Doorstroomlocaties

Een bevriende schilder exposeerde in het Museum Amstelland en omdat ik daar nog nooit was geweest, fietste ik er deze zondag even naartoe. Zes kilometer. Bij binnenkomst was er een fles zeep en een blocnote om je naam en telefoonnummer op te schrijven. Iedereen droeg mondkapjes. Er was een groot plastic scherm bij de kassa. Je kon betalen voor het museumbezoek door geld in een soort plastic kubus te gooien. Toen ik naar het volgende vertrek wilde wandelen, stapte een medewerker zorgvuldig voor me opzij. Er was prima ventilatie. Er waren maximaal tien aanwezigen tegelijk. Kortom: hier werden de corona-regels voorbeeldig nageleefd.

Ik kan hetzelfde zeggen over museum Coda in Apeldoorn en museum De Waag in Deventer, waar ik heen ben gefietst toen ik in Apeldoorn moest zijn, of het Allard Pierson in mijn woonplaats Amsterdam. Iedereen houdt zich aan de regels.

Lees verder “Doorstroomlocaties”

De “Everest Fallacy”

Op de achtergrond de westelijke uitlopers van de Himalaya.

De Everest Fallacy is het beste te introduceren met een voorbeeld. In de tweede eeuw v.Chr. gold in Rome de regel dat dienstplichtigen deelnamen aan niet meer dan zes veldtochten. Er was echter een tendens mannen vaker onder de wapenen te roepen. Oudhistorici illustreren deze ontwikkeling weleens door te verwijzen naar een toespraak die volgens de Romeinse historicus Livius in 171 v.Chr. werd gehouden door ene Spurius Ligustinus. Als we Livius moeten geloven – en er is geen reden om dat niet te doen – had deze krijger in tweeëntwintig veldtochten gediend en eiste hij nu dat hij niet zou worden gedegradeerd.

Dit is een indrukwekkend redevoering maar het is slechte logica dit te beschouwen als bewijs voor de Romeinse rekruteringspraktijk. Het incident is namelijk in onze bronnen vermeld omdat het zo uitzonderlijk was. Het kan daarom niet worden gebruikt als bewijs dat soldaten steeds vaker gedwongen werden deel te nemen aan meer dan zes veldtochten. Het extreme is het representatieve niet.

Lees verder “De “Everest Fallacy””

Negeer die rare Nobelprijs nou eens

Het is de tijd van het jaar waarin de Nobelprijswinnaars bekend worden gemaakt. Maandag de geneeskunde, dinsdag de natuurkunde, vandaag de chemie. Die prijzen zijn altijd nieuws en dat is eigenlijk best problematisch, want de Nobelprijs is even representatief voor de wetenschap als Willem-Alexander voor de Nederlanders, een Rolls Royce voor auto’s, Donald Trump voor de Amerikanen, Moby Dick voor de walvissen en de Mount Everest voor bergen. Inderdaad, ik verwijs naar de Everest Fallacy: wat opvallend is, is per definitie uitzonderlijk en dus per definitie niet representatief.

De meeste stukjes over de Nobelprijzen gaan bovendien over een uitvinding of een inzicht van alweer een paar jaar geleden. Actualiteit hebben Nobelprijssstukjes dus ook al niet. Zie ik het goed, dan vormen ze het wetenschapsjournalistieke equivalent van inspirational literature: ze tonen mensen dat wetenschap mooi is.

Daar is niks mis mee. Ik ben althans de laatste om te mogen zeggen dat zoiets verkeerd zou zijn, want ik schrijf vrijwel dagelijks wel iets waarmee ik mensen wil tonen dat mijn vakgebied, de oudheidkunde, intellectueel de moeite waard kan zijn, zelfs als de officiële wetenschap zichzelf met opvallende hardnekkigheid ongeloofwaardig maakt.

Lees verder “Negeer die rare Nobelprijs nou eens”

De Everest Fallacy (opnieuw)

isfahan
Natuurhistorisch museum, Isfahan

1.

Bijna zes jaar geleden schreef ik:

Als ik bergen zou onderzoeken, zou de Mount Everest mij meteen opvallen, omdat het nu eenmaal de hoogste top ter wereld is. Maar zou ik al mijn kennis op deze berg baseren, dan gaat het mis: de Mount Everest is bijvoorbeeld grotendeels bedekt met sneeuw, en de meeste andere bergen zijn dat niet.

Het verschijnsel dat we het opvallendste ook belangrijk vinden, staat bekend als de “Everest Fallacy”. Deze neiging is vooral relevant voor de media, want nieuws is per definitie opvallend, extreem en dus niet-representatief. Een bomaanslag is extreem en daarom nieuws, maar is niet typerend voor wat er feitelijk gebeurt in een stad. Ik heb nooit de illusie gehad dat we ooit zonder de Everest Fallacy zouden leven. We zullen ons wereldbeeld altijd baseren op te extreme observaties.

2.

In het stukje waar ik zojuist naar linkte, gaf ik ook enkele voorbeelden van de Everest Fallacy. Voorbeelden die zes jaar geleden actueel waren. En over een daarvan wil ik het vandaag hebben.

Lees verder “De Everest Fallacy (opnieuw)”