
[Tweede van drie gastblogs over keizer Antoninus Pius door Dieter Verhofstadt. Het eerste blogje was hier.]
De vredelievende keizer
Het bijzonderste aan de regering van Antoninus Pius was dat hij, in tegenstelling tot de meeste van zijn voorgangers en opvolgers, geen animo toonde voor oorlog of veroveringen. Meer nog, hij zou Rome nooit verlaten hebben en amper een legioen van dichtbij hebben gezien. Er waren weliswaar opstanden in Brittannia en Mauretania, maar daar stuurde hij bekwame generaals heen, die het oproer snel konden bezweren.

Toch zou hij voor Brittannia een uitzondering maken. Daar stelde hij een nieuwe gouverneur aan, Quintus Lollius Urbicus, met de opdracht de grens noordwaarts te verleggen. Zo geschiedde en de nieuwe grens werd bestendigd met de Muur van Antoninus, tussen de Firth of Forth en de Firth of Clyde.
Over het waarom van deze expansie kunnen we enkel speculeren, aangezien de bronnen er niet over spreken. De meest plausibele verklaring is dat Antoninus toch één keer wilde tonen dat hij dat ook kon, veroveren, om aldus zijn reputatie veilig te stellen. Binnen de twintig jaar werd de nieuwe grens echter opgegeven en trokken de Romeinen zich terug achter de zuidelijker Muur van Hadrianus. De reden daarvoor kan zijn dat het land tussen beide muren weinig vruchtbaar was, waardoor er zich geen echt hinterland kon ontwikkelen en de militaire structuur geïsoleerd zou staan van enig ander Romeins leven.
Opstanden
De hypothese dat hij hiermee een al te zachtaardige reputatie in de kiem smoorde, wordt ondersteund door het wedervaren van twee usurpatoren tijdens zijn heerschappij. Die in Spanje werd door de lokale gezanten tot overgave (en zelfmoord) gedwongen, de andere was een al te drieste senator en werd overgedragen aan het strafrecht van de Senaat.

Dit toont dat het gezag van Antoninus van meet af aan sterk stond en dat hij het verder verstevigde door de bestaande structuren te legitimeren. Die stijl zette hij door bij opstanden in Dacia, Germania Superior en Armenia: waar nodig, kende hij meer beslissingsmacht toe aan de gouverneurs, stuurde hij extra troepen of bekrachtigde hij de bouw van nieuwe forten.
Bouwmeester
Terwijl hij zich aldus niet persoonlijk bezighield met militaire campagnes in de uithoeken van zijn rijk, concentreerde Antoninus zich op de verbetering van het dagelijks leven. Hij voltooide enkele aquaducten die al waren aangevat onder zijn voorganger Hadrianus, zoals het indrukwekkende exemplaar in Athene. Hij liet ook bruggen en wegen aanleggen, herstellen en verbeteren.
In het algemeen deed hij niet aan zelfpromotie door nieuwe bouwwerken te starten onder eigen naam, maar verzekerde hij het algemeen belang door bestaande infrastructuur te onderhouden. Verder toonde hij zich bijzonder grootmoedig door tijdelijk belastingen op te schorten in steden die getroffen werden door ramp. Hij liet die daarentegen heropbouwen met steun van de schatkist, soms zelfs zijn eigen vermogen.

Begrotingsoverschot
Ondanks al die bouw en wederopbouw, had deze vredeskeizer een voortdurend begrotingsoverschot. Hij was de laatste die zijn opvolger een goed gevulde schatkist naliet. Dit zou te danken zijn aan zijn notoire soberheid, waarvan hij de administratie in het ganse rijk doordrong. Hij was ook zuinig qua persoonlijke uitgaven, wat hem op een weeklacht van zijn vrouw Faustina kwam te staan.
Toch zorgde hij voor zijn familie: hij splitste de keizerlijke rijkdom op in een publiek stuk en een privaat stuk, waardoor enerzijds zijn persoonlijke verrijking werd ingeperkt en anderzijds zijn privékapitaal niet zou worden aangesproken om de putten van het imperium te vullen. Eén keer haalde hij de knip van de beurs: bij de 900ste verjaardag van Rome schonk hij de stad exuberante feesten, waarbij tal van exotische dieren werden opgevoerd en gedood. Dit noopte hem zelfs tot devaluatie van de munt.

Religie en recht
Dat Antoninus Pius allesbehalve een kettervreter was, blijkt uit zijn financiële steun aan nieuwe cultussen, voor de moedergod Cybele in Anatolië of voor de populaire Mithras. Hij kantte zich tegen vervolging van christenen, zolang zij de belangen van het Rijk niet schaadden. Op religieus vlak hanteerde hij dus een gedoogpolitiek, meer nog, bevestigde hij gangbare praktijken met zijn keizerlijke zegen en dotatie.
Dat was anders op wettelijk vlak. Overal in het rijk verving hij stelselmatig de lokale wetgeving, rechtspraak en strafuitvoering door de Romeinse. Dat was niet zozeer ingegeven door heerszuchtige neigingen, wel door humanistische. De Romeinse rechtspraak kende, meer dan lokale varianten, een vermoeden van onschuld en toezicht op de ondervraging, principes die hij zelf liet verankeren in de wet. Merkwaardig genoeg breidde hij tegelijk de toepasbaarheid uit van foltering tijdens de ondervraging, een praktijk die intussen de Romein van lagere klasse had getroffen, terwijl vrije burgers van de republiek eertijds nooit aan tortuur waren blootgesteld.

Tot slot valt Antoninus Pius in onze humanistische smaak doordat hij het aanzienlijk makkelijker maakte voor slaven om zich vrij te kopen, of voor eigenaars om hun slaven vrij te laten. Bij mishandeling kon een meester zelfs verplicht worden zijn slaaf te verkopen. Daaronder viel prostitutie: in geen geval mochten vrouwelijke slaven tot die praktijk gedwongen worden. Opmerkelijk is dan weer zijn houding bij gladiatorengevechten. Hij weigerde de symbolische duim op te steken en liet de beslissing over leven of dood aan de overwinnaar.
[Deze gastbijdrage van Dieter Verhofstadt, naar aanleiding van de Marcus Aurelius-expositie in Trier, wordt vervolgd. Dank je wel Dieter!]
Zelfde tijdvak
Oxyrhynchos (2)februari 17, 2023
Het evangelie van Thomas (1)februari 26, 2023
Limes en scepsis (3)september 30, 2016

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.