MoM | Continuïteit en relevantie

Eergisteren en gisteren schreef ik over teksten die aspecten illustreren van de oude wereld die hun invloed lange tijd hebben doen voelen. De labels uit graf U-j in Abydos tonen het begin van de schrijfkunst, waarvan ik het belang niet hoef toe te lichten. De wetten uit Eshnunna vertegenwoordigen een alternatief voor gewoonterecht, namelijk codificatie, waarop wij voortbouwen. Enuma Elisj bood een model voor nogal wat latere mythologie, die wij weliswaar achter ons hebben gelaten, maar die eeuwenlang invloedrijk is geweest. De Gatha’s illustreren de vervlechting van religie en ethiek, die voor vele gelovigen nog altijd actueel is. De Ilias documenteert onze norm dat privileges verplichten én onze zin voor het tragische.

Maakt dit alles de bestudering van de Oudheid relevant? Dat is alleen vol te houden, geloof ik, als je aanneemt dat dingen in hun ontstaansfase puur en zuiver zijn en dat je de kern van een verschijnsel het beste begrijpt door de oorsprong te bekijken. Mij lijkt dat baarlijke nonsens. De eerste wetten zijn niet zuiverder dan latere en je begrijpt de aard van wetgeving ook niet beter als je de tabletten uit Eshnunna bekijkt. Hooguit begrijp je beter welke bezorgdheden mensen ertoe brachten informele rechtsvinding te vervangen door een meer geformaliseerde praktijk. Dat is leuk om te weten, maar maakt het niet meteen relevant.

Lees verder “MoM | Continuïteit en relevantie”

MoM | Artifact & Artifice

Daar zaten we dan als studenten, te luisteren naar een docent archeologie die ons voorhield dat de Atheense democratie na de Peloponnesische Oorlog niet langer functioneerde. Terwijl wij wisten dat de belangrijkste teksten juist daarna waren geschreven: de redevoeringen van een Demosthenes, de analyse van een Aristoteles, de aanvallen van een Plato. Ons respect voor zo’n docent werd er niet groter op. Omgekeerd hadden we college van een oudhistoricus die ons adviseerde over archeologie vooral de essays van Moses Finley te lezen, terwijl wij al diens redenatiefouten moeiteloos konden uittekenen. Ook dat droeg niet bij aan ons respect voor de docenten.

Ik weet tot op de dag van vandaag niet – en ik schrijf dat zonder ironie – waar het wederzijdse onbegrip vandaan kwam, want de teksten van de oudhistorici en de vondsten van de archeologen documenteren dezelfde cultuur. Wie zich tot één bewijscategorie beperkt, is als een pianist die alleen de witte of alleen de zwarte toetsen bespeelt. Je krijgt weliswaar muziek, maar ontzegt je de volle rijkdom. Wat onderzoekers bewoog deze beperking te aanvaarden, weet ik dus niet, wél weet ik dat de Deetman-kaalslag het probleem vergrootte: de studieprogramma’s werden bekort tot vier jaar, zodat studenten geen tijd meer kregen belangrijke collega-vakken te leren kennen.

Lees verder “MoM | Artifact & Artifice”

De veranderende bibliotheek

Zelfs als u in Apeldoorn woont zal de bovenstaande foto u weinig zeggen: een monumentaal huis en wat herfstige bomen. De totempaal behoort bij de kinderboerderij ernaast. Ruim veertig jaar geleden was deze villa in gebruik als de openbare bibliotheek van de stadswijk Zevenhuizen, waar ik ben opgegroeid. Het leesgierige jongetje dat ik was moet er tientallen boeken hebben geleend. Ik herinner me overigens alleen dat ik “Inde soete suikerbol” niet leuk vond en dat ik van “De zilveren stoel” begreep dat het een vervolg was op een boek dat ik niet had gelezen.

Wat ik me verder herinner – ook toen de bibliotheek was verhuisd naar een speciale nieuwbouw, ook toen ik mijn lectuur ging halen in de hoofdvestiging, ook toen die zijn intrek nam in een speciaal ontworpen nieuw gebouw, ook toen ik mijn boeken ging halen in de Athenaeum-bibliotheek in Deventer – was dat je altijd advies kon vragen bij de mensen die daar werkten. Die konden je precies uitleggen welke boeken voor jou geschikt waren en welke niet. Best knap, want je hebt lezers met uitlopende belangstelling en kinderen krijgen, naarmate ze ouder worden, behoefte aan andere informatie.

Lees verder “De veranderende bibliotheek”

Livius Nieuwsbrief | Augustus 2017

Dit is de 143e aflevering van de Livius Nieuwsbrief met nieuws over de Oudheid. Bijna 6600 abonnees ontvangen de nieuwsbrief elke maand gratis; voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Jona Lendering (redactie)

======================================

LIVIUS’ EIGEN NIEUWS

Een greep uit het Liviusaanbod: er zijn twee plaatsen vrij in onze reis langs de Dalmatische kust – informatie opvragen kan tot 6 augustus – en er zijn voor het najaar al wat leuke cursussen gepland.

Lees verder “Livius Nieuwsbrief | Augustus 2017”

MoM | Het backfire-effect

Anderhalf jaar geleden schreef Carlijne Vos een verhelderend stuk in De Volkskrant over asielzoekers, dat ze inleidde met de opmerking dat het tijd was “om fictie van feiten te onderscheiden”. Er was helemaal niets mis met haar betoog. Voor wie probeerde genuanceerd te denken over de problematiek, stond er veel lezenswaardigs in. Wie zich daarentegen vooral zorgen maakte en de nuance voorbij was, werd door het stuk vooral bevestigd in het idee dat die linkse journalisten van De Volkskrant desnoods gewoon logen om hun multiculti-ideaal op te dringen aan een Nederland dat met die gelukzoekers allang helemaal klaar was.

Die laatste reactie was dan een uiting van het backfire-effect. Het lijkt zo voorbeeldig wat Vos deed: het presenteren van de correcte feiten en het uitleggen van de wijze waarop die zijn vastgesteld, maar het werkt niet. Weliswaar is uitleg vaak een manier om een discussie naar een goed einde te brengen, maar dat is niet het geval wanneer de context al polemisch is. Dan worden zelfs de objectiefst-denkbare gegevens en de allerredelijkste methoden gewantrouwd.

Lees verder “MoM | Het backfire-effect”

Von Däniken

De piramide van Cheops

Sommige artikelen zou je zelf geschreven willen hebben, zoals het stuk van Martijn van Calmthout in De Volkskrant van afgelopen zaterdag over Erich von Däniken. Terwijl Van Calmthout enerzijds duidelijk maakt hoe pseudowetenschappelijk Von Dänikens idee is dat de aarde ooit is aangedaan door buitenaardse bezoekers, schetst hij een uiteindelijk sympathiek portret.

Daar is niets mis mee, maar door dit accent is er geen aandacht voor de negatieve impact van Von Dänikens gefantaseer. Die is echter onverminderd actueel.

Eén probleem is makkelijk te benoemen. Von Däniken heeft een charmante belangstelling voor het erfgoed van exotische culturen, waar hij verbaasd naar kijkt. Die piramiden, zoiets indrukwekkends kunnen die Egyptenaren natuurlijk nooit zélf hebben gebouwd. Die wereldkaart van de Ottomaanse admiraal Piri Reis is zó nauwkeurig dat een Turk het niet kan hebben vervaardigd. Je zou haast denken dat Von Däniken een eurocentrist is die de niet-Europese culturen elke creativiteit ontzegt.

Lees verder “Von Däniken”

De Green-papyri

Je kunt natuurlijk zelf je eigen papyri maken, zoals hier gebeurt, maar je bespaart jezelf veel werk door op eBay wat oud materiaal te kopen. Bijkomend voordeel is dat je niet bent te ontmaskeren met een C14-datering.

Ik blogde onlangs over de Green Collection: een beruchte verzameling oudheden waarvan het vermoeden bestond dat die illegaal tot stand was gekomen. Dat leidde tot FBI-onderzoek en de eigenaren, de Amerikaanse familie Green, hebben inmiddels erkend de Mesopotamische vondsten te hebben aangekocht op de zwarte markt. Ik wees er in mijn stukje op dat de schikking alleen dáárop betrekking had en niet op het Egyptische deel van de collectie, terwijl juist daar het vermoeden sterk was dat er iets niet in de haak was. Van minimaal één papyrusfragment, een vijfde-eeuwse snipper met een deel van Paulus’ Brief aan de Galaten, is namelijk absoluut zeker dat het aangeboden is geweest via eBay. U leest er meer over in Toebosch Onvolprezen Eigen Tijdschrift en wel hier.

Daarbij komt nog dat van Mesopotamische kleitabletten door middel van een techniek die bekendstaat als thermoluminescentie in het lab kan worden vastgesteld dat ze echt zijn. Bij Egyptische papyri kan zoiets niet: zolang een vervalser schrijft op antiek papyrus, voor zijn inkt de antieke receptuur benut en geen scherpe schrijfinstrumenten gebruikt, duidt een koolstofdatering op voldoende ouderdom, ziet een spectrometer niets raars aan de inkt en zijn er met een elektronenmicroscoop geen krasjes waarneembaar. Wetenschappelijk hebben uitsluitend papyri met een erkende herkomst (“provenance”) waarde. Fraude in het Egyptische deel van de Green-collectie is dus ernstiger dan in het Iraakse deel. Dus waarom begon de FBI het onderzoek niet daar?

Lees verder “De Green-papyri”