Caesar op visite bij Cicero

Een Romeins diner (Pompeii)

Het jaar dat was begonnen met alleen Julius Caesar als consul, ook wel bekend als 45 voor Christus, liep ten einde. De trouwe lezers van deze blog weten wel ongeveer wat Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden aan het doen was: legitimiteit zoeken. Bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat er weer magistraten waren, zoals de twee mannen die in de drie laatste maanden van het jaar het consulaat bekleedden, Quintus Fabius Maximus en de al eerder genoemde Gaius Trebonius. Een andere maatregel was de voorbereiding van de oorlog tegen het Parthische Rijk, die kon rekenen op ieders instemming.

De oostelijke oorlog

De biograaf Suetonius geeft over het plan de campagne een vrij gedetailleerd bericht. Caesar wilde eerst de Daciërs,

die Thracië hadden overspoeld, terugdrijven om in aansluiting daarop via Klein-Armenië in het gebied van de Parthen door te dringen. Het was zijn bedoeling met een beslissend gevecht te wachten tot hij een indruk had gekregen van hun kracht.noot Suetonius, Caesar 44; vert. Daan den Hengst.

Lees verder “Caesar op visite bij Cicero”

Caesar op de vlucht

Munt van Caesar, voor de derde keer consul (Metropolitan Museum, New York)

Als ik u zeg dat het jaar was aangebroken waaraan Julius Caesar (voor de derde keer) en Marcus Aemilius Lepidus én als consuls én als dictator en meester der ruiterij hun namen hadden gegeven, en als ik dat omreken naar medio oktober 47 v.Chr., dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Hij was, zoals we vorige keer zagen, in de laatste dagen van het voorafgaande jaar met 3000 legionairs, merendeels rekruiten, en 150 ruiters aan land gegaan bij Hadrumetum, het huidige Sousse in Tunesië. Als Caesar had gehoopt de stad te kunnen innemen, dan was hij bedrogen uitgekomen: ze werd verdedigd door Gaius Considius Longinus, die volgens de auteur van De Afrikaanse Oorlog beschikte over ongeveer 8000 man. Vanaf Kaap Bon waren bovendien 3000 Numidische ruiters onderweg naar Hadrumetum. Omdat die de stad versterkten maar geen aanstalten maakten Caesar aan te vallen, sloeg deze zijn kamp op ten zuidoosten van de stad, op het strand, hopend op versterkingen. Achteraf bezien heeft Considius een kans gemist de Tweede Burgeroorlog ten einde te brengen.

Lees verder “Caesar op de vlucht”

Caesar en de senatoren

Senatoren op de Ara Pacis (reliëf in de Vaticaanse Musea, Rome)

Wanneer ik zou schrijven dat het 4 oktober was en zou toevoegen dat dit was in het jaar waaraan Quintus Fufius Calenus en Publius Vatinius als consuls hun naam zouden geven, en wanneer ik een en ander zou omrekenen naar “onze” twintigste juli 47 v.Chr., dan zou u deduceren dat u was aanbeland in een nieuwe aflevering van de serie “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Na het vorige stukje zal het u niet verbazen dat het vandaag 2069 jaar geleden is dat Caesar aankwam in Rome. Daar zorgde hij ervoor dat er weer consuls waren: Quintus Fufius Calenus en Publius Vatinius dus. De eerste had voor Caesar gevochten in Gallië, in Iberië en op de Balkan; de tweede had ooit de wet ingediend die Caesar had geholpen aan zijn Gallische commando en had recentelijk Dalmatië gepacificeerd. Ik introduceerde het tweetal al eerder. De schijn van constitutionaliteit was hersteld, ook omdat Caesar de dictatuur die hij al sinds Farsalos bekleedde, op dit moment lijkt te hebben afgelegd.

Lees verder “Caesar en de senatoren”

Caesar aan het werk

Het oudste manucript van de Gallische Oorlog van Caesar ligt in het Allard Pierson-museum in Amsterdam.

Als ik u zeg dat het was in het voorjaar van het jaar waaraan Quintus Fufius Calenus en Publius Vatinius later als consuls hun naam zouden geven, dus zeg maar 47 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat dit een blogje is in de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Het vaarseizoen

Ik heb geen idee, maar we mogen speculeren. Om te beginnen was het vaarseizoen begonnen. Voor de stad Rome was dat goed nieuws, want nu konden graanschepen naar Italië komen. Doorgaans kwamen die van Sicilië en uit Afrika, maar in die laatste provincie waren Caesars tegenstanders zich aan het verzamelen. Het lijdt geen twijfel dat die het graan liever behielden voor de legers die ze daar opbouwden. In Italië dreigde hongersnood. Caesar zal graanschepen vanuit Egypte hebben willen sturen, maar zolang zijn tegenstanders beschikten over een goede vloot, was dat riskant.

Lees verder “Caesar aan het werk”

Caesar en Ptolemaios op mars

Gem met portret van Caesar (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Als ik u zeg dat het 19 maart was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waaraan, vele maanden later, Quintus Fufius Calenus en Publius Vatinius als consuls hun naam zouden geven, en als ik dat omreken naar 29 januari 47 v.Chr. op onze kalender, dan weet u: het is tijd voor een stukje in het feuilleton “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Als u de laatste weken deze reeks hebt gevolgd, dan weet u dat het Egyptische leger van Ptolemaios XIII Caesar in Alexandrië had vast gezet, dat Caesar met moeite zijn aanvoerlijnen had opengehouden en dat een ontzettingsleger onderweg was. Ondertussen verzamelden Caesars tegenstanders zich in Dalmatië en het huidige Tunesië, wankelde het Romeinse gezag in wat nu Turkije heet, was het onmogelijk gebleken in Rome verkiezingen te houden en dreigde opstand in Andalusië.

Lees verder “Caesar en Ptolemaios op mars”

Versterkingen voor Caesar

Romeinse soldaten (Musée et théâtres romains, Lyin)

Als ik zeg dat het 11 december was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Julius Caesar (voor de tweede keer) en Servilius Isauricus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 27 oktober 48 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Zoals u in de voorafgaande stukken hebt gezien, was hij beland in de Alexandrijnse Oorlog, een conflict tussen de Egyptische koningin Kleopatra VII en haar broer Ptolemaios XIII. In de voorafgaande weken waren hun adviseurs geëxecuteerd of vermoord, terwijl patriottische Egyptenaren het door Caesar bezette koninklijke paleis in Alexandrië naderden. Omdat een van de leden van de koninklijke familie, Arsinoë IV, zich bij hen had gevoegd, kon de Egyptische generaal Ganymedes voluit in de aanval gaan, want de continuïteit  van de dynastie was gegarandeerd.

Lees verder “Versterkingen voor Caesar”

Velleius Paterculus (6)

Varus (Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

[Deze week recycle ik de inleiding die ik in 2012 schreef voor Vincent Huninks vertaling van de Geschiedenis van Rome van de Romeinse auteur Velleius Paterculus. De Nederlandse titel is Van Troje tot Tiberius en het e-boek is nog leverbaar. Het eerste deel is hier. Vandaag de wijze waarop Velleius omgaat met het verleden: je kunt er lof en blaam mee toekennen.]

Onze geleerde pakte de chronologische problemen onbeholpen maar serieus aan. Geschiedschrijving is echter meer dan chronologie, en we stelden al vast dat hij in De geschiedenis van Rome geen moeite doet de gebeurtenissen te verklaren. Ook naar de maatstaven van zijn tijd is dat een tekortkoming: de eerste Griekse geschiedschrijver, Herodotos, vermeldde al in zijn openingszin dat hij wilde “onderzoeken door welke oorzaak de Grieken en Perzen met elkaar in conflict waren gekomen”; zijn opvolger Thoukydides introduceerde het nog altijd gebruikte onderscheid tussen oorzaken en aanleidingen; vrijwel alle antieke historici voegden verzonnen toespraken toe om de beweegredenen van de personages uit te leggen en zo de feitelijke betekenis van de gebeurtenissen te schetsen.

Lees verder “Velleius Paterculus (6)”