De staalwoestijn (1)

“Wat een gaaf thema, dat van die Staalwoestijn. Voel je vrij eens een blogje te schrijven om er reclame voor te maken.” Dat mailde Jona me. Zoiets laat je je geen twee keer zeggen natuurlijk. Deze blog gaat dus over mijn nieuwe boek: De Staalwoestijn. Verandering van een landschap, van Hoogovens tot Tata: een geschiedenis. In die geschiedenis is de Oudheid ver weg: 1815-2023 is moderne tijd en, naarmate het verhaal vordert, recent en hedendaags.

Ik woon in Velsen-Noord, waar vervuiling, rook en stoom van diverse pluimage je dagelijks de neus in waait. Tata, Vattenfall, papierfabriek Van Gelder, intensief wegverkeer, scheep- en luchtvaart: ze dragen er allemaal een flinke steen aan bij. De grootste boosdoener is echter het fabrieksconglomeraat van Tata Steel. Tegelijkertijd is Tata ook de grootste werkgever in het gebied en dat maakt dit een lastig probleem.

Lees verder “De staalwoestijn (1)”

Is Velsen Flevum?

De Romeinse vlootbasis van Velsen (Graham Sumner)

Het gaat over Flevum, dus het is interessant. Archeoloog Arjen Bosman heeft bij Velsen een enorm groot Romeins kamp ontdekt, een castra. U leest er in De Volkskrant meer over. Nu waren er al heel lang twee Romeinse kampen bekend, die archeologen meestal aanduiden als Velsen-1 en Velsen-2. Het nieuwtje is nu dat Velsen-2 zich veel verder naar het westen uitstrekte dan men aannam.

Het ontstaan van Velsen-1 is met jaarringen te dateren rond 15 na Chr. en lijkt in verband te staan met een vlootexpeditie van prins Germanicus richting Eems. Het einde wordt geplaatst rond 28 na Chr., omdat de Friezen toen in opstand kwamen. Ik blogde er al eens over. Velsen-2 werd lange tijd geplaatst in de jaren veertig, toen keizer Caligula in Katwijk was en generaal Corbulo probeerde de Friezen te onderwerpen. Een groot Velsen-2 past daar goed bij.

Lees verder “Is Velsen Flevum?”

Joods, of ze wilden of niet

Wetenschapsjournalist Theo Toebosch woont vier blokken van mij vandaan. Ik kom hem op straat wel eens tegen. We zullen twee of drie keer hebben geluncht. Ik mag dus niet beweren dat ik onbevooroordeeld ben begonnen aan zijn boek over de familie Josephus Jitta, Uitverkoren zondebokken. Toch denk ik dat ik, als ik onbevooroordeelder aan dit boek was begonnen, moeilijk een andere recensie zou kunnen schrijven dan de huidige. Het is moeilijk Toebosch’ enthousiasme voor de stof niet te delen.

De woorden ‘uitverkoren’ en ‘zondebok’ suggereren dat we te maken hebben met een joodse familie, wat correct blijkt te zijn in de eerste helft van het boek, waarin Toebosch het leven beschrijft van de joden van Bamberg. Een van hen, Nathan (1739-1829), kan een financiële betrekking (‘hofjood’) krijgen bij de Prince de Ligne, die grootse plannen heeft met een dorp in Henegouwen. Het loopt echter op niets uit en Nathan vestigt zich uiteindelijk in Amsterdam, waar hij de achternaam Josephus Jitta aanneemt als Napoleon in 1812 de burgerlijke stand invoert.

Lees verder “Joods, of ze wilden of niet”