Voor-westerse geschiedenis (1): inleiding

Borsippa

Deze blog groeit vooral door vragen die mensen stellen (zoals) en door reeksen die ik zelf leuk vind (zoals). Niet zelden merk ik echter dat ik achtergrondinformatie nodig heb, en daarom zijn er ook de wat encyclopedieachtige stukjes over deze of gene vorst, landstreek of gebeurtenis. Als ik bijvoorbeeld al een stukje over de Nijl heb, kan ik een blogje over Aristoteles’ theorie over de overstroming daarin verankeren. Maar ook zulke stukjes zou ik willen verankeren, namelijk in algemene informatie over de toenmalige wereld.

Braudel

Al sinds ik mijn reeks over het handboek oude geschiedenis schreef, zoek ik een vorm om ook die achtergrondinformatie te geven. En onlangs – ik stond op het vliegveld van Parijs – wist ik ineens hoe ik het moest aanpakken: ik zou me laten inspireren door Fernand Braudel.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (1): inleiding”

De antieke boogharp

Een boogharp, afgebeeld in het graf van Nakht; hier op een door Claude Bassier gemaakte kopie in met museum van Limoges.)

Het andere type antieke harp was de boogharp. De klankkast van zo’n harp was gemaakt van schildpad, overtrokken met een trommelvel, of gemaakt van uitgehold hout in de vorm van een lepel.noot Als bijzondere vorm van de boogharp heb ik wel de klompharp aangetroffen, dus een houten Hollandse klomp met een stuk bezemsteel met een paar snaren, huisvlijt voor kinderen. Een beroemde afbeelding is die in het graf van Nakht, een hoveling van farao Amenhotep II (r.1427-1401).

We zien hoe een jonge vrouw met de vingers een harp bespeelt met de lengte van haar lichaam, en niettemin slechts twaalf snaren. De klankkast is een uitgehold blok hout met een steel, waardoor het een lepelmodel heeft. De blinde harpspeler in het graf van  blinde harpspeler in het Leidse Rijksmuseum van Oudheden bespeelt een afwijkend model van de boogharp met acht snaren, geen hoekharp.

Lees verder “De antieke boogharp”

Van eiersnijder tot harp

Een Egyptische aap met een boogharp uit Deir el-Medina (Koninklijke musea voor kunst en geschiedenis, Brussel)

Mijn jongste dochter Femke was vijf, en zo gebiologeerd door het geluid van de draadjes van de eiersnijder, dat ze harp wenste te spelen. De faciliteiten waren hier voorhanden en wij kochten een mooie harp voor haar, gebouwd door een professionele bouwer, Mark Lester in Pieterburen.

Deze blog gaat over harpen in de Oudheid, maar voor het goede begrip is het noodzakelijk eerst iets te vertellen over de constructie van de moderne harp. Op afbeeldingen uit de Griekse Oudheid zijn de kithara en de lier alom tegenwoordig. Maar als je er eenmaal op let, kom je ook de harp af en toe tegen.

Lees verder “Van eiersnijder tot harp”

Dwarsfluit aan de Nijl

Een muzikant met een dwarsfluit (Beidha)

Egyptische fluiten, tegenwoordig nay geheten, werden en worden aangeblazen aan de bovenkant van de buis, net als  de afzonderlijke pijpjes van de panfluit, dus alsof je op de hals van een fles blaast.noot Ook de Japanse shakuhachi wordt zo bespeeld. De intrede van de huidige dwarsfluit in West-Europa, die wordt aangeblazen door een gat in de zijwand, zou hebben plaatsgehad vanuit het Oosten via Byzantium in de negende of tiende eeuw. De vroegste West-Europese afbeelding van een dwarsfluit staat in het beroemde Cántigas de Santa Maria uit de dertiende eeuw. Zie hieronder.

Lees verder “Dwarsfluit aan de Nijl”

I.M. Romke Hekstra

De verhalenverteller

Een van mijn eerste docenten – we hebben het over 1985 – was Romke Hekstra. Ik hoorde pas vorige maand dat hij vorig jaar op 23 november is overleden, een paar dagen voor zijn zevenentachtigste verjaardag. Hij doceerde oude geschiedenis aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, was een vriendelijke man, een enthousiasmerende docent en iemand met ongebruikelijke ideeën. Vooral de antieke religies hadden zijn belangstelling en hij had het vaak over de Indo-Europeanen. Die noemde hij overigens “Indo-Germanen” omdat hij uit Nederlands-Indië kwam, waar “Indo-Europeaan” een andere betekenis had.

Politiek

Zoals ik weleens verteld heb, behoorden mijn medestudenten en ik tot een generatie die een fuik in was gezwommen: het onderwijs was vernieuwd (de “tweefasenstructuur”) maar de ons toegezegde tweede fase, waarin we van kandidaatsniveau naar doctoraalniveau zouden worden getild, is nooit ingevoerd. In wat mijn derde studiejaar was richtten we een vereniging op om onze studie te redden, en meneer Hekstra – die pas later Romke voor ons zou heten – was een van de eerste leden. Hij begreep, geloof ik, de diepte van onze verontwaardiging niet maar dacht wel met ons mee. Zo wees hij erop dat inadequaat onderwijs des te grimmiger was omdat minister Deetman de studiefinanciering voortdurend in ons nadeel veranderde. Waar wij een slechte studie zagen, zag hij het politieke aspect.

Lees verder “I.M. Romke Hekstra”