweede verdieping en het plafond van de Toren van de Prinsessen

Wie de Toren van de Prinsessen betreedt, komt op een binnenplaats terecht met een kabbelende fontein en drie aangrenzende alkoven. De toren heeft een bovenverdieping met beeldschone bogen en een gereconstrueerd houten plafond (het oorspronkelijke plafond raakte zwaar beschadigd na een aardbeving in de negentiende eeuw).

De toren dankt zijn naam aan een van de legenden uit het werk van Washington Irving (Tales of the Alhambra, hoofdstuk 21, Legend of the Three Beautiful Princesses p. 139 – 162) en het verhaal luidt als volgt:

Op een dag gaat sultan Mohammed El-Hayzari (de ‘Links-handige’) een stukje rijden met zijn gevolg. Ze stuiten op een groep Moorse ruiters die terugkeren uit christelijk territorium. In hun gevolg zijn er ezels beladen met oorlogsbuit en gevangen genomen mannen en vrouwen. De sultan laat zijn oog vallen op een rijk uitgedoste christelijke dame en raakt betoverd door haar schoonheid.  Hij claimt haar als zijn deel van de buit (samen met haar dienares, Kadiga) en neemt hen mee terug naar het Alhambra.

De dame in kwestie heeft weinig op met de amoureuze aanstalten van deze sultan die al op leeftijd is, maar haar hofdame weet haar op andere gedachten te brengen. De christelijke dame zwicht, wordt benoemd tot hoofdvrouw en schenkt de sultan een drieling: Zayda, Zorayda en Zorahayda. De sultan laat een astroloog komen om de toekomst van zijn dochters te voorspellen en de beste man raadt hem aan de meisjes op huwbare leeftijd op te sluiten met het oog op hun voorspelde schoonheid.

De sultan gaat voorzichtig te werk en laat zijn dochters vroegtijdig opsluiten in het kasteel van Salobreña, bovenop een heuvel, uitkijkend op de Middellandse Zee. Hier slijten de prinsessen hun kinderjaren in het gezelschap van Kadiga, de oude hofdame van hun moeder (die enkele jaren na hun geboorte komt te overlijden). Op een dag kijkt Zayda, de oudste dochter, uit het raam en ziet een sloep aanmeren waar gevangenen van boord gaan, waaronder drie Spaanse ridders. Ze haalt haar zussen er bij en alle drie worden op slag verliefd op een van de ridders. Kadiga stuurt de sultan een bericht waarin zij hem feliciteert met de verjaardag van zijn dochters en hem tussen de regels door aanmaant hen weer bij zich te roepen.

De sultan laat een van de torens van het Alhambra in gereedheid brengen en reist persoonlijk af naar Salobreña om zijn drie mooie dochters naar Granada te escorteren. Onderweg naar Granada stuit het koninklijk gevolg op een processie gevangenen. Allen buigen diep voor de sultan behalve de drie ridders die zich ook in het gevolg bevinden. De sultan staat op het punt hen te onthoofden voor hun arrogantie, maar de drie prinsessen springen voor hen in de bres, waardoor hun sluier even wegvalt en de jongemannen hun schoonheid kunnen bewonderen. De gevangenen worden vervolgens meegenomen naar het Alhambra en opgesloten in de Torres Bermejas.

Eenmaal aangekomen in hun luxueuze onderkomen in het Alhambra ontbreekt het de drie prinsessen aan niks. Niets kan hen echter nog bekoren nu hun harten smachten naar hun ridders. De slimme Kadiga gooit het op een akkoord met de opziener van de gevangenen en de drie ridders worden aan het werk gezet in de ravijn onder de Toren van de Prinsessen waar zij hen gade kunnen slaan.

Op een dag worden de drie ridders losgekocht door hun familie en maken zich op om terug te keren naar hun thuis in Córdoba. De paniek breekt uit onder de meisjes, maar opnieuw weet Kadiga raad en wordt het plan gesmeed om in het holst van de nacht te ontsnappen. Zayda en Zorayda slagen er in uit de toren te ontsnappen, maar op het ‘moment suprême’ twijfelt Zorahayda (de jongste dochter) tussen haar liefde voor haar ridder en haar loyaliteit aan haar vader. Ze kiest voor het laatste, gooit de ladder naar beneden en verblijft voor de rest van haar leven in haar luxe gevangenis, de Toren van de Prinsessen.

***

Wordt vervolgd. Oorspronkelijk verschenen op de eigen blog van Lauren van Zoonen. Ze maakte ook alle foto’s. Dank je wel Lauren dat we het ook hier mogen lezen!

Deel dit:

Een gedachte over “Het Alhambra: een hemels paradijs (4)

  1. Roger Van Bever

    Dank u wel, mevrouw Van Zoonen voor deze mooie serie.
    Zelf heb ik het Alhambra ook tweemaal bezocht, de eerste keer in 1982 en de tweede keer in 2011. De eerste keer met vrienden en goed voorbereid. De tweede keer met een georganiseerde reis en toen kregen we een rondleiding door een Nederlander die kennelijk de Spaanse nationaliteit had verworven en die ons in een sneltreinvaart door het hele complex loosde. Daardoor vond ik het de tweede keer een veel minder prettig bezoek. Maar het schijnt dat alleen Spaanse gidsen een rondleiding moeten geven. Bovendien waren de leeuwen weggehaald voor restauratie. Desalniettemin vonden mijn vrouw en ik het nog steeds heel indrukwekkend. Wel is het zo dat het hele complex tamelijk ingewikkeld is en dat je er de tijd moet voor nemen. Maar wat een belevenis!

Reacties zijn gesloten.