De eerste filosofen (3:) Thales van Milete en Anaximenes

Thales (Nationaal Museum, Beiroet)

[Omdat ik het in april redelijk druk heb, geef ik het woord aan Kees Alders, webdesigner en tevens auteur van het boek De wereld vóór God. Filosofie van de Oudheid. Vandaag gaan we verder met zijn reeks over de eerste filosofen, de zogenaamde voorsocratici. Het eerste deel was hier.]

Tijd der onwetendheid

In de archaïsche periode was de wereld voor de Grieken nog grotendeels onontdekt. Hun wereld bestond uit weinig meer dan het Middellandse Zee-gebied. Geografische kennis ontbrak. Men had wel enige weet van wat er in het Nabije Oosten en Egypte aan de gang was. Richting het noorden leefden volgens de Grieken alleen barbaarse volken.

Naar wat zich boven hun hoofden, in de lucht en de hemel afspeelde, konden de Grieken bovendien alleen maar raden. En wat er zich onder hun voeten bevond? Geen idee. Ook hadden ze maar weinig instrumenten om zaken op micro- of macroniveau te onderzoeken.

Lees verder “De eerste filosofen (3:) Thales van Milete en Anaximenes”

Thales van Milete (en Babylon)

Thales (Nationaal Museum, Beiroet)

Thales was een Griekse geleerde die in de zesde eeuw v.Chr. leefde in Milete. Van hem is de stelling dat alles uit water is ontstaan en daarom wordt hij wel natuurfilosoof genoemd. Omdat er nogal wat legenden over hem in omloop zijn heeft een commentator hem ooit vergeleken met de dertiende-eeuwse duizendkunstenaar Michael Scot, aan wie ook van alles en nog wat is toegeschreven. Thales’ tijdgenoten waren verbluft omdat hij de zonsverduistering van 28 mei 585 v.Chr. zou hebben voorspeld.

Hoezo, zonsverduistering?

Daar valt echter wel wat op af te dingen. Zelfs in Babylonië, waar de astronomen veel verder waren dan in het toenmalige Griekenland, kon men dit in de zesde eeuw niet. Natuurlijk, men wist dat er een patroon was in zons- en maansverduisteringen en wist op welke data ze mogelijk waren. De Babylonische astronomen waren echter niet in staat te voorspellen of ze een verduistering van de zon ook werkelijk zouden observeren. Zo lezen we op kleitabletten weleens dat een voorspelde zonsverduistering niet was doorgegaan. Moderne astronomen berekenen dan dat het schouwspel zichtbaar was op Groenland of Java of zo.

Lees verder “Thales van Milete (en Babylon)”

De tien invloedrijkste antieke teksten (3)

aristotle_carpet
Aristoteles op een Perzisch tapijt

Alles is water. De Babyloniërs wisten het al. En ook de wijsheid kwam vanuit de zee. Ooit waren de Zeven Wijzen, de apkallu, uit de oerwateren opgeklommen om de mensheid van alles te leren. De Grieken namen deze ideeën over. Alles is water, zei dus ook Thales van Milete, en hij begon te speculeren over de aard van de werkelijkheid. Het maakte indruk. Toen de Grieken eveneens het concept van “zeven wijzen” overnamen, pasten ze het niet toe op aquatische schepselen maar op echte mensen. Daar rekenden ze ook Thales toe.

Wat ik maar zeggen wil: de Griekse filosofie bouwt voort op de Mesopotamische cultuur, die ze creatief ombouwde. Dat geldt ook voor de wetenschap: Thales kon aangeven wanneer een zonsverduistering mogelijk was en moet zijn kennis van de saros hebben gehaald uit het oosten. De Griekse filosofie ging daarna al snel wegen die niet zijn gedocumenteerd in de spijkerschriftcultuur. Het kan zijn dat de Mesopotamiërs gesprekken voerden over dezelfde vragen als de Grieken, de teksten zijn niet bewaard gebleven.

Lees verder “De tien invloedrijkste antieke teksten (3)”

Klassieke literatuur (6a): filosofie

Thales (Nationaal Museum, Beiroet)

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke filosofie.]

Wie de kern van de klassieken wil begrijpen, moet naar de periferie. Dat is geen grap. In Athene of Rome was de klassieke cultuur, met al haar inconsistenties en contradicties, vanzelfsprekend, maar dat was niet zo voor bijvoorbeeld een Griek in het verre Baktrië. Zijn Griekse identiteit stond voortdurend ter discussie, deels doordat hij behoorde tot een minderheid, deels doordat hij vér was van de grote centra van zijn cultuur, deels doordat niet werd voldaan aan de voorwaarden om de Griekse cultuur te laten bloeien. Zonder zee is het lastig te leven als echte Griek.

Onder zulke omstandigheden moet je keuzes maken en die verraden wat je beschouwt als de kern van je cultuur. (De kolonisten die op Mars gaan wonen, zullen ook zulke keuzes moeten maken.) De Baktrische Grieken wilden per se de wijsbegeerte bewaren, die ze herkenden in het boeddhisme en waarvan ze het belang onderstreepten met decoraties in Griekse stijl.

Lees verder “Klassieke literatuur (6a): filosofie”