De Arabische verovering van Andalusië (3)

De Pyreneeën

[Laatste van drie blogjes over de Arabische verovering van het Iberische Schiereiland. Het eerste was hier.]

In de twee voorafgaande blogjes beschreef ik de manier waarop de Arabieren het Iberische Schiereiland onderwierpen en hun veroveringen consolideerden. In de volgende jaren staken de Arabische legers de Pyreneeën over voor strooptochten in het Frankische Rijk, waar de Merovingische koningen weinig gezag lijken te hebben gehad. (Ik schrijf “lijken” omdat er kanttekeningen zijn geplaatst bij het beeld van rois fainéants, al herinner ik me niet welke.) In 719 veroverden de Arabieren Narbonne, in 724 namen ze Carcassone en Nîmes, in het volgende jaar plunderden ze Autun, in het hart van Bourgondië. De Languedoc en de Provence waren op dat moment feitelijk Arabisch gebied en Aquitanië vormde een buffer tegen de Franken.

De slag bij Poitiers

Er is veel gemaakt van het gevecht bij Poitiers, waar Karel Martel, de hofmeier van alle Frankische gebieden, de Arabieren in 732noot Het jaartal is feitelijk niet met zekerheid bekend. Dat het precies honderd jaar na het (evenmin met zekerheid bekende) jaar van de dood van de profeet Mohammed is, verklaart de voorkeur voor 732. zou hebben verslagen. Als de Arabieren zouden hebben gewonnen, is de redenering, zouden ze het verdeelde Frankenrijk onder de voet hebben gelopen. Deze redenering, die dateert uit de negentiende eeuw, is vooral nog populair bij mensen die vandaag de dag een clash of civilizations ontwaren.

De feiten liggen anders: in 735 veroverde Yusuf al-Fihri,noot Hij was een afstammeling van de Uqba ibn Nafi al-Fihri die Kairouan had gesticht. de gouverneur van Narbonne, de stad Arles, waarmee hij de Frankische handelsroute over de Rhône naar zee afsneed. Het tegenoffensief van Karel Martel haalde niets uit. Het was dus zeker niet de slag bij Poitiers die een einde maakte aan de Arabische expansie benoorden de Pyreneeën, want de Arabische expansie ging gewoon door.

Maar wat maakte dan wel een einde aan die expansie? Het is tijd voor een meer gedetailleerde blik op de situatie op het Iberisch Schiereiland.

Laatmiddeleeuwse afbeelding van de slag bij Poitiers

Spanningen

Direct na de Arabisch machtsovername was Iberië een etnische smeltkroes. Er waren christenen van Hispano-Romeinse en van Visigotische komaf. Er waren joden. Er waren tot de islam bekeerde joden en christenen. Verder waren er Arabieren en Berbers, en die twee volken kenden ook weer tegenstellingen. Het eerste volk was traditioneel verdeeld in twee groepen, de Yaman (waarvan er weinig in Iberië waren) en de Qays (in Iberië de overgrote meerderheid); de Berbers kenden de Baranis en de Butr. Wat achter deze namen schuilt gaat, is moeilijk te doorgronden, althans voor mij, maar ik heb de indruk dat het eigenlijk strijdbegrippen zijn: als er een conflict was, dan moest de een wel een Yaman zijn en moest de ander wel behoren tot de Qays. Of tot de Baranis en de Butr, als het ging om Berbers.

Al deze groepen waren met verdragen verbonden met de Arabische overheid, maar de verdragen waren snel geschreven en feitelijk crisismaatregelen. Diverse ontevredenheden waren eigenlijk niet opgelost. Zo hoefden de Arabieren en Berbers de jaarlijkse belasting (jizya) niet te betalen, en dat zette, in elk geval sinds de belastingverhoging van 721, kwaad bloed. Latere bekeerlingen die hoopten op een belastingvrijstelling, kregen te horen dat ze daarvoor niet in aanmerking meer kwamen. De situatie was dus minder stabiel dan gedacht.

Burgeroorlog

De zaken liepen uit de hand toen in 742 een generaal moest worden benoemd voor een grootschalige campagne tegen de Franken. De man heette Abd al-Malik ibn Qatan al-Fihri,noot Ook hij was een afstammeling van de Uqba ibn Nafi al-Fihri die Kairouan had gesticht. maar was gehaat bij de Baranis-Berbers, tegen wie hij tussen 732 en 737 had gevochten. De Baranis in Iberië kwamen in opstand en trokken vanuit hun gebied, ten noorden van de rivier de Taag, zuidwaarts. Abd al-Malik vroeg en kreeg versterkingen uit Syrië, maar dat waren Yaman-Arabieren, die tot dan toe geen grote rol hadden gespeeld. Ze versloegen de rebellen en keerden zich vervolgens tegen Abd al-Malik, die ze kruisigden met aan weerszijden een hond en een varken.

Daarmee hadden Yaman-Arabieren niet alleen een van de Qays terechtgesteld maar ook onteerd. En aangezien beide groepen aanwezig waren met een groot leger, dreigde een lang conflict. De kalief in Damascus greep meteen in door te bepalen dat het gouverneurschap in Córdoba zou rouleren tussen de twee Arabische groepen, te beginnen met Yusuf al-Fihri, de man die Arles had veroverd en tot dan toe gouverneur van Narbonne was geweest.

Nieuwe leiders

De situatie leek tot rust gebracht, maar onmiddellijk daarna raakte het Kalifaat van Damascus verdeeld door een ander conflict, dat ik onlangs al aanstipte in een van de blogjes over het ontstaan van het islamitische recht: de dynastie van de Abbasiden nam de macht over van de Umayyaden, die bij de inname van Damascus vrijwel allemaal werden gedood. Door dit conflict kon de kalief niet ingrijpen toen Yusuf al-Fihri weigerde plaats te maken voor een andere gouverneur en zichzelf uitriep tot koning.

Niet iedereen erkende dat – er waren genoeg ontevreden groepen – en Yusuf was meer bezig met het consolideren van zijn gezag dan met strooptochten naar het noorden. De lachende derde was Pippijn de Korte, die zich, meteen nadat Yusuf zich had laten uitroepen tot koning, had laten zalven tot koning van de Franken. De nieuwe Frankische koning begon nu met het heroveren van de Provence en de Languedoc.

Koning Yusuf al-Fihri kon er weinig tegen doen. De Arabische expansie was tot stilstand gekomen door de verdeeldheid van de diverse bevolkingsgroepen op het Iberische Schiereiland. In 755 was Yusuf op campagne tegen een groep tot de islam bekeerde christenen aan de Ebro, de Banu Qasi (“de stam van Cassius”), toen hij vernam dat in het zuiden een Umayyadische prins was geland die blijkbaar het bloedbad in Damascus had overleefd.

[wordt vervolgd]

Deel dit:

10 gedachtes over “De Arabische verovering van Andalusië (3)

  1. FrankB

    “Maar wat maakte dan wel een einde aan die expansie?”
    Lijkt mij een verkeerde vraag. Vroeg of laat komt aan de expansie van elk rijk een einde, al was het maar door logistieke oorzaken.

    “Abd al-Malik, die ze kruisigden …”
    Abd al-Malik lijkt niet te hebben uitgeblonken in diplomatie.

    1. In Azie kwam wel een einde aan de politieke expansie van het kalifaat, maar niet een einde aan de expansie van de Islam. Ook de expansie van het Christendom is na het einde van de politieke expansie van Europa gewoon doorgegaan, zodat nu in Zuid Korea het Christendom de grootste denominatie is. In wat nu Frankrijk is had best een Islamitisch rijk kunnen ontstaan.

  2. Ik dacht dat Karel Martel na de slag aan de Berre, die historici tegenwoordig veel belangrijker vinden dan die tussen Tours en Poitiers, bijna de hele Provence al had heroverd en dat Pepijn alleen Narbonne nog hoefde te veroveren. Ik heb vier talen Wikipedia bekeken, en die zeggen dit allemaal ook.

  3. Theo de Graaff

    Dus de reden van het stoppen van de expansie van het kalifaat was de interne verdeeldheid in de Arabische wereld. Maar dan wordt er aan voorbij gegaan dat ook Christelijke wereld verdeeld was, volgens mij in sterkere mate nog. Je hebt het in de eerste aflevering voor Spanje zelf nog beschreven.
    Die slag bij Poitiers is altijd gebagatelliseerd. Ik kan me nog herinneren dat er ooit werd geschreven dat de feiten flink waren opgeklopt omdat de Arabisch legers in die tijd nu eenmaal altijd superieur waren. Maar ja, als zelfs je hoofdaanvoerder het niet overleeft, mag je toch wel van een nederlaag spreken, lijkt mij. En het strategisch inzicht van de aanvoerder aan Christelijke kant, Karel Martel, moet ook niet worden uitgevlakt.
    Ik denk dat die overwinning bij Poitiers in ieder geval flink heeft bijgedragen aan het moreel in de Christelijke wereld. Ze gingen er weer in geloven.

    1. Dat laatste klopt zeker. Het was ook de “geloofsbrief” voor de Karolingen: zij, en niet de Merovingen, hadden de onverslaanbaar geachte Saracenen klop gegeven.

    2. FrankB

      “Maar dan wordt er aan voorbij gegaan dat ook Christelijke wereld verdeeld was”
      Het duurde dan ook een tijdje voor die christenen Iberië binnenvielen en nog wat langer voordat dat succes had.

      “flink heeft bijgedragen aan het moreel in de Christelijke wereld”
      Er zijn hier een paar probleempjes mee. De eerste is dat aan Iberische zijde óók christenen meevochten. Het mooiste voorbeeld is natuurlijk de latere held Rodrigo Díaz de Vivar, die een paar keer van partij veranderde. Het tweede is dat het een groot deel van de christelijke wereld maar matigjes interesseerde. De Ierse christenen hadden het bv. druk met hun eigen zaakjes – voor zover ze op de hoogte gehouden werden, want massamedia waren er nog niet.
      Maar aan het Frankische hof (niet geheel gelijk aan de “christelijke wereld”) zullen ze vast blij zijn geweest.

  4. Ben Spaans

    De Cid lag slecht bij de – zeg maar – Castellaanse vorst. Hij was een tijd zo uit gunst dat hij als rondtrekkende ridder met een paar strijders die hem trouw bleven zijn diensten maar aanbod aan Taïfa’s – maar wel aan Taïfa’s die zich met vorst van zeg maar Castilië verbonden hadden.

  5. “de Banu Qasi (“de stam van Cassius”)”

    Fascinerend. Cassius was naar men zegt een Visigoot of een Bask, maar zelf natuurlijk ook van van Ibero-Romeinse afkomst. Dit soort pareltjes van de geschiedenis gaat te vaak ten onder als historici te snel een periode willen afsluiten om dan snel naar de opkomst van de volgende te springen. Voor West-Europa geldt al gauw dat de vijfde tot en met de achtste eeuw zwaar onderbelicht zijn, met ook te vaak te snelle aannamen over invasie en verdrijving (in tegenstelling tot ethnogenese) tot gevolg.

Reacties zijn gesloten.