Toerist in Sevilla

De kathedraal van Sevilla

Sevilla! Het is de laatste stad in onze Spaanse zwerftocht, want morgenochtend begint terugreis. Ik ben eind jaren tachtig hier geweest, kort na de ontdekking van de Lex Irnitana (de meest complete versie van de Romeinse gemeentewet), die hier in het museum zou zijn. Een paar dagen daarvoor had ik de plek bezocht waar de bronzen tabletten waren gevonden. Ze bleken destijds echter niet aanwezig in Sevilla, maar zouden worden geëxposeerd in Madrid. Toen ik later daar aankwam, bleek de tentoonstelling nog niet geopend. Nu ik opnieuw in Sevilla ben, is het plaatselijke archeologische museum gesloten. Dat wisten we al vóór we de reis planden, dus dit is geen teleurstelling.

Stad aan een rivier

En we hebben gewoon een leuke dag gehad. Zoals de trouwe lezers van dit narcistische winterfeuilleton weten, staat deze reis een beetje in het teken van de Oudheid en de Arabische Middeleeuwen, en daarover valt in Sevilla genoeg te zien. De stad ligt aan de benedenloop van de Guadalquivir; antieke en middeleeuwse zeeschepen konden tot hier komen. (Dit is dan ook de stad waar Christoffel Columbus vertrok.) Er was dus altijd een basis voor welvaart. De vroegste geschiedenis is onduidelijk, maar de schat van El Carambolo, die ik al eens noemde, is vlakbij Sevilla gevonden.

Lees verder “Toerist in Sevilla”

Nogmaals El-Andalus

Een tijdje geleden blogde ik over het boek Muslim Spain Reconsidered (2014) van Richard Hitchcock over de geschiedenis van…, eh, ja, hoe moeten we dat nou noemen? Arabisch Spanje? Nee, want er is ook Portugal, en veel mensen in het Emiraat van Córdoba (en zijn opvolgerstaten) beschouwden zich niet als Arabieren. Islamitisch Iberië? Onnauwkeurig, want er waren lange tijd grote christelijke en joodse minderheden. Ik koos destijds voor El-Andalus, en doe het vandaag opnieuw, maar het is een verlegenheidsoplossing. In elk geval: de tijd waarin Arabischsprekenden heersten over het Iberische Schiereiland.

Die vervelende hype weer

Ik las er inmiddels nog een ander boek over: Kingdoms of Faith (2021) van de Amerikaanse mediëvist Brian A. Catlos. De kritiek die ik had op het hierboven genoemde boek, namelijk dat ik niet herkende wat er nou reconsidered was, is ook dit keer van toepassing. Dat religie niet zo belangrijk was als eerdere auteurs hebben beweerd? Dat wist ik als student al. Dat de reconquistà grotendeels een later verzonnen mythe is? Ook geen nieuws.

Lees verder “Nogmaals El-Andalus”

Een vaas die fluit

Een fluit in de vorm van twee kruikjes, versierd met een panfluitist; Vicus-cultuur (Musée du Quai Branly, Parijs)

De trouwe lezers van deze blog weten dat ik een groeiende belangstelling heb voor Precolumbiaans Amerika, dus de Nieuwe Wereld vóór Columbus. Natuurlijk is dat eigenlijk dezelfde interesse als mijn belangstelling voor de Oudheid of het Midden-Oosten: een andere wereld die je dwingt na te denken over de wereld waarin je zelf woont. Mijn groeiende belangstelling voor Precolumbiaans Amerika is echter ongestructureerd. Ik lees weleens wat, maar ik ben nooit in Mexico of Peru geweest, en moet het vooral doen met wat ik oppik in volkenkundige musea.

In het Musée du Quai Branly in Parijs zag ik voorwerpen die ik maar zal aanduiden als fluitende vazen. Ze bestaan uit twee kruikjes, waarvan de een open is en de ander gesloten, zij het dat die uitloopt op een fluit. Die is vaak versierd en kan dan bijvoorbeeld de vorm hebben van een mannetje of een vogel of iets anders. De twee vaasjes zijn verbonden door een buisje. Als je nu water giet in het open vaasje, loopt het door het buisje naar het andere kruikje, waar het de lucht wegperst door de fluit. Je kunt die fluitende vazen ook een beetje schudden, dan maken ze (denk ik) korte piepgeluiden.

Lees verder “Een vaas die fluit”

Een geschiedenis van El-Andalus (2)

De leeuwenfontein van het Alhambra

Zo, het vorige blogje moest ik even kwijt. Maar afgezien van het feit dat er weinig reconsidered is, heb ik het genoemde boek van Richard Hitchcock, Muslim Spain Reconsidered, met enorm veel plezier gelezen. En het is natuurlijk ook weer niet zo dat ik er helemaal niets van leerde, want hij bood argumenten voor de “de-islamisering” van de Iberische geschiedschrijving die ik, niet-arabist, nog niet kon kennen. Hitchcock attendeert er bijvoorbeeld op dat het Arabische woord ‘ajam traditioneel werd vertaald als “christelijk”, terwijl het feitelijk een religieus neutraal woord is dat betekent dat iemand imperfect Arabisch spreekt. Dat argument kende ik niet en versterkt het beeld dat religie minder belangrijk was dan voor pakweg 1975 werd aangenomen. En Hitchcock biedt meer redenen om het zwaartepunt niet nodeloos vaak bij de godsdiensten te leggen. Zo wordt de slag bij Las Navas de Tolosa in 1212 in onze bronnen weliswaar getypeerd als religieus conflict, maar plaatste Muhammad an-Nasir geen jihad tegenover de kruisvaart waartoe koning Alfonso VIII van Castilië had opgeroepen. Dat nuanceert de zaak nogal.

Toch ontkent Hitchcock niet dat religieuze tegenstellingen zo nu en dan een rol speelden. De tegenstellingen tussen de diverse koninkrijken en emiraten waren reëel en een vorst kon religie altijd gebruiken om zijn tegenstanders te typeren. Niet alleen scholden christenen en moslims op elkaar, maar moslims noemden elkaar kafir of varken, terwijl christenen tegenstanders beschuldigden van ketterij. Omgekeerd waren er overeenkomsten tussen de religies. De hervormingsbeweging van Cluny is gelijktijdig aan de hervormingen die de Almoraviden introduceerden.

Lees verder “Een geschiedenis van El-Andalus (2)”

De Maghreb in de Middeleeuwen

Maquette van Qal’at Bani Hammad (Museum van Sétif)

Ik heb weleens de indruk dat oudheidkundigen die zich bezighouden met de Lage Landen in de Romeinse tijd, de seizoensmigratie onderschatten. Voor de Maghreb geldt het omgekeerde: er bestaat een neiging om de mobiliteit van de bevolking te overschatten. Heel veel Berbers waren sedentair – en dat al eeuwenlang. De Griekse onderzoeker Herodotos vermeldt het in de vijfde eeuw v.Chr.noot Herodotos, Historiën 4.187.

Het beeld van een grotendeels nomadische bevolking zal in de hand zijn gewerkt doordat een andere Griekse geschiedschrijver, Polybios, de Numidische koning Massinissa presenteert als De Grote Civilisator. Dat “Numidiërs” bedrieglijk veel lijkt op νομάδες zal ook een rol hebben gespeeld. En tot slot: toen de Fransen zich eenmaal van Algerije meester hadden gemaakt, kan het hun wel goed zijn uitgekomen de nadruk te leggen op nomadisme. Dat gold in Europa als minder beschaafd en dus konden de Fransen denken dat ze de bewoners van de Maghreb voor hun eigen bestwil hadden onderworpen. Ik heb eerlijk gezegd geen idee of het echt zo is gegaan, maar zou het me kunnen voorstellen.

Lees verder “De Maghreb in de Middeleeuwen”

Spanje tussen twee werelden

Spaanse manuscript met de tekst van de Griekse auteur Dioskourides (Pergamonmuseum, Berlijn)

Ik heb u de afgelopen maand meegenomen door de geschiedenis van het Iberische Schiereiland, vooral Spanje, in de tweede helft van het eerste millennium, met vooraf twee stukken over het Rijk van Toulouse en achteraf twee stukken over de Almoraviden en Almohaden. Ze gaan terug op een deel van de scriptie die ik in 1993 inleverde in Leiden; daarin stelde ik de vraag waarom de Romeinse samenleving de Visigotische invasie kon absorberen en waarom de Arabische samenleving dat niet kon doen met wat ik gemakshalve maar even de Reconquista zal noemen.

Ik concludeerde destijds dat de druk om je aan te passen aan de Romeinse habitus groter was dan de druk om je aan te passen aan de Arabische, maar die stof laat ik nu rusten. Om te beginnen omdat de analyse ongeschikt is voor een blog en verder omdat tegenwoordig niet ter discussie staat dat de Visigoten al vóór hun aankomst op het Iberische Schiereiland waren geromaniseerd. Liever eindig ik met een ietwat voorspelbare dubbele observatie.

Lees verder “Spanje tussen twee werelden”

De Almohaden

Almohadische ruiters

In mijn vorige blogje noemde ik de Almoraviden, een Noordwest-Afrikaanse groep die een gnostische interpretatie gaf aan de islam. Toen ze El-Andalus had onderworpen, legde ze de regio strenge religieuze regels op. Er was in deze tijd echter ook een stroming waarvan de aanhangers meenden de eenheid van God beter begrepen dan wie ook. Eén van de leiders van deze stroming, die onder de Baranis-Berbers populair was, was Ibn Tumart (1082-1130); zijn volgelingen staan bekend als Al-Muwahhidun (“de benadrukkers van de eenheid”), wat in de Europese talen is verbasterd tot Almohaden.

Vanaf 1121 meende Ibn Tumart dat hij de mahdi was, in de sjiitische traditie de imam die kort voor de Jongste Dag zal terugkeren. Omdat het einde der tijden zo nabij was, waren Ibn Tumarts volgelingen bereid te vechten, en ze begonnen een heilige oorlog tegen de Almoraviden. Aanvankelijk nam die de vorm aan van schermutselingen in het Atlasgebergte, waarbij Ibn Tumart om het leven kwam. Zijn opvolger nam in 1147 de Almoravidische hoofdstad Marrakesh in, liet zich benoemen tot kalief en veroverde heel de Afrikaanse noordkust tot Tripoli aan toe.

Lees verder “De Almohaden”

De Zeven Wonderen van België

Doopvont van Reinier van Hoei (Sint-Lambertuskerk, Luik)

Ik houd van fietstochtjes en eigenlijk interesseert het me niet zoveel waar ik begin en eindig. Ik ben weleens langs alle hunebedden gefietst; aan die ouwe stenen valt weinig te ontdekken, maar het is prettig fietsen in Drenthe en Groningen. Ook ben ik weleens om Vlaanderen gereden, doelloos maar tevreden. Mijn fietstocht rond Nederland is bijna voltooid. Het klassieke kwartet AalstPeutieZwevezeleGenoelselderen heb ik al binnen. En zoals het gaat: onderweg ontdek je links een mooi kasteel en rechts een smakelijk streekgerecht.

Een ander reisdoel-dat-geen-doel-is-maar-tussenstop-in-een-tochtje: de Zeven Wonderen van België. Ik begrijp dat het lijstje een halve eeuw geleden is gemaakt als een publiciteitscampagne om toeristen te lokken. Die zullen zich zeker niet bekocht hebben gevoeld: het is een mooi lijstje, waarin Vlaanderen en Wallonië elk met drie kunstwerken zijn vertegenwoordigd en Brussel met één. Ook chronologisch is het mooi verdeeld.

Lees verder “De Zeven Wonderen van België”

Thermoluminescentie (en wat dat betekent)

Sao-sculptuur (Musée du Quai Branly, Parijs)

Oudheidkundigen hebben diverse dateringsmethoden. Terugwerkend: eerst is er de gangbare kalender, wat verder terug hebben we de Romeinse keizers en hellenistische koningen, nog wat dieper zijn er de Mesopotamische sterrenkundige dateringen. Daarnaast biedt de archeologie een stoer werkpaard: de koolstofdatering. Alleen: dat werkpaard heeft soms kuren. Elke datering behoeft kalibratie en daarnaast zijn er reservoireffecten en andere complicaties. En nog een probleem: organisch materiaal mineraliseert, en in sommige regio’s gaat dat erg snel.

Zoals de gebieden ten zuiden van de Sahara. De Romeinen ontmoetten kooplieden uit die regio, maar wisten daar – als we de route langs de Nijl even buiten beschouwing laten – maar weinig van. Het enige wat de klassieke auteurs ons aan informatie hebben nagelaten, zijn geruchten over goudbewakende gorgonen en amazones: een echo van de situatie in de Bambouk. Omdat archeologen dus  dateringsmoeilijkheden hebben, is er, vergeleken met bijvoorbeeld de Maghreb, een gat in onze kennis. Dit is een van de redenen dat subsaharaal Afrika een beetje wordt genegeerd. Zelfs Zenab Badawi, die in haar recente An African History of Africa licht wil werpen op dit werelddeel, besteedt er geen aandacht aan.

Lees verder “Thermoluminescentie (en wat dat betekent)”

Precolumbiaanse culturen

Tijdvak: 1500 v.Chr. - 1525 na Chr.
1500-1400 v.Chr.1400-1300 v.Chr.1300-1200 v.Chr.1200-1150 v.Chr.1150-1100 v.Chr.1100-1050 v.Chr.1050-1000 v.Chr.1000-0950 v.Chr.0950-0900 v.Chr.0900-0850 v.Chr.0850-0800 v.Chr.0800-0775 v.Chr.0775-0750 v.Chr.0750-0725 v.Chr.0725-0700 v.Chr.0700-0675 v.Chr.0675-0650 v.Chr.0650-0625 v.Chr.0625-0600 v.Chr.0600-0575 v.Chr.0575-0550 v.Chr.0550-0525 v.Chr.0525-0500 v.Chr.0500-0475 v.Chr.0475-0450 v.Chr.0450-0425 v.Chr.0425-0400 v.Chr.0400-0375 v.Chr.0375-0350 v.Chr.0350-0325 v.Chr.0325-0300 v.Chr.0300-0275 v.Chr.0275-0250 v.Chr.0250-0225 v.Chr.0225-0200 v.Chr.0200-0175 v.Chr.0175-0150 v.Chr.0150-0125 v.Chr.0125-0100 v.Chr.0100-0075 v.Chr.0075-0050 v.Chr.0050-0025 v.Chr.0025-0000 v.Chr.0000-0025 na Chr.0025-0050 na Chr.0050-0075 na Chr.0075-0100 na Chr.0100-0125 na Chr.0125-0150 na Chr.0150-0175 na Chr.0175-0200 na Chr.0200-0225 na Chr.0225-0250 na Chr.0250-0275 na Chr.0275-0300 na Chr.0300-0325 na Chr.0350-0375 na Chr.0375-0400 na Chr.0400-0425 na Chr.0425-0450 na Chr.0450-0475 na Chr.0475-0500 na Chr.0500-0525 na Chr.0525-0550 na Chr.0550-0575 na Chr.0575-0600 na Chr.0600-0625 na Chr.0625-0650 na Chr.0650-0675 na Chr.0675-0700 na Chr.0700-0725 na Chr.0725-0750 na Chr.0750-0775 na Chr.0775-0800 na Chr.0800-0825 na Chr.0825-0850 na Chr.0850-0875 na Chr.0875-0900 na Chr.0900-0925 na Chr.0925-0950 na Chr.0950-0975 na Chr.0975-1000 na Chr.1000-1025 na Chr.1025-1050 na Chr.1050-1075 na Chr.1075-1100 na Chr.1100-1125 na Chr.1125-1150 na Chr.1150-1175 na Chr.1175-1200 na Chr.1200-1225 na Chr.1225-1250 na Chr.1250-1275 na Chr.1275-1300 na Chr.1300-1325 na Chr.1325-1350 na Chr.1350-1375 na Chr.1375-1400 na Chr.1400-1425 na Chr.1425-1450 na Chr.1450-1475 na Chr.1475-1500 na Chr.1500-1525 na Chr.
Olmeeks portret (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Deze blog begon ruim dertien jaar geleden als een algemeen medium, zeg maar als een soort dagelijkse krant, en veranderde al snel in een blog over de Oudheid. Ik heb Rome, Griekenland, Egypte, Mesopotamië en Perzië altijd gepresenteerd in samenhang met Centraal-Eurazië en met Afrika; de Indusbeschaving en China kregen wat minder aandacht omdat ik er wat minder van weet. En Precolumbiaans Amerika kreeg pas de laatste jaren wat aandacht.

Eén reden daarvoor is dat ik meende dat de Precolumbiaanse culturen niet goed pasten bij de definitie van de oude wereld: de periode waarover we naast het archeologische bewijs al geschreven bronnen hebben, maar niet zó veel bronnen dat we aan echte geschiedvorsing kunnen denken. Eigenlijk, dacht ik, bestaat deze situatie in de Amerika’s alleen in de ruime eeuw vóór Cortés en Pizarro. Maar er zijn veel meer teksten, oudere ook, dan ik dacht. Een tweede reden: voor de op deze blog behandelde materie over de Oude Wereld kan ik zonder de Azteken en Inka’s uit de Nieuwe Wereld. En ook daarover ben ik anders gaan denken.

Lees verder “Precolumbiaanse culturen”