De Maghreb in de Middeleeuwen

Maquette van Qal’at Bani Hammad (Museum van Sétif)

Ik heb weleens de indruk dat oudheidkundigen die zich bezighouden met de Lage Landen in de Romeinse tijd, de seizoensmigratie onderschatten. Voor de Maghreb geldt het omgekeerde: er bestaat een neiging om de mobiliteit van de bevolking te overschatten. Heel veel Berbers waren sedentair – en dat al eeuwenlang. De Griekse onderzoeker Herodotos vermeldt het in de vijfde eeuw v.Chr.noot Herodotos, Historiën 4.187.

Het beeld van een grotendeels nomadische bevolking zal in de hand zijn gewerkt doordat een andere Griekse geschiedschrijver, Polybios, de Numidische koning Massinissa presenteert als De Grote Civilisator. Dat “Numidiërs” bedrieglijk veel lijkt op νομάδες zal ook een rol hebben gespeeld. En tot slot: toen de Fransen zich eenmaal van Algerije meester hadden gemaakt, kan het hun wel goed zijn uitgekomen de nadruk te leggen op nomadisme. Dat gold in Europa als minder beschaafd en dus konden de Fransen denken dat ze de bewoners van de Maghreb voor hun eigen bestwil hadden onderworpen. Ik heb eerlijk gezegd geen idee of het echt zo is gegaan, maar zou het me kunnen voorstellen.

Lees verder “De Maghreb in de Middeleeuwen”

Lodewijk de Heilige in Karthago

Lodewijk de Heilige (Karthago)

Een week of drie, vier geleden blogde ik over de Zevende Kruistocht. De Franse koning Lodewijk de Heilige boekte in Egypte aanvankelijk succes, werd daarna verslagen, raakte in krijgsgevangenschap, werd vrijgekocht en concentreerde zich vervolgens op het versterken van de havensteden van het Koninkrijk Jeruzalem. Dat gebeurde allemaal tussen 1248 en 1254. In 1270 trok Lodewijk, zesenvijftig jaar oud, opnieuw ten strijde.

De Achtste Kruistocht

Het was urgent het Heilig Land te verdedigen. De Mammelukse sultan Baybars was bezig de christelijke steunpunten in de Landen van Overzee een voor een uit te schakelen. Desondanks was de eerste bestemming van de Achtste Kruistocht de stad Tunis. We hebben geen idee waarom, al biedt Lodewijks biechtvader een aanwijzing: Lodewijk zou hebben gemeend dat sultan Muhammad I al-Mustansir – hij behoorde tot de Hafsidische dynastie waarover ik al eens blogde – zich wilde bekeren tot het christendom. Zo iemand zou een extra steun kunnen zijn voor het eigenlijke werk in het oosten. Toen dat niet zo bleek te zijn, was het Franse leger al slaags geraakt met het Hafsidische en was er geen weg terug.

Lees verder “Lodewijk de Heilige in Karthago”

Middeleeuws Tunesië

Mahdia

Ik vertelde gisteren dat Aghlabidisch Tunesië in de problemen kwam door een grote opstand. De rebellen hielpen vervolgens de Fatimiden, eveneens sji’ieten, aan de macht in Egypte. Zij eisten het kalifaat op, dat volgens hen ten onrechte in handen was gekomen van de Umayyaden (eerst in Damascus, rond 900 nog steeds in Córdoba) en de Abbasiden van Bagdad. De zich als kalief aandienende Fatimidische leider gold als de teruggekeerde laatste imam, de mahdi, en de residentie van de Fatimidische gouverneur in Tunesië heette dan ook Mahdia.

De Ziriden

De bestuurders die, toen de Fatimidische kalief zich vestigde in Cairo, namens hem heersten over Tunesië, kwamen vanaf 972 uit de dynastie die bekendstaat als de Ziriden, Berbers. En zoals de Aghlabiden autonomie hadden verworven ten opzichte van de Abbasiden, zo gingen de Ziriden zich onafhankelijk gedragen ten opzichte van de Fatimiden. De economische bloei van Tunesië zette zich aanvankelijk voort, maar men verloor de greep op de woestijnhandel: de Fatimiden in Egypte en de Almoraviden in Marokko werden geduchte concurrenten.

Lees verder “Middeleeuws Tunesië”