
Een nieuwe zondag, een nieuw blogje over het Nieuwe Testament. En ik keer terug naar een onderwerp waarover ik al eens eerder schreef, namelijk Lukas’ verhaal over de pogingen van de duivel om Jezus te verleiden. Hier is dat verhaal in de NBV21-vertaling.
De duivel zei tegen hem: “Als u de Zoon van God bent, beveel die steen dan in een brood te veranderen.”
Maar Jezus antwoordde: “Er staat geschreven: ‘De mens leeft niet van brood alleen.’”
Jezus antwoordt met een beroep op de Wet van Mozes, en dat is natuurlijk keurig volgens het boekje. U zult dit citaat echter vergeefs zoeken in uw bijbel, want de evangelist citeert hier een vers uit Deuteronomium in de Griekse vertaling die bekendstaat als Septuaginta.noot De vertaling van dit vers is eigenlijk meer een parafrase.
Toen bracht de duivel hem naar een hooggelegen plaats en liet hem in één ogenblik alle koninkrijken van de wereld zien. De duivel zei tegen hem: “Ik geef u de macht over dat alles en ook de roem die ermee gepaard gaat, want ik kan daarover beschikken en ik geef het aan wie ik wil; als u in aanbidding voor mij neervalt, zal dat allemaal van u zijn.”
Maar Jezus antwoordde: “Er staat geschreven: ‘Aanbid de Heer, uw God, vereer alleen Hem.’”noot
Opnieuw een citaat uit (de Griekse vertaling van) Deuteronomium. Terzijde: er wordt hier impliciet commentaar gegeven op de keizer in Rome.
In elk geval verloopt de discussie tot hier zoals je zou verwachten. Op vragen volgen, bij wijze van antwoord, schriftverzen. Maar inmiddels begrijpt de duivel Jezus’ gesprekstechniek en hij besluit die te volgen. Minimaal kun je zeggen dat de tegenstrever in zijn poging Jezus te overtuigen, blijk geeft van enige empathische vermogens. Hij ondersteunt zijn vraag dus met een citaat uit de Bijbel.
De duivel bracht Jezus naar Jeruzalem, zette hem op het hoogste punt van de tempel en zei tegen hem: “Als u de Zoon van God bent, spring dan naar beneden. Want er staat geschreven: ‘Zijn engelen zal Hij opdracht geven om over u te waken.’ En ook: ‘Op hun handen zullen zij u dragen, zodat u uw voet niet zult stoten aan een steen.’”
Maar Jezus antwoordde: “Er is gezegd: ‘Stel de Heer, uw God, niet op de proef.’”
Toen de duivel Jezus aan al deze beproevingen had onderworpen, ging hij voor een tijd bij hem vandaan.noot
Deze derde uitwisseling ontbreekt in de paralleltekst, bij Matteüs. Ik weet niet of die auteur iets uit de gedeelde bron (“Q”) van Lukas en Matteüs heeft weggelaten of dat Lukas iets heeft toegevoegd, maar erg belangrijk is die kwestie niet. Het Joodse Commentaar op het Nieuwe Testament attendeert in een voetnoot op de ironie van de passage: deze psalm, Psalm 91, wordt in de Dode-Zee-rollen en rabbijnse literatuur geciteerd als bezwering tegen uitgerekend de duivel. Die mag dan beschikken over enige empathische vermogens, zijn kennis van de joodse religieuze literatuur laat te wensen over.
[Een overzicht van deze reeks over het Nieuwe Testament is hier.]
Zelfde tijdvak
Een oud legioen: VII Claudia (2)april 3, 2025
Het Romeinse plattelandmei 5, 2017
De Colossus van Nerodecember 8, 2023

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.