Confucius 9: Confucius en andere filosofen

[De komende tijd zal Kees Alders enkele blogseries schrijven over de antieke Chinese en Indische filosofische stromingen. Een inleiding was hier. De eerste serie over China stond daar. Hier is het negende blogje uit de tweede reeks over China: over Confucius. De introductie las u hier.] 

Het is vrijwel zeker dat er geen invloeden van het confucianisme zijn op de Grieks-Romeinse filosofie en vice versa. Desondanks zijn er veel parallellen. Een belangrijk verschil is echter dat de Grieks/Romeinse denkers die we zullen noemen, afgezien van Sokrates, systeemdenkers waren: ze hadden één omvattende filosofie die metafysica, psychologie en ethiek behandelde. De oorspronkelijke filosofie van Confucius omvat eigenlijk alleen ethiek.

Confucius en Sokrates

De vergelijking met Sokrates zien we in commentaren regelmatig terugkomen. Confucius en Sokrates zijn bijna-tijdgenoten: de Griek werd (vermoedelijk) tien jaar na de dood van de Chinees geboren. Zowel Sokrates als Confucius doceerden hun filosofie mondeling, via gesprekken, en we kennen ze beiden alleen doordat anderen over hen schreven. Van beiden weten we wel dat ze historische figuren zijn geweest.

Lees verder “Confucius 9: Confucius en andere filosofen”

De drie antieke filosofische culturen (2) Ontstaan en wisselwerking

[De komende tijd zal Kees Alders in enkele blogseries de verschillende stromingen binnen de antieke Chinese en Indische filosofie behandelen. Vandaag het slot van de inleiding, waarvan het begin hier was.]

Het gangbare beeld is dat de Griekse, Indische en Chinese filosofie tegelijkertijd, ongeveer zes eeuwen vóór het begin van onze jaartelling, zouden zijn ontstaan, onafhankelijk van elkaar, en dat ze zich in de eerste daarop volgende eeuwen vrijwel los van elkaar hebben ontwikkeld. Maar is dat wel zo?

Lees verder “De drie antieke filosofische culturen (2) Ontstaan en wisselwerking”

Tartessos

Armband uit El Carambolo (Nationaal archeologisch museum, Madrid)

Ergens rond het midden van de zesde eeuw v.Chr. naderde een Perzisch leger de Griekse stad Fokaia in Ionië, in het westen van het huidige Turkije. Als Herodotos het daarover heeft, last hij een van de uitweidingen in die zijn werk zo onderhoudend maken.

De Fokeeërs zijn de eerste Grieken geweest die verre zeereizen hebben ondernomen. Het is aan hen te danken dat de route naar de Adriatische Zee, Etrurië, Iberië en Tartessos bekend is geworden. … Op een van hun tochten zijn ze dus in Tartessos beland. Hier kwamen ze op goede voet te staan met de plaatselijke heerser, een zekere Arganthonios, die niet minder dan tachtig jaar heeft geregeerd en al met al honderdtwintig jaar oud is geworden. Hij is zo op ze gesteld geraakt dat hij hun in het begin zelfs heeft aangeraden om Ionië voorgoed te verlaten en zich in zijn rijk te vestigen, ze mochten zelf een plaats uitkiezen. De Fokeeërs gingen hier niet op in.noot Herodotos, Historiën 1.163; vert. Van Dolen.

Lees verder “Tartessos”

Naar de dokter

Bezoek aan de dokter (Musée national des antiquités, Algiers)

Zoals u wellicht heeft gemerkt, was ik onlangs in Algerije. Daarover later meer. Maar eerst eens een blogje over een mozaïek dat ik in Algiers zag in het Musée national des antiquités. Het is gevonden in een voorstad van Batna die Ouled Arif heet; in de Oudheid heette de plaats Lambiridi. Het mozaïek vormde de vloer van een familiegraf, waarin drie sarcofagen stonden. De voornaamste was van een zekere Cornelia Urbanilla, die hier rustte na “te zijn gered van een groot gevaar” en een leven van achtentwintig jaar, tien maanden twaalf dagen en negen uur. Dat is vreemd precies, want doorgaans wisten Romeinen niet zo goed hoe oud ze waren.

Het schijnt dat zulke nauwkeurige aanduidingen duiden op horoscoopgebruik, maar ook als dat zo is, is mij niet duidelijk aan welk gevaar Urbanilla is ontkomen. Misschien is het leven zelf wel het bedoelde gevaar. Daarvoor pleit dat links twee pauwen zijn afgebeeld, vogels die in de derde eeuw na Chr., toen dit mozaïek werd gemaakt, een symbool waren voor de wederopstanding en verlossing uit dit ondermaanse tranendal. Maar ja, dat verklaart dan weer niet waarom rechts twee eenden staan.

Lees verder “Naar de dokter”

De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (8)

Plato (Altes Museum, Berlijn)

[Dit is het laatste van acht door Marco Folpmers geschreven blogjes over de mogelijkheid met artificiële intelligentie Plato’s Zevende Brief te analyseren. Het eerste was hier. In dit blogje: is het bewijs nu rond?]

Perry’s analysenoot J.B. Perry, Examining the Authenticity of Plato’s Epistle VII through Deep Learning (2021; Bachelor’s thesis, Harvard College). is knap gedaan, maar desondanks is dit niet het definitieve bewijs dat de Zevende Brief (afgezien van twee latere interpolaties) authentiek is. Dit is hooguit een eerste aanzet.

Kritiek

Op de eerste plaats is er de aard van de publicatie. Dit is een scriptie. Een scriptie van de Harvard-universiteit is natuurlijk een scriptie van een excellent instituut en ook de studie zelf en de genoemde begeleidende docenten zien er geloofwaardig en gezaghebbend uit. Maar het is geen publicatie in een peer-reviewed journal. Misschien volgt die nog. Maar op het moment ontbreken er nog essentiële “checks and balances”.

Lees verder “De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (8)”

De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (7)

Plato (Louvre, Parijs)

[Dit is het voorlaatste van acht door Marco Folpmers geschreven blogjes over de mogelijkheid met artificiële intelligentie Zevende Brief van Plato te analyseren. Het eerste was hier en we gaan nu met de brief aan de slag.]

In zijn artikelnoot J.B. Perry, Examining the Authenticity of Plato’s Epistle VII through Deep Learning (2021; Bachelor’s thesis, Harvard College). verdeelt Perry de Zevende Brief in drieënzeventig brokstukken van honderd woorden. Per brokstuk wordt de kans berekend dat het (conform het ontwikkelde model) toegeschreven moet worden aan Plato. Wanneer vervolgens de brokstukken gegroepeerd worden in vijf achtereenvolgende onderdelen levert dat het beeld op zoals weergegeven in de onderstaande tabel.

Lees verder “De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (7)”

De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (6)

Plato (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het zesde van acht door Marco Folpmers geschreven blogjes over de mogelijkheid met artificiële intelligentie Plato’s Zevende Brief te analyseren. Het eerste was hier. Hoe pakt een onderzoeker dat aan?]

Een publicatie van de Amerikaanse Harvard-universiteit heeft in 2021 nieuw licht geworpen op de auteursvraag van de Zevende Brief van Plato. Het betreft de scriptie van Jordan Bliss Perry voor “the departments of computer science and the classics” van Harvard.noot J.B. Perry, Examining the Authenticity of Plato’s Epistle VII through Deep Learning (2021; Bachelor’s thesis, Harvard College). Over deze Perry is verder weinig te vinden.

Weliswaar is dit geen officiële publicatie in een journal met peer-review, maar van de andere kant zien de publicatie an sich en de begeleiders er betrouwbaar uit. Ik zal nog terugkomen op de verschijningsvorm van deze studie.

Lees verder “De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (6)”

De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (5)

Plato (Glyptothek, München)

[Dit is het vijfde van acht door Marco Folpmers geschreven blogjes over de mogelijkheid met artificiële intelligentie de Zevende Brief van Plato te analyseren. Het eerste was hier. We komen ter zake.]

Bij de meest recente inzichten met betrekking tot de attributie van de Zevende Brief van Plato zullen we zien dat we te maken hebben met wat we in het vorige blogje een multinomiale classificatie noemden. Het model van Jordan Bliss Perry alloceert een tekstonderdeel aan Plato of aan een andere auteur uit een gesloten lijstje van zes tijdgenoten: Xenophon, Thucydides, Demosthenes, Lysias, Isocrates en Aeschines.

Taalmodellen en kunstmatige intelligentie

De meest recente ontwikkeling is dat statistische modellen, zoals banken die gebruiken, ook op natuurlijke talen toegepast kunnen worden. De data bestaan dan uit de corpora van diverse auteurs en met statistische modellen beogen onderzoekers de omstreden tekst toe te schrijven aan een specifieke auteur.

Lees verder “De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (5)”

De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (4)

Plato (Louvre, Parijs)

[Dit is het vierde van acht door Marco Folpmers geschreven blogjes over de mogelijkheid met artificiële intelligentie de Zevende Brief van Plato te analyseren. Het eerste was hier. Voor we verder gaan eerst twee nuanceringen.]

Het berekenen van de prestatie-statistieken gebeurt vaak tweemaal, op twee gescheiden subsets van de totale verzameling van historische data. Bij het vinden van het beste verband tussen input-data en de te verklaren variabele (wanbetaling in het voorbeeld uit het vorige blogje) worden in feite de prestaties van het model geoptimaliseerd. Dat kan soms ook op een gewogen manier zijn, bijvoorbeeld dat de modelleur sensitiviteit belangrijker vindt dan specificiteit.

Deze procedure brengt met zich mee dat het statistische model geoptimaliseerd wordt op de toepassing van de input-data. Maar betekent dit ook dat het model ook in andere gevallen (die niet in de ontwikkel-set zaten) goed werkt? Met andere woorden: is het model generaliseerbaar naar andere gevallen of nieuwere gevallen?

Lees verder “De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (4)”

De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (2)

Plato (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het tweede van acht door Marco Folpmers geschreven blogjes over de mogelijkheid met artificiële intelligentie Plato’s Zevende Brief te analyseren. Het eerste was hier en de vraag is of de brief wel authentiek is.]

Voor zo’n belangrijk document is het natuurlijk belangrijk om te weten of dit echt door Plato is geschreven of door een ander. Over deze kwestie zijn bibliotheken vol geschreven. In een recent boek over Plato en zijn Siciliaanse episode vat classicus James Romm deze discussie samen.noot J.S. Romm, Plato and the Tyrant. The Fall of Greece’s Greatest Dynasty and the Making of a Philosophic Masterpiece (2025).

Kort gezegd was de acceptatie van de Zevende Brief ook afhankelijk van de tijdgeest. Romm haalt in het introducerende hoofdstuk een onderzoek aan waaruit blijkt dat in de negentiende euw en eerste helft van de twintigste eeuw de acceptatiegraad onder vooraanstaande classici hoog was (onder meer door de support van de vermaarde Duitse classicus Ulrich von Wilamowitz-Moellendorff), terwijl in de moderne tijd (vanaf de Tweede Wereldoorlog), de sceptici zich meer laten horen.

Lees verder “De Zevende Brief is echt van Plato (maar niet helemaal) (2)”