Tien teksten (deel 3)

Aristoteles (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

Alles is water, de Babyloniërs wisten het al. Bij de schepping was nogal wat tevoorschijn gekomen uit de oerwateren en ooit waren de Zeven Wijzen, de apkallu, uit de zee geklommen om de mensheid wat wijsheid bij te brengen. De Grieken namen deze ideeën over. Alles is water, zei dus ook Thales van Milete, en hij begon te speculeren over de aard van de werkelijkheid. Het maakte indruk. Toen de Grieken eveneens het concept van “zeven wijzen” overnamen, pasten ze het niet toe op voorwereldlijke watermonsters maar op echte mensen, en rekenden ze ook Thales daartoe.

Wat ik maar zeggen wil: de Griekse filosofie bouwt voort op de Mesopotamische cultuur, die ze creatief ombouwde. Dat geldt ook voor de wetenschap: Thales kon aangeven wanneer een zonsverduistering mogelijk was en moet zijn kennis van de saroscyclus uit het oosten hebben gehaald. De Griekse filosofie ging daarna al snel wegen die niet zijn gedocumenteerd in de spijkerschriftcultuur. Het kan zijn dat de Mesopotamiërs gesprekken voerden over dezelfde vragen als de Grieken, maar als ze hun filosofische dialogen al hebben opgeschreven, zijn ze niet bewaard gebleven.

De grootmeester van de dialoogvorm is de Athener Plato en uit zijn oeuvre pik ik de Faidon, een dialoog over de scheiding van lichaam en ziel en de onsterfelijkheid van de laatste. Dat je na je dood op een of andere manier bleef bestaan, was in de Oudheid geen ongebruikelijk idee en is nog altijd een geliefd denkbeeld, maar ik zou niet willen spreken van een antieke invloed op ons, aangezien het thema universeel is. De invloed van het door de Faidon geïllustreerde aspect van de Griekse cultuur zit ergens anders: in het voorbeeld van Sokrates, die liever de gifbeker dronk dan dat hij de filosofie verloochende.

Een mooi voorbeeld van de invloed vinden we in het joodse Tweede Boek der Makkabeeën (en daarin de hoofdstukken 6 t/m 7), waarin enkele joden het vertikken een Griekse cultische hervorming over te nemen en de dood prefereren. De martelaren getuigen ervan dat een bepaald ideaal groter is dan het aardse leven en dat denkbeeld is, voor zover ik kan overzien, alleen ontstaan in de antieke wereld. Het is ook continue gedocumenteerd en bovendien nog altijd aanwezig. Vooral het christendom heeft nogal wat te bieden.

(Tussen haakjes: het martelaarschap in de politieke islam wortelt via de soefitraditie in het boeddhisme en heeft meer te maken met wereldverzaking. We zouden het eigenlijk een ander woord moeten geven want het heeft weinig te maken met het klassieke, joodse en christelijke martelaarschap.)

Tot zover Plato’s Faidon, mijn zesde invloedrijke tekst. Ik heb persoonlijk weinig met Plato omdat zijn bewijzen vaak zo weinig overtuigend zijn. Zijn leerling Aristoteles heeft nagedacht over wat nu eigenlijk een bewijs is en publiceerde daarover de zes geschriften die bekendstaan als het Organon. Het zou te ver gaan de teksten hier samen te vatten, maar ik zou u adviseren om, als u zich (na smaakmakers als Herodotos en Suetonius) werkelijk wil verdiepen in de antieke cultuur, de Analytica Priora eens te bekijken. Of liever nog: lees een introductie tot de aristotelische logica, zoals dit mooie boek. Hier ziet u een analytische geest aan het werk die een norm stelde waar de wetenschap zich sindsdien aan heeft gespiegeld.

Een onmogelijke norm. Aristoteles haalde hem zelf ook niet en als je kwaad wil spreken, kun je zeggen dat hij een retorische truc uithaalt, namelijk dat hij een norm presenteert en vervolgens in zijn geschriften doet alsof hij die toepast. Het is niet onwaar maar je doet hem zo tekort, zwaar tekort. Aristoteles stélde tenminste een norm. Nog eeuwenlang zou iedereen die zich aan die norm optrok – eerst zijn leerlingen in de hellenistische wereld, toen de Arabieren, daarna de middeleeuwse scholastici – de wetenschap en de mensheid verder brengen.

De zestiende-, zeventiende-eeuwse Wetenschappelijke Revolutie, waarin enkele aspecten van Aristoteles’ wereldbeeld ten grave werden gedragen, is ondenkbaar zonder discussie over een vraag die Aristoteles had aangezwengeld: hoe kun je weten dat een algemeen bevestigende bewering (bijv. “alle voorwerpen vallen met een eenparige versnelling”) ook werkelijk algemeen geldig is? De scholastiek was er niet uit gekomen; op de scholastiek voortbouwend meende Galilei dat gericht experimenteren de weg was; Descartes en Bacon bedachten daarvoor verdere regels. De Wetenschappelijke Revolutie wordt vaak gepresenteerd als het einde van het aristoliserende wereldbeeld, maar zoals zo vaak is dat ongenuanceerd.

De achtste tekst op mijn lijstje ligt in het vervolg van Aristoteles’ Organon. Ik bedoel natuurlijk De elementen van de wiskundige Eukleides, die een generatie na Aristoteles leefde en toonde wat de norm was voor wiskundige bewijsvoering. Waar het te ver zou voeren het Organon aan u uit te leggen, daar is het niet nodig De elementen aan u te introduceren: het is voor het grootste deel de meetkunde die u in de eerste drie klassen van de middelbare school hebt gehad. Op gymnasia werd, tot de invoering van de Mammoetwet, zelfs gebruik gemaakt van De elementen.

Geniet nog maar even, hier en daar. Ik ken mensen die dit het allermooiste vinden dat in de klassieke Oudheid is geproduceerd en ik kan ze geen ongelijk geven. De schok die ik op de middelbare school ervoer toen ik dit kreeg uitgelegd, heb ik althans met geen kunstwerk of literaire tekst ooit ervaren.

[Wordt vervolgd]

26 gedachtes over “Tien teksten (deel 3)

  1. Doorklikkend naar je Livius artikel over Thales van Milete zie ik in de derde paragraaf dit staan: “… an eclipse could take place during a particular full moon”. Dit moet natuurlijk “new moon” zijn omdat een zonsverduistering betreft.

  2. Manfred

    “dat er iets groters is dan het aardse leven en dit denkbeeld is, voor zover ik kan overzien, alleen ontstaan in de antieke wereld [x] het martelaarschap in de politieke islam wortelt via de soefitraditie in het boeddhisme en heeft meer te maken met wereldverzaking”

    Volgens mij speel je hier vals. Waarom zou het taoïstische denkbeeld dat alles in de aardse werkelijkheid slechts onderdeel is van iets groters wezenlijk afwijken van het antieke denkbeeld dat er naast het aardse leven nog iets groters is?
    https://nl.wikipedia.org/wiki/Tao%C3%AFsme

  3. jacob krekel

    Blij dat Aristoteles erbij staat. Dat veel van wat hij geschreven heeft nog steeds actueel is, is haast ongelofelijk. Alleen van Paulus en wellicht Augustinus kun je beweren dat hun invloed op de generaties erna groter is geweest.
    Nog een kleinigheid over Thales en de zonsverduistering. Het voorspellen van zonsverduisteringen is erg lastig, zelfs nu nog. Herodotus is de enige bron voor deze in de oudheid vrijwel onmogelijke prestatie. Een bron is geen bron, en skepsis is dus op zijn plaats.

    1. Het komt in elk geval niet voort uit het klassieke of het joods-christelijke erfgoed. Alle islamitische tradities verbieden het. Khomeiny putte uit de soefi-traditie, die het op haar beurt had uit het boeddhisme. Dus dit is een intern islamitische ontwikkeling.

          1. Ben Spaans

            “Tussen haakjes: het martelaarschap in de politieke islam wortelt via de soefitraditie in het boeddhisme en heeft meer te maken met wereldverzaking”

            Als je dit zo formuleert, zal dan niet de gemiddelde lezer onwillekeurig(?) toch een idee gaan krijgen dat boeddhisme een link heeft met zelfmoordaanslagen?

            1. Nee, zo zie ik het niet. Ik zou althans de gruwelen van Stalin, gepleegd vanuit een communisme dat wortelt in het negentiende-eeuwse utopisme, ook niet opvatten als een reden om een link te leggen tussen utopisme en de Goelag. Maar misschien ben ik wat al te omzichtig.

  4. mnb0

    “Het kan zijn dat de Mesopotamiërs gesprekken voerden over dezelfde vragen als de Grieken.”
    Daar kun je rustig van uit gaan, want ook de Stelling van Pythagoras kwam niet uit de lucht vallen. Wat ze nieuw inbrachten was systematische deductie. Dat is nog steeds een belangrijke pijler van de wetenschap (zie Theoretische Natuurkunde voor een duidelijke illustratie) en resulteerde in de geometrie van Euclides.
    Zoals ik een paar dagen eerder al impliceerde zijn de Babylonische astronomen de uitvinders van die andere pijler: inductie, dwz. het systematisch verzamelen van observaties.
    Het is erg jammer dat het Hellenisme niet geleid heeft tot een synthese – dan was de moderne wetenschap ruim anderhalf millennium eerder tot ontwikkeling gekomen.
    Hierbij verwaarloos ik natuurlijk op schandelijke wijze de zelfstandige ontwikkelingen in India en China.

    Bertrand Russell ziet Thales van Milete’s “alles is water” vooral als een natuurlijke en geen filosofische bewering. Mij lijkt dat voor die tijd een irrelevant onderscheid. Pas toen de Grieken zich gingen specialiseren – na Aristoteles dus – kan men natuur- en wiskunde als zelfstandige takken van onderzoek zien.

    “Nog eeuwenlang zou iedereen die zich aan die norm optrok ….. de wetenschap …. verder brengen.”
    Dit spreek ik met klem tegen voor zover het wis- en natuurkunde betreft. In de eeuwen na Archimedes en Euclides was alle technologische vooruitgang terug te voeren op volkomen foutieve Aristoteliaanse natuurwetenschap. Eventuele wiskundige vooruitgang (want er was ook achteruitgang, zoals een brief van een Utrechtse bisschop uit de Tiende Eeuw illustreert) kwam indirect uit India. Ik heb al een paar keer gesteld dat het Copernicaanse model niet wezenlijk verschilde van dat van Aristarchos van Samos. Alle nieuwe ontwikkelingen tot en met Newton waren alleen mogelijk door de beweringen van Aristoteles in de prullenbak te gooien.
    Het natuurkundig niveau anno 1500 CE was van hetzelfde niveau als anno 200 BCE. Het is treurig dat je Tycho Brahe niet noemt. Lang voor Bacon en Descartes deed hij wat de Hellenistische protowetenschappers nalieten: observaties verzamelen om te beslissen tussen twee tegenstrijdige theorieën. Deze twee hobbelden er wat achteraan. Via Kepler gaat Galileo op hem terug, niet op de scholastiek, waarvoor dit idee volstrekt wezensvreemd was.
    De enige moderne filosoof die de wetenschappelijke method een duw gaf was David Hume. Laplace’ vermoedelijk apocriefe “Je n’ai besoin de cette hypothese” gaat op hem terug en daarmee was methodologisch naturalisme geboren.

    “enkele aspecten van Aristoteles’ wereldbeeld ten grave werden gedragen”
    Vrijwel alle voorzover het de natuurkunde betreft.

    “het einde van het aristoliserende wereldbeeld, maar zoals zo vaak is dat ongenuanceerd.”
    In de hedendaagse schoolboeken natuurkunde is de invloed van Galilei en Newton onmiddellijk terug te vinden; van Aristoteles precies niets. Want hij had het grondig fout in elk natuurkundig opzicht. Dat kwam omdat hij een genie was.

    “bijv. “alle voorwerpen vallen met een eenparige versnelling”
    Dat bedoel ik dus met Aristoteles had het grondig fout. Hij besefte niet dat kracht de oorzaak van versnelling is maar dacht dat alle bewegende voorwerpen op natuurlijke wijze tot stilstand kwamen. Zijn horizontale worp wordt bv. in The Roadrunner met komisch effect gebruikt: de coyote beweegt zich nog even in horizontale richting voort, komt tot stilstand en begint dan te vallen. Het is oa komisch omdat het fout is.

    1. Tycho Brahe was inderdaad een geweldig geleerde. Een van de knapste staaltjes daarvan is zijn ontdekking in 1572 van wat hij noemde een ‘nova stella’ in het sterrenbeeld Cassiopeia. Nu spreken we over de supernova SN 1572 (ca. 7500 lichtjaren van de aarde). Hij was de eerste die de bewering van Aristoteles dat alles wat voorbij de maan lag altijd op een onveranderlijke afstand lag om zeep hielp. Door nauwkeurige metingen ( onveranderlijke parallax tegen de achtergrond van de sterren per etmaal en zelfs gedurende vele maanden) kwam hij tot de knappe conclusie dat die ‘nieuwe ster’ in ieder geval verder dan de maan en ook verder dan de planeten moest liggen. In 1573 verscheen zijn boekje ‘ De nova stella’ .waarin hij de term ‘nova’ muntte.
      Ik las ooit een biografie van hem (de auteur kan ik mij helaas niet meer herinneren). Ook zijn persoonlijk leven was op zijn zachtst gezegd interessant. Hij verloor tijdens een duel een deel van zijn neus, waarna hij een ijzeren kunstneus droeg. Hij was nogal gefortuneerd omdat zijn vader ooit de koning van Denemarken van de verdrinkingsdood had gered en daarvoor een hoop geld aan Tycho naliet. Hij woonde in een kasteel en hield er een eland op na als huisdier die aan zijn eind kwam doordat hij teveel bier had gedronken en van de trap viel. Over zijn dood wordt veel gespeculeerd, zelfs dat Kepler hem vermoord zou hebben en zijn wetenschappelijke papieren gestolen zou hebben, maar daar is nooit afdoende bewijs voor geleverd.

  5. jacob krekel

    In de natuurwetenschappen is Aristoteles uiteraard volkomen verouderd en eerder een hinderpaal geweest dan iemand die de ontwikkeling bevorderde. Dat was zijn “invloed”. Maar in de retorica en de logica is zijn werk nog actueel.

    Of het moderne wereldbeeld in Alexandrië had kunnen ontstaan door de genoemde synthese is zeer dubieus. De vraag waarom dat juist in Europa is gebeurd heeft mij uitgebreid bezig gehouden. Een van de meest stimulerende boeken hierover vond ik Floris Cohen, De herschepping van de wereld, uit 2008. Zijn stelling is dat dit inderdaad alleen in Europa mogelijk was, en wel door een zeer gelukkige samenloop van omstandigheden, maar dat het ook daar onwaarschijnlijk was. Zoals ik van Steven Jay Gould heb geleerd: “Everything that happens is extremely improbable”.

  6. mnb0

    Om nog eens duidelijk te maken dat JL fout zit tav het natuurkundig aspect van de veranderingen in het wereldbeeld: het werk van Galilei kan in algebraische notatie weergegeven worden middels de Galilei transformaties.

    https://en.wikipedia.org/wiki/Galilean_transformation

    In eenvoudige vorm zijn die welbekend als de twee snelheidsformules die we op de middelbare school leren*. En die twee formules gaan terug op de hellingproeven van de grote Italiaan. Niets daarvan heeft enige invloed ondergaan van scholastiek, laat staan Aristoteles, omdat Aristoteleaanse en dus scholastieke natuurkunde regelrecht in strijd is met deze transformaties.

    De ironie is dat antieke invloed op een andere manier terug te vinden is – en wel op de terecht genoemde Euclides. Lorentz, Poincaré en Einstein vervingen enkele van diens beroemde axiomata (indien we Euclides’ meetkunde opvatten als een beschrijving van ruimte) door andere, maar behielden het idee dat een wiskundig model (en transformaties, zoals uit de Wikipedia pagina’s blijkt, zijn pure wiskunde) op axiomata gebaseerd moet zijn. Het beroemde nieuwe relativistiche axioma is natuurlijk dat de lichtsnelheid in vacuüm constant is. Middels deductie (alweer Euclides!) komen we dan bij

    https://en.wikipedia.org/wiki/Lorentz_transformation

    Ik heb die deductie nog moeten leren op de lerarenopleiding**.

    * v = u +at en s = ½at² + ut (waarbij u de beginsnelheid is)
    ** In de Speciale Relativiteitstheorie vinden we de bekende formule voor constante snelheid s=vt terug uitgebreid met de Lorentzfactor.

  7. Marc Waterman

    Hallo Jona, ik lees hierboven allerlei over filosofie van de babyloniers maar Marc van de Mieroop heeft hier een diepgravend boek over geschreven waaruit een ander beeld naar voren komt: hun filosofie heeft meer overeenkomst met de postmoderne dan met de Griekse! 4000 jaar hun tijd vooruit! Marc van den Mieroop baseert zijn interpretatie op studie van lexicalistische kleitabletten, de enorme lijsten met voortekenen en de wetteksten.

  8. Marc Waterman

    Ook wat betreft de dialoog zit Jona er waarschijnlijk naast. Marc van den Mieroop ziet het als zeer onwaarschijnlijk dat de babyloniers een dialogische filosofeervorm hadden. De wijze waarop zij filosofeerden lijkt veel meer op de manier waarop wij surfen op het internet. Zij verkenden de talige mogelijkheden van spijkerschrift, gecombineerd met de symbolische betekenissen van vormen van de ingewanden van dieren en de loop van de sterren. De goden hadden de wijsheid in de wereld geschreven en die was het beste te lezen in een schapenlever. Maar ook wel in de sterren. Niks geen socratische waarheidsvinding dus.

  9. Mohammed Boubkari

    (Tussen haakjes: het martelaarschap in de politieke islam wortelt via de soefitraditie in het boeddhisme en heeft meer te maken met wereldverzaking. We zouden het eigenlijk een ander woord moeten geven want het heeft weinig te maken met het klassieke, joodse en christelijke martelaarschap.)

    En ik maar denken dat het concept martelaarschap gewoon te vinden is in de Qur’an en verdacht lijkt op wat men daar onder verstaat in het christendom:

    Q 3:169-170, Q 2:154, Q 9: 111, Q 22:58 etc.

    Om maar te zwijgen van de talloze hadiths ( overleveringen) over het martelaarschap en de eerste “biografieën” over de Profeet, kronieken over de veroveringen en het doen en laten van de eerste generaties moslims is een en al martelaarschap.

    Geen boeddhisme dat daar aan te pas is gekomen noch het soefisme.

    De het woord martelaar in het Arabisch = Shahid letterlijk vertaald: Getuige. Getuigenis geven van het geloof.

    Dat kan iemand zijn die met zwaard in de hand het slagveld betreedt en daar het leven laat maar ook iemand die gedood is om zijn geloof.

    De Bosnische mannen die in Srebrenica zijn vermoord door Serviërs worden steevast aangeduid met: Shuhada (martelaren).

    Verder vallen burgerslachtoffers in oorlogen daar onder en ook slachtoffers van epidemieën en sommige rekken dat zover op dat iedereen die middels een onnatuurlijk niet zelfgezochte dood het aardse heeft verlaten een martelaar is.

    Dat laatste is onoplosbaar probleem voor extremisten omdat ze hun zelfmoordaanslagen in feite religieus niet kunnen rechtvaardigen. Aangezien de zelfmoordenaar doelbewust zijn dood opzoekt en zelfmoord verboden is. Ze moeten 1250 jaar fiqh – jurisprudentie – en exegese overboord gooien en zelf houtje touwtje exegese doen om hun wandaden te rechtvaardigen.

    Overigens shahid martelaar en istishad martelaarschap is ook toegeëigend door seculiere groeperingen om de gevallen voor hun strijd te eren. Arabische christenen gebruiken ook dezelfde benaming.

    Verzaking van het wereldse door soefi’s ( en andere moslims) is Zuhd – “ascetisme” – in het Arabisch en heeft weinig of niets te maken met het concept martelaarschap: Istishad ( getuigenis geven van).

    Zuhd verschilt ook wezenlijk van wereldverzaking in het Boeddhisme het lijkt meer op wat het oosterse christendom leert en wat sommige christenen in het M.O praktiseerden die de woestenij in trokken weg van het corrumperende wereldse.

    Het concept Zuhd verzaking van het wereldse is overigens gewoon terug te vinden in de Qur’an en de overleveringen.

    Q 3:185 …..the present life is but the joy of delusion.
    Q 57:20 Know that the life of this world is but amusement and diversion….
    Etc.

    Daar is geen boeddhisme aan te pas gekomen!

    De verheerlijking van het martelaarschap door Khomeiny voert terug op het martelaarschap van Husssein ( kleinzoon van de Profeet) in de 7e eeuw. Het gedenken, herdenken, uitbeelden, bezingen, etc. van dat martelaarschap speelt een belangrijke rol in de Shiïtische stroming van de islam. En heeft als zodanig niets te maken met het soefisme. Overigens is het soefisme in Iran na de revolutie aan vervolging onderhevig aangezien het niet strookt met ideeën van Khomeiny over religieus leiderschap en dat geen concurrentie verdraagt.

    De ideeën van Khomeiny over de filosoof-koning (religieus leider) zijn rechtstreeks terug te voeren op Plato en via het neoplatonisme in islamitische filosofie terecht gekomen en dat heeft met name in Perzië veel invloed gehad. Maar het is een breuk met hoe de klassieke shia geestelijkheid dachten over de politiek. Die vonden dat elke rechtgeaarde geestelijke zich verre van politiek moest houden.

  10. Mohammed Boubkari

    Khomeiny was zijn hele leve lang zeer geïnteresseerd in het soefisme. Iets waar hij veel over schreef zowel religieuze verhandelingen als poëzie. Overigens een kant van zijn denken dat hij voor het grote publiek verborgen hield.

    Echter ik breek mijn hoofd over hoe Khomeiny misbruik zou hebben gemaakt van het soefisme om het martelaarschap te verheerlijken?

    Ik zou daar graag een voorbeeld van zien.

    Temeer dat het Shiïsme een martelaarschap cultus/traditie kent van meer dan 1300 jaar! Met alle legendes, poëzie, toneel, verhalen etc. Geen soefisme nodig om sommige mensen te inspireren tot het ultieme offer.

    Wat de extremisten aan sunnitische kant betreft die bezien soefi’s op z’n best als dwalende en op z’n slechts als afvalligen. Geen extremistische leider die een soefi zal aanhalen om zijn volgelingen te inspireren tot het martelaarschap.Het eerste wat extremisten doen wanneer ze een gebied in handen krijgen is alles wat naar soefisme riekt vernietigen.

    Erdogan en zijn AK partij zijn ook een variant van de politieke islam echter een deel van hun achterban zijn soefi’s of mensen die in die traditie staan.

    Politieke islam is een containerbegrip. Ik hou het liever op extremisten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s