De granaatappel

Granaatappel

De granaatappel is een van de bekendste mediterrane vruchten en komt, zoals zo veel mediterrane gewassen, eigenlijk uit het Midden-Oosten. Wilde granaatappels werden al in de Steentijd geplukt, maar de echte teelt dateert van pakweg 3000 v.Chr. en vond (voor zover bekend) voor het eerst plaats op de Iraanse hoogvlakte. Een half millennium later staan granaatappels vermeld op kleitabletten, en weer een millennium later was de vrucht bekend aan de opvarenden van het schip waarvan het wrak bij Uluburun is teruggevonden. De boeren op Cyprus en de Peloponnessos kenden de granaatappel in de dertiende eeuw v.Chr., en de Feniciërs brachten de vrucht in de IJzertijd naar het westen.

De Romeinen noemden de vrucht dan ook granatum Punicum, wat zoiets wil zeggen als “Fenicische vrucht vol pitjes”. Ook malum Punicum is gedocumenteerd, “Fenicische appel”. De Romeinse encyclopedist Plinius de Oudere meende dat het eten van de vrucht goed was voor de gezondheid: volgens hem was het sap goed voor het gehoor, genas het zweren en steekpuisten, verdreef het lintwormen, hielp het tegen diarree en tegen rode vlekken op de handen.noot Plinius de Oudere, Natuurlijke Historie 23.109. Het was bovendien een afrodisiacum.

Lees verder “De granaatappel”

De eerste Arabische marine

De Slag der Masten

In 640 veroverden de Arabieren de Byzantijnse provincie Egypte, maar in 646 werd Alexandrië alweer terugveroverd door een Byzantijnse vloot. Die bleef niet zo lang, maar het was een schok te beseffen hoe gemakkelijk het nieuwe Arabische rijk vanuit zee was aan te vallen. De capabele gouverneur van Syrië, Mu‘āwiya, die later kalief zou worden, overtuigde zijn wat passieve oudoom kalief ‘Uthmān van de noodzaak, een marine op te bouwen. Hij kreeg toestemming en dwong talloze scheepsbouwers in Egypte en Syrië schepen te bouwen. Na drie jaar lag er een vloot van maar liefst zeventienhonderd schepen voor de Syrische kust: “de zee was niet meer te zien van de masten”.

Eerste operaties van de vloot

Nu moest die vloot natuurlijk uitgeprobeerd worden. Men bracht soldaten aan boord, 12.000 naar men zegt, en voerde in het voorjaar van 649 een overval uit op het nog Byzantijnse eiland Cyprus. De bewoners daar lieten de soldaten ongehinderd aan land gaan omdat zij dachten dat het Byzantijnen waren. Ze konden zich blijkbaar niet voorstellen dat er zoiets als een Arabische vloot bestond. De troepen konden gewoon doorlopen naar de hoofdstad Constantia, niet ver van het huidige Famagusta, die zij bezetten en plunderden. Zeer grote hoeveelheden goud en zilver en talloze slaven en slavinnen werden buitgemaakt. Zo werden de kosten van de vlootbouw er aardig uitgehaald.

Lees verder “De eerste Arabische marine”

De mastspoor van Keryneia

Het Keryneia-scheepswrak (Museum van Girne)

Tijdens de Cyprusreis met Jona in september 2024 bezocht het reisgezelschap onder meer Keryneia op het noordelijk deel van het eiland. Daar bevindt zich een kasteel, waarvan een van de ruimten benut is voor de tentoonstelling van een hellenistisch scheepswrak, dendrochronologisch en op grond van Macedonische munten gedateerd rond 280-275 v. Chr. Het schip vervoerde o.m. amphorae wijn afkomstig van Rhodos, amandelnoten en ruw ijzer in de vorm van braadspitten van ongeveer een halve meter lengte.

Scheepsconstructie

Bootjes hebben mijn bijzondere interesse sinds mijn vader van een bouwtekening een zeiljol voor zijn zes kinderen heeft gebouwd, een kinderboot, waar ik eigenlijk al te oud voor was (namelijk veertien). Omdat de zoldertrap te smal was, moest de assemblage tot ongenoegen van mijn moeder in de woonkamer plaatsvinden. Toen de spanten klaar waren en in elkaar gezet, waren de bodem en de zijkanten aan de beurt, Bruynzeel hechthout, die hij er met veel geduld tegenaan zette. Het was een knap stuk werk voor een belastingambtenaar. Ik heb er denk ik drie zomers plezier van gehad, toen was ik er echt uitgegroeid.

Lees verder “De mastspoor van Keryneia”

Het nagebouwde schip van Keryneia

Het wrak van Keryneia

In 2004 waren de Olympische Spelen in Athene en Cyprus, dat immers behoort tot de Griekse wereld, wilde een cultureel steentje bijdragen. Daarom bouwde men een reconstructie van het schip dat ooit, ergens kort na 300 v.Chr., is vergaan in het zicht van de haven van de noordelijke stad Keryneia. Ik blogde al eens over het vloektablet dat, zou je denken, de scheepsramp veroorzaakte.

De reconstructie was natuurlijk een politiek project. Keryneia ligt in het noordelijk deel van Cyprus, waar de Turken in 1974 een eigen republiek hebben ingericht. De bouw van dit schip bracht de bezetting van een deel van het eiland in herinnering. Dat de bouwers het schip Vrijheid doopten, was vanzelfsprekend ook een politiek signaal en geen verwijzing naar Kapitein Rob.

Lees verder “Het nagebouwde schip van Keryneia”

Een chalcolithische plaspop

Chalcolithische plaspop (Pierides-museum, Larnaka)

Ik ben momenteel in Larnaka, het antieke Kition, op Cyprus; ik schrijf dit op mijn hotelkamer. Vanmiddag was ik in het Pierides-museum, dat de oudheidkundige collectie toont van een rijke Cypriotische familie. Het is een fijne plek om een uurtje door te brengen. Werkelijke topstukken staan er niet, maar het museum hypet de vondsten tenminste niet en biedt een gewoon gedegen overzicht van wat er in de Oudheid zoal op Cyprus is vervaardigd.

Zoals het bovenstaande beeld. Zesendertig centimeter hoog. Het dateert uit het Chalcolithicum, dus zeg maar de aanlooptijd naar de Bronstijd, ofwel het vierde millennium v.Chr. Even oud als de Naqada-cultuur in Egypte, de Uruk-cultuur in Mesopotamië en de Yamnaya-cultuur op de Pontische vlakte. Dit beeld is uniek: een man op een krukje, de knieën opgetrokken, ellenbogen op de knieën ter ondersteuning van het hoofd. Wijdopen mond. En het is een vaas.

Lees verder “Een chalcolithische plaspop”

De Cypriotische stad Salamis

De stadsgodin van Salamis (Neues Museum, Berlijn)

Ik blogde al eens eerder over Enkomi: in de Late Bronstijd en Vroege IJzertijd een belangrijke havenstad in het oosten van Cyprus. De haven verzandde echter en er was een aardbeving. Er kwam een nieuwe stad, wat oostelijker gelegen: Salamis. Die stad hield het uit van de IJzertijd tot de tijd van de Arabische veroveringen, dus een eeuw of zeventien, achttien.

Salamis in de IJzertijd

Volgens de legende is Salamis gesticht door de Griekse held Teukros, die was verbannen door zijn vader Telamon, de koning van het Griekse eiland Salamis. Teukros was tijdens de Trojaanse Oorlog namelijk niet in staat geweest om de wapenrusting van zijn halfbroer Ajax uit handen van diens rivaal Odysseus te houden. Daarom onterfde Telamon zijn zoon. Dit verhaal is natuurlijk fictie en zal zijn verzonnen om te verklaren waarom de Cypriotische stad dezelfde naam had als het Griekse eiland. Dat wil overigens niet zeggen dat er geen Griekse migranten in Salamis hebben gewoond.

Lees verder “De Cypriotische stad Salamis”

Faits divers (19)

Reconstructie van de wandschildering uit de Villa van Maasbracht, nu te zien in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

De vaste bezoekers van deze blog weten het: als er een aflevering is in de nogal onregelmatig verschijnende reeks faits divers, dan zullen het wel weer wat onsamenhangende faits divers zijn. En het is krek zo.

Woorden tellen

Het is vrij algemeen bekend – en ook niet onwaar – dat het Romeinse Rijk in de eerste en tweede eeuw na Chr. een bloeiperiode meemaakte. Maar hoe meet je zoiets? Je kunt scheepswrakken gaan tellen en die aantallen gebruiken om de groei en afname van het handelsvolume te documenteren. Je kunt jaarringen analyseren en constateren dat het klimaat in de derde eeuw veranderde. Je kunt opgegraven botten tellen en uitspraken doen over vleesconsumptie. En je kunt de bouwjaren van monumentale gebouwen in een grafiek zetten en aannemen dat elk gebouw twee eeuwen heeft gestaan, en zo constateren hoeveel monumenten er op een gegeven moment waren. Ook kun je inscripties per decennium tellen, om zo een indruk te krijgen.

En nu is er een nieuwe methode: woorden in papyri tellen. Er is een piek in de tweede eeuw. Niet onverwacht. Wel een extra argument.

Lees verder “Faits divers (19)”

Enkomi

Enkomi, Huis 18

Een mens heeft zijn favorieten. Voor sommige opgravingen heb ik een zwak. Een daarvan is Enkomi in het oosten van Cyprus. Niet alleen is de site archeologisch belangrijk, maar het onderzoek is ook nogal abrupt afgebroken toen Turkije dit deel van het eiland bezette. Daardoor ligt het terrein erbij alsof de archeologen nog bezig zijn (wat feitelijk ook zo is). Er is nog geen museum, er is nog geen uitleg, en de bewaker kijkt alsof hij nog nooit een bezoeker heeft ontvangen. Wat niet zo vreemd is, want Enkomi documenteert de Bronstijd en de Vroege IJzertijd, terwijl even verderop het veel toegankelijkere Salamis ligt. Eigenlijk liggen hier drie havensteden op een rij: Enkomi, Salamis en Famagusta.

Bronstijd

De oudste vondsten in Enkomi dateren uit het eerste kwart van het tweede millennium v.Chr. Dat is synchroon met het Egyptische Middenrijk, toen Enkomi handel dreef met Byblos. Enkomi zal een tussenhaven zijn geweest. Door vanuit Byblos over te steken naar Cyprus en daarvandaan naar het zuiden te varen, konden zeelieden de noordwaartse stroming voor de kust van het huidige Israël vermijden.

Lees verder “Enkomi”

Een “warrior burial” uit Kreta

Een helm met everzwijnentanden (Archeologisch Museum van Heraklion)

Een Griekse warrior burial is, zoals de naam al suggereert, het graf van een man die is begraven als krijger. Deze luxueuze graven dateren uit de Vroege IJzertijd, laten we zeggen uit de eeuw tussen 1050 en 950 v.Chr. Warrior burials zijn niet alleen aangetroffen in het Griekse moederland (Tiryns, Lefkandi…), maar ook op Kreta (Knossos) en vooral op Cyprus (Oud-Pafos, Salamis, Kourion…). De krijgers – of degenen die als krijgers werden begraven, als we heel precies willen zijn – zijn doorgaans gecremeerd en bijgezet met wapens, driepoten en andere voorwerpen van brons en ijzer. Ik blogde al eens over een man uit Oud-Pafos die is begraven met zijn badkuip.

De graven op Kreta bevatten voorwerpen die zijn vervaardigd op Cyprus of nog verder naar het oosten. Ze doen een beetje denken aan de opmerkingen uit de Odyssee van Homeros, waarin nogal wat Griekse helden via het oostelijk Middellandse Zee-bekken terugkeren naar hun moederland. In het vierde boek van de Odyssee vertelt bijvoorbeeld Menelaos aan Odysseus’ zoon Telemachos dat hij Cyprus, Fenicië en Egypte heeft aangedaan.noot Homeros, Odyssee 4.83-85, 4.615-619.

Lees verder “Een “warrior burial” uit Kreta”

Na de Zeevolken (2)

[Tweede deel van een bespreking van Eric Cline, After 1177 BC. The Survival of Civilizations; het eerste deel was hier.]

Data, informatie, interpretatie, model

Het oudheidkundig wetenschappelijk proces bestaat, grosso modo, uit vier stappen. We beginnen met het verzamelen van data. Die worden in verband gebracht met andere data en zo veranderen ze in informatie. Dan volgt een eerste interpretatie, waarna we tot slot de grote synthese kunnen schrijven vanuit een vaak sociaalwetenschappelijk model. Dat is ook wat Cline doet. Bij het beschrijven van de tijd na de Zeevolken gebruikt hij resilience theory, ofwel inzichten over de veerkracht van een samenleving. Daarmee is hij de enige niet. Kyle Harper deed het in The Fate of Rome (2017).

Cline benut als leidraad het IPCC-rapport uit 2012, gewijd aan de wijze waarop de mensheid zich kan aanpassen aan veranderend klimaat. Daaraan ontleent hij een helder begrippenapparaat. De Assyriërs, Babyloniërs en Egyptenaren hadden het vermogen om tegenslagen te absorberen, wellicht doordat ze een stabiele agrarische sector hadden (Eufraat, Tigris, Nijl). Voor hun waren de problemen iets waarmee viel om te gaan. (Het onvertaalbare Engelse woord is coping.) De Neo-Hittieten pasten zich aan (adapting) en de Feniciërs en Cyprioten transformeerden zichzelf. De crisis van de een is de kans van de ander. En dat is een aanzienlijk genuanceerder beeld dan het eenzijdige “instorting”.

Lees verder “Na de Zeevolken (2)”