Romeins goudstuk, Saksisch offer

Goudstuk van Constans (©Christina Kohnen)

Hé, dat is fijn: ik kan eens iets leuks vertellen. Over archeologie nog wel. En ik hoef niet eens over te schakelen op oudheidkundige standaardoverdrijving. Ook zonder hijgerig geschreeuw is deze vondst gewoon aardig.

Het gaat over de munt hierboven. Het opschrift op de voorzijde (de “kop”) identificeert de afgebeelde keizer als Fl(avius) Jul(ius) Constans en meldt verder dat hij een pius felix augustus is, een “vrome en gelukkige keizer”. De andere zijde (de “munt”) toont twee Victoria’s en een schild met het opschrift VOT X MVLT XV, steno voor votis decennalibus multis quindecennalibus, wat zoiets wil zeggen als “de geloftes voor het tienjarige jubileum zijn ingelost en er zijn nog meer geloftes voor het vijftienjarige jubileum”. Het opschrift luidt ob victoriam triumphalem, “wegens een triomfantelijke zege”. De munt is geslagen in Siscia, het huidige Sisak in oostelijk Kroatië.

Constans was een zoon van Constantijn de Grote. Zijn vader had hem in 333 benoemd tot caesar, een van de beoogde opvolgers, en na Constantijns dood in 337 was Constans keizer geworden, augustus. Tot hij in 350 werd vermoord, regeerde hij in de westelijke provincies van het Romeinse Rijk, die hij in 341 beveiligde met een inderdaad triomfantelijke zege over de Franken.

Het iconografische programma van deze munt is vrij standaard – maar het gewicht is dat niet. Hij weegt negen gram, terwijl een goudstuk normaal gesproken 4½ gram weegt. Het ding is iets groter dan een munt van twee euro.

De verklaring is dat het eigenlijk geen munt is maar een penning die de keizer bij een plechtige gelegenheid, zoals een tienjarig regeringsjubileum, cadeau deed aan zijn trouwste medewerkers, ongeveer zoals de Grote Leidse Camee een geschenk was van Constantijn aan een heel voorname senator. Deze munt is dan ook zeldzaam. Sterker nog, dit is het eerste bekende exemplaar.

Ook al zo opvallend is de vindplaats: in het Noord-Duitse Fredenbeck, halverwege Bremen en Hamburg. De trouwe medewerker die het kleinood van keizer Constans kreeg zal wel een Germaanse leider zijn geweest, vermoedelijk een aanvoerder van de Saksen, de stam die woonde achter de Franken. Onder het motto “de vijand van mijn vijand is mijn vriend” kan Constans heel goed met een Saksische kunungaz hebben samengewerkt. Het is bijvoorbeeld denkbaar dat die Germaanse bondgenoot van de Romeinen in 342/343, kort na de overwinning op de gemeenschappelijke vijand, in Trier aanwezig was bij de feestelijkheden van Constans’ tweede lustrum.

Archeologisch onderzoek van de vindplaats leert dat hier in de vierde eeuw n.Chr. een toen al oeroude grafheuvel was naast een moeras. Hoewel je nooit kunt uitsluiten dat iemand het goudstuk per ongeluk is verloren, maakt deze locatie het aannemelijk dat het kunstvoorwerp in het moeras is geworpen als een offergift aan een van de Germaanse goden.

[Bron; met dit stukje vier ik de achtste verjaardag van mijn blog. Dat ik gisteren op de radio was, is puur toeval.]

17 gedachtes over “Romeins goudstuk, Saksisch offer

  1. habus

    De musea in Stade en Bad Bederkesa zijn absolute aanraders voor liefhebbers die meer willen weten over die ‘in nevelen gehulde germaanse stammen’.

  2. Net via de link de digitaalstaat beluisterd. Ik heb me als levenslang poezenmens ook geërgerd aan dat poezengeleuter in VK. Niveau nul. Laat een paar poezige types die iedereen kent opdraven voor een poezig interview: leuk vakantie item! Bah, wat had er niet allemaal voor interessants op dat papier kunnen staan.
    Je uitleg over het advies van de commissie van Rijn was glashelder! In nog geen acht minuten zoveel zinnigs zeggen; was dat onze politici maar gegeven…

  3. FrankB

    Normaal heb ik geen belangstelling voor twiets. Maar naar aanleiding van CorvdH’s reactie keek ik er even naar. Nog maar acht jaar? Inderdaad – ook ik kijk uit naar de volgende acht.
    Ook kon ik de verleiding niet weerstaan op KarindenH’s twiet te klikken. Ik citeer: “….. dit verhaal.
    Dít herinner ik me nóg van mijn basisschooltijd. Staartdelen niet.”
    Hoera, we hebben een minister die laaggecijferd is.

    “Je leert je klas straks goed rekenen en spellen.”
    Misschien kan ze een opfriscursus bij een van de afgestudeerde studenten volgen. Anders bied ik me aan. Ik garandeer dat het in maximaal vier sessies (waarschijnlijk minder) van een uur weer kan. En je hoeft er niet voor te kunnen spellen, schrijven of begrijpend lezen.

      1. FrankB

        Stuur maar een email naar JonaL, die stuurt hem wel door naar mij. Dan maken we een afspraak in Groningen en laat ik het u zien.

  4. Rudmer Koopal

    Interessante hypothese over de Sachsen. In de vierde eeuw sluiten de laatste losse stammen zich aan bij het nieuwe grote stamverband genaamd Sachsen. De Cherusker als één van de laatste. En die hebben voor de Varusschlacht al met de Romeinen samengewerkt.
    Voor de liefhebber van Saksische vondstukken. Op dit moment is er in het Landesmuseum Hannover (Weltenmuseum) een tentoonstelling over de Sachsen die na 18 augustus naar Braunschweig gaat. Misschien ligt de munt daar wel in bruikleen, ben er nog niet geweest.
    https://www.landesmuseum-hannover.de/ausstellungen/saxones/

  5. gmknepper

    Kleine filologische correctie: Constans was volgens de munt niet ‘vroom en gelukkig’. ‘Pius felix’ betekent (hier): ‘plichtsgetrouw en succesvol’.

    1. René

      @gmknepper
      Ik ben benieuwd waarom het ‘plichtsgetrouw en succesvol’ moet zijn en niet ‘vroom en gelukkig’.

      @jona
      De vergelijking met bloedgroepen op de radio sprak tot de verbeelding. Gefeliciteerd met je blog!

      1. Ik mag dan geen G.M. Knepper zijn, maar ik kan zijn redenering goed volgen. Het gaat om de bijbetekenis die de woorden “vroom en gelukkig” hebben in onze taal.

        Vroom is een beetje braaf, terwijl het Latijnse pius eigenlijk tot uitdrukking dat je de intermenselijke verplichtingen goed nakomt. Je zorgt voor je slaven en de slaven zorgen voor jou; je houdt van je familie en je familie houdt van jou; je gaat goed om met je vrienden en zij gaan goed om met jou; je vereert de goden en zij houden jou in ere.

        Gelukkig is bij ons een soort gevoel; in de Oudheid was geluk een soort afvinklijstje van successen. Zie bijvoorbeeld Herodotos’ verhaal over Tellos de Athener. Goed gezin? Check. Geen kindersterfte? Check. Leefde hij in een goede stad? Check. Werd hij gerespecteerd? Check. Goede dood? Check.

        Dus ik vind Kneppers verbetering alleszins verdedigbaar.

        1. gmknepper

          En ik mag dan geen Jona Lendering zijn, maar ik zou het vrijwel nét zo hebben uitgelegd. Overigens is ‘pius felix’ uiteraard een verstarde uitdrukking geworden, en is het dus de vraag of iedereen nog stil stond bij de oorspronkelijke betekenis van beide woorden (waarbij ‘felix’ waarschijnlijk was opgevat als beloning voor ‘pius’).

          1. René

            Hoi heren,

            Bedankt voor de heldere toelichting. Wederom zijn de reacties een mooie aanvulling op het blog voor mij.

          2. @gmknepper en @ Jona Lendering

            – In onze Latijnse leeskring zaten we ook geregeld met het moeilijke probleem hoe ‘pius’ in het Nederlands te vertalen. Vooral in de vertalingen (fragmenten) uit de Aeneïs. Ik zag ook meteen dat ik op de vertaling in de blog wou reageren. Zoals jullie beiden aangeven is het een complex begrip. Met ons begrip ‘vroom’ komen we er niet. Dat is inderdaad te braaf en ruikt naar bidden en kwezelachtigheid en wat men vroeger zei ‘iemand die trouw zijn godsdienstige plichten vervult’. De eerste reflex is natuurlijk om ‘pius Aeneas’ als ‘de vrome Aeneas’ te vertalen. Dan wordt het een epitheton ornans zoals bijvoorbeeld in de epen van Homeros vaak bij zijn belangrijkste helden gebruikt wordt. Zie: https://www.wikiwand.com/nl/Epitheton

            – De gebruikelijke betekenis van vroomheid is godvruchtigheid. Etymologisch en uit het Woordenboek van de Nederlandse Taal is op te maken dat vroom ook ‘sterk’, ‘dapper’ en ‘koen’ kan betekenen. In deze zin wordt het woord bijvoorbeeld gebruikt in het zesde couplet van het Nederlandse volkslied, het Wilhelmus.

            Dat ik doch vroom mag blijven,
            uw dienaar t’aller stond,
            de tirannie verdrijven
            die mij mijn hart doorwondt… Zie: https://www.wikiwand.com/nl/Vroomheid.

            – Een paar jaar geleden hebben we in onze Latijnse leeskring gebruik gemaakt van het pensumboek (Ton Jansen, Fanny Struyk- Hermaion, 2015) dat in de laatste klas van het gymnasium ter voorbereiding op het eindexamen Latijn wordt gebruikt. Daarbij hadden wij de indruk dat je de vertaling van ‘pius’ beter interpreteert in het kader van de context.
            In het pensum wordt de hoofdbetekenis van ‘pius Aeneas’ opgevat als de ‘plichtsgetrouwe Aeneas, die altijd trouw moet blijven aan de opdracht die hij van de goden heeft gekregen en ook de verantwoordelijkheid tegenover zijn vaderland, familie en vrienden. Sommigen hebben hierin een stoïcijnse karaktereigenschap gezien, maar hij is zeker niet vrij van emoties, die hem soms in de weg staan om zijn opdracht altijd voorop te stellen. Denk aan de kortstondige liefdesaffaire met Dido.

            – In anderstalige woordenboeken wordt het begrip ook niet zomaar als vroomheid vertaald.
            Als voorbeeld: In Collins Latin Dictionary and Grammar (2016) wordt ‘pius’ vertaald als: dutiful, conscientious, godly, holy, filial, affectionate, patriotic, good, upright. Vroomheid bespeur ik niet in deze vertalingen.
            Het maakt de vertaling natuurlijk niet gemakkelijker op.

            – Tenslotte nog een interessant artikel: https://www.rockym93.net/text/essays/pius.html

            1. gmknepper

              Het belangrijkste is, denk ik, in te zien dat de basisbetekenis van ‘pius’ de correcte houding is ten opzichte van zowel mensen als goden. Het bezwaar tegen de vertaling ‘vroom’ lijkt mij niet zozeer dat dat woord te kwezelachtig is (dat is het in mijn beleving niet, maar dat zegt waarschijnlijk iets over mijn achtergrond), als wel dat het een te beperkte reikwijdte heeft, nl. zich beperkt tot een bepaalde houding tegenover alleen god(en). Vandaar liever (plichtsge-)trouw, verantwoordelijk, respectvol, goed o.i.d.

              1. Misschien hebt u mijn reactie niet grondig genoeg gelezen.
                O.K. dat woord kwezelachtig is misschien te scherp geformuleerd. Maar uit de rest van mijn betoog moge toch blijken dat we het eens zijn en dat ook ik vind dat het woord vroom veel te beperkt is. Niet voor niets heb ik ook de vertalingen van het Collins woordenboek weergegeven. Vroom is kennelijk in dit verband een staande uitdrukking geworden zonder nuancerende inhoud.

    2. Henk Smout

      Het verschil tussen het goede woord en het bijna goede woord is het verschil tussen een gloeilamp en een glimwormpje (niet zelf bedacht).

Reacties zijn gesloten.