Archeologie van Israël (7): Hazor

De verbrande muren van Hazor

Maximalisme of minimalisme? We naderen het einde van deze reeks stukjes, die hier begon. We hebben gezien dat de minimalist op punten voorstaat als het gaat om de vraag of het glorieuze koninkrijk van koning Salomo ooit heeft bestaan, terwijl de minimalist er ook redelijk voorstaat als het gaat om het archeologisch bewijs van de Intocht. Zelfs als we de bijbelse chronologie loslaten en de verovering van Kanaän plaatsen in de twaalfde eeuw, zijn er teveel aanwijzingen dat het bijbelse verhaal niet zonder goede argumenten kan worden aangenomen voor waar.

We hebben het alleen nog niet gehad over Tel Hazor. Het gaat hier om een enorme burcht die in het uiterste noorden van Israël de plaatst beheerst waar de route van Damascus naar de zee de bovenloop van de Jordaan kruist. Archeologisch is de plek een goudmijn, maar het is bovendien prettig dat de belangrijke stad ook wordt genoemd in de teksten uit Mari in Syrië, uit Babylonië en uit Egypte. De farao lijkt de koning van Hazor te hebben beschouwd als zijn onderkoning in Kanaän, het hoofd van de andere stadstaatjes. Dit staat ook in de Bijbel (Jozua 11.10-11). Er moeten ongeveer 30.000 mensen hebben gewoond.

Lees verder “Archeologie van Israël (7): Hazor”

Archeologie van Israël (1): de context

Hazor: Bronstijdcitadel. Achteraan de berg Karmel.

Ik heb er al eens vaker op gewezen dat archeologen soms op een vreemde manier de publiciteit zoeken. Het is ze niet altijd te verwijten, want archeologie is niet altijd eenvoudig uit te leggen. Maar als iemand beweert dat deze of gene opgraving bewijst dat een bijbels verhaal op waarheid berust, dan mag je er gerust van uitgaan dat er iets niet in de haak is. De kop dat “3,000-year-old wheat traces said to support biblical account of Israelite conquest” geeft in elk geval aan dat de journalist nattigheid voelde. Toch is de gerapporteerde vondst interessant, want ze illustreert wat momenteel de inzet is van de archeologie in de staat Israël.

Die is, om te beginnen, gepolitiseerd. Het archeologiebudget in Israël is enorm en wordt grotendeels besteed aan vondsten die op een of andere manier het joodse karakter van het land benadrukken. Niet dat een islamitische vondst wordt genegeerd – het Omayyadische paleis aan de voet van de Tempelberg is bijvoorbeeld keurig opgegraven en voor het publiek toegankelijk – maar het krijgt de nadruk niet. Dat is niet zó heel vreemd; in Nederland worden soortgelijke keuzes gemaakt. Nog vandaag hoorde ik hoe op een opgraving de Bataafse vondsten zeer zorgvuldig werden geregistreerd terwijl al het middeleeuwse materiaal ongezien verdween naar de stort. Die keuze is verdedigbaar, maar het is een keuze en die keuze zegt iets over beleidsprioriteiten.

Lees verder “Archeologie van Israël (1): de context”