Synopsis

Iedereen die het Nieuwe Testament heeft gelezen, zal zijn opgevallen dat er nogal wat herhaling in zit. Als je het Matteüs-evangelie uit hebt, lijkt Marcus een uittreksel en Lukas herhaalt dat in wat elegantere zinnen. Pas met evangelie nummer vier, Johannes, merk je dat het allemaal ook anders verteld had kunnen worden. Het is niet zo gek dat een Augustinus aanvankelijk een lage dunk had van de evangeliën. De typering van Marcus als uittreksel van Matteüs schijnt overigens van hem afkomstig te zijn.

De drie eerste evangeliën worden weleens “synoptisch” genoemd omdat ze op het eerste gezicht hetzelfde vertellen. Bij nader inzien is dat niet waar, want Matteüs, Marcus en Lukas hebben drie totaal verschillende perspectieven. Dit nadere inzicht verwerf je door de drie teksten in detail te vergelijken en daarvoor bestaan boeken waarin de evangeliën niet na maar naast elkaar zijn geplaatst. Zo’n boek heet een synopsis. Zie boven voor een willekeurige pagina: drie teksten naast elkaar en onderaan de tekstvarianten.

Dit type onderzoek – de drie evangeliën vergelijken – is nogal negentiende-eeuws maar daarom niet minder interessant. In Marcus 15.34 sterft Jezus in wanhoop (“mijn god, waarom heb je me verlaten?”), bij Matteüs 27.50 met een kreet en bij Lukas 23.46 met een gebed (“in uw handen beveel ik mijn geest”). Bij Johannes 19.30 zijn de laatste woorden dat “het is volbracht”. Geen van vieren is betrouwbaar in onze zin van het woord, aangezien een gekruisigde van pijn niet praten kon, maar ze weerspiegelen de theologie van de auteur: bij Johannes kan een god niet werkelijk lijden, bij Marcus draait alles om het contrast tussen de totale aardse mislukking van de messias en het feit dat hij toch de Mensenzoon was die de mensheid zou komen oordelen. Juist door te vergelijken wat op het eerste gezicht hetzelfde lijkt, herken je dat de evangelisten schrijven met verschillende visies.

Nog een voorbeeld. Als je mijn favoriete Bijbelverhaal leest, dat over de Dwaas van Gerasa, zul je zien dat bij Marcus 5.9 en Lukas 8.27 in één geestelijk zieke man diverse geesten huizen (“mijn naam is Legio want wij zijn met velen”) terwijl er bij Matteüs 8.28 twee bezetenen zijn. Dit biedt een aanwijzing voor de relatie tussen de teksten: Marcus, met een geestelijk zieke in enkelvoud en geesten in meervoud moet de oudste zijn. Lukas ervoer dit niet als problematisch, terwijl Matteüs het aantal geesteszieken vergrootte om het in overeenstemming met het aantal geesten te brengen.

Matteüs bewerkte dus een oudere tekst met een eigen literaire en theologische agenda en (in dit geval) een eigen demonologie. Op soortgelijke wijze is vast te stellen dat ook Lukas Marcus heeft omgewerkt en naar zijn hand gezet. De “prioriteit van Marcus”, zoals het heet, was een belangrijk inzicht. Het betekent dat als er verschillende versies zijn, Marcus de voorkeur heeft en de jongere versies mogen worden genegeerd (“eliminatie”). De Altertumswissenschaftler die dit werk deden waren misschien geen Champollion of Layard of Schliemann, wier verlangen naar avontuur hen bracht naar het verre Ottomaanse Rijk, maar Quellenforschung was er intellectueel niet minder avontuurlijk om. Hier veranderde de naïeve manier waarmee bijvoorbeeld een Gibbon antieke bronnen nog had gelezen, in wetenschap.

8 gedachtes over “Synopsis

  1. Arnold den Teuling

    Pater Van Kilsdonk in de jaren 1960 behandelde in zijn preken voor de Amsterdamse studentenparochie regelmatig de verschillen tussen de synoptische traditie, niet zozeer om de oertekst te benaderen, maar om een geestelijke boodschap te distilleren uit die verschillen. Hij heeft nooit het tegenwoordig wel gepostuleerde substraat voor alle drie genoemd, een (verloren) verzameling uitspraken van Jezus, waaruit alle drie evangelies naar behoefte hebben geput. Zo had Lucas een voorkeur voor genezingswonderen. De onderlinge afhankelijkheid van de drie synoptische evangelies is een alternatieve theorie, die ik nog niet kende. Zo op het eerste gezicht voel ik meer voor de substraattheorie. Onduidelijkheden in de spreukentraditie leiden dan tot verschillende uitwerkingen van details.

    1. Bedoelt u met “substraat … een (verloren) verzameling uitspraken van Jezus”? Dat is wat meestal Q wordt genoemd. Het is ook een negentiende-eeuwse ontdekking. Het idee was destijds dat het evangelie van Marcus de visie gaf van Petrus (dus: P) en dat er daarnaast een spreukencollectie was geweest. De volgende letter in het alfabet: Q. Makkelijk ezelsbruggetje: Quelle.

      Ik denk dat het ook wel klopt. De destijds naar voren gebrachte (katholieke) kritiek op dit (merendeels protestantse onderzoek), dat we geen teksten kenden die bestonden uit uitspraken, is weerlegd door de ontdekking van Thomas.

      Ik bedenk dat ik erover heb geschreven: https://mainzerbeobachter.com/2014/06/07/q-1/

  2. Arnold den Teuling

    Die bedoel ik inderdaad. Maar Van Kilsdonk was ruimdenkend, hij moet daar in ieder geval van geweten hebben, al kon hij het in zijn preken niet gebruiken..

  3. Daniel

    Als Bart Ehrman mij één ding wel geleerd heeft is om elk evangelie te lezen als een los boek. Ze samenvoegen tot één evangelie is gruwelijke verkrachting van de verschillende teksten. Zodra je ze los leest zijn er meer paradoxen dan overeenkomsten. Dat kostte mij wel wat moeite om ze los te lezen aangezien ik christelijk opgevoed ben en die mensen hebben een eeuwenlange traditie van het samenvoegen van de 4 boeken tot één coherent geheel, waarbij zorgvuldig alle paradoxen worden weggepoetst.

  4. Robbert

    Ja, de vier evangelisten geven hun eigen draai aan het verhaal.
    Maar de beschrijvingen van het sterven van Jezus lijken mij geen goed voorbeeld. Marcus en Mattheus beschrijven grotendeels hetzelfde en laten Jezus het begin van psalm 22 uitspreken. Lucas laat hem een zin uit psalm 31 zeggen en mijn zeer oude bijbeltje legt bij Johannes een verband met psalm 69 (niet via de laatste woorden maar via de azijn die ook bij M en M voorkomt). Deze drie psalmen gaan over een mens in grote nood, die God aanroept en uiteindelijk op hem vertrouwt. Dezelfde theologie, zogezegd.
    Zoals bekend wemelen de evangelien van verwijzingen naar het OT, een overheersende behoefte van de schrijvers was om te laten zien dat met Jezus de Schrift werd vervuld. Met verschillende accenten, zeker.

    1. Daniel

      @Robbert het sterven van Jezus is één van de punten waarop de evangeliën flink verschillen. Op welke dag gaat Jezus precies dood?
      In matheus is Jezus stil en verslagen hij lijkt geen idee te hebben van wat hem overkomt en waarom (Eli, Eli, lama sabachthani). Terwijl hij in het laatst geschreven evangelie hij meester van de situatie is, hij weet precies waarom hij moet sterven aan het kruis, redt en passant nog even een crimineel die naast hem aan het kruis hangt en hij sterft uiteindelijk met de woorden “in uw handen beveel ik mijn geest”.

      “Een eigen draai” vind ik daarom ook een understatement. Het is bijna alsof ze het over een compleet verschillende Jezus hebben.

  5. frayek

    Toch benieuwd waarom dat Gerasa-verhaal je favoriete synoptische vertelling is. Veel mensen kunnen er in deze dier-vriendelijke tijden niet veel mee, Jezus die het legioen toestaat een kudde varkens in bezit te nemen en ze in het meer te verdrinken….

Reacties zijn gesloten.