Aristoteles (7): Materie en geest

Aristoteles (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, arts en filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest. In deze reeks bekijken we hem in enig detail. Het eerste deel was hier.]

Bij Plato en bij zijn voorganger Anaxagoras kwamen we voor het eerst het dualisme tegen, de opvatting dat lichaam en geest fundamenteel andere fenomenen zijn. Dualisme gaat vaak samen met opvattingen over een ziel die voortleeft na de dood, zoals bij Empedokles, Pythagoras en, opnieuw, bij Plato. Het denkbeeld kwam ook voor in de Griekse mythologie. Het was dus bepaald niet zeldzaam.

Monisme

Dualisme staat tegenover het monisme. Dat gaat ervan uit dat lichaam en geest hetzelfde zijn. Monisme is tegenwoordig erg in zwang. Veel mensen menen dat uiteindelijk alles te herleiden is naar materiële oorzaken: botsingen tussen atomen, moleculen, verhitting, verkoeling, magnetisme et cetera. De filosoof Thales was een vroege monist. Volgens hem viel alles te herleiden tot water.

Lees verder “Aristoteles (7): Materie en geest” →

Aristoteles (6): Het Corpus Aristotelicum

Aristoteles (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, als arts en vooral als filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest. In deze reeks bekijken we hem in enig detail. Het eerste deel was hier.]

In de tijd van Aristoteles, de vierde eeuw v.Chr., was er nog maar weinig sprake van systematisch onderzoek. Daardoor kon het niet anders of de door hem voorgestelde regels voor de logica sloegen in als een bom. Hij is dan ook de geschiedenis ingegaan als de wetenschapper-filosoof.

Net als Plato was Aristoteles ook een veelschrijver. Hij werkte zijn denkbeelden en opvattingen zorgvuldig uit in toegankelijk geschreven dialogen, die men in de Oudheid hoog aansloeg wegens hun literaire kwaliteit. Helaas zijn ze allemaal verloren gegaan.

Lees verder “Aristoteles (6): Het Corpus Aristotelicum” →

Aristoteles (5): Deductie en inductie

Aristoteles (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, als arts en vooral als filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest. In deze reeks bekijken we hem in enig detail. Het eerste deel was hier.]

Gisteren hadden we het over de aristotelische logica. Enkele slimmerds zullen kritiek hebben op het eerste voorbeeld dat we gebruikten, waarin we Sokrates’ sterfelijkheid wilden bewijzen. Ze zullen zeggen: wat als Sokrates nu onverhoopt tot in de eeuwigheid was blijven leven? Hadden we dan moeten concluderen dat hij geen mens is? Of is dan de aanname dat alle mensen sterfelijk zijn onwaar?

Aristoteles gaf toe dat niet alle kennis zomaar gegeven is. Omdat we nooit álle mensen kunnen onderzoeken, kunnen we nooit 100% zeker zijn of werkelijk alle mensen sterfelijk zijn. Zolang we echter nog nooit gehoord hebben van iemand die minstens een aantal decennia ouder dan honderd is geworden en nog altijd leeft, kunnen we ervan uitgaan dat de uitspraak klopt.

Inductie: van het specifieke naar het algemene

Deze redenering verloopt dus niet van algemene kennis naar specifieke uitspraken, maar van specifieke kennis naar algemene uitspraken. Dit proces van veralgemeniseren noemen we inductie.

Lees verder “Aristoteles (5): Deductie en inductie” →

Aristoteles (4): Onlogisch redeneren

Aristoteles (Archeologisch Museum, Palermo)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, als arts en vooral als filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest. In deze reeks bekijken we hem in enig detail. Het eerste deel was hier.]

Naast de formules voor de ‘juiste’ manier van denken, waarover we het vanmorgen hadden, stelde Aristoteles ook formules op voor herkenbare denkfouten: de zogenaamde drogredeneringen.

Drogredeneringen

Wanneer we stelling B van de voorgaande redenering vervangen door een negatief oordeel, werkt het niet meer. Kijk maar:

  1. Alle mensen zijn sterfelijk.
  2. Socrates is geen mens.
  3. …

Lees verder “Aristoteles (4): Onlogisch redeneren” →

Aristoteles (3): Oordelen

De “Ludovisi Aristoteles” (Museo Altemps, Rome)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, als arts en vooral als filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest. In deze reeks bekijken we hem in enig detail. Het eerste deel was hier.]

We hebben gisteren gezien dat Aristoteles meende dat mensen denken in categorieën als substantie, kwantiteit, kwaliteit, plaats en tijd. Hij hield het echter niet bij ordening. Hij was ook benieuwd naar de manier waarop we de begrippen, klassen en categorieën hanteren.

Aristoteles stelde daarbij dat alles wat wij ‘denken’ noemen eigenlijk neerkomt op het met elkaar verbinden van begrippen. We kunnen bijvoorbeeld het begrip kat verbinden met het begrip zwart. Zo’n verbinding noemt Aristoteles een oordeel.

Lees verder “Aristoteles (3): Oordelen” →

Aristoteles (2): Het grote ordenen

Armeens manuscript van Aristoteles’ Categorieën (Matenadaran, Yerevan)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, als arts en vooral als filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest. In deze reeks bekijken we hem in enig detail. Het eerste deel was hier.]

Aristoteles was uiteraard niet de eerste die een plant of dier bestudeerde en boeken las. Hij was echter geen lukrake verzamelaar. Aristoteles legde met zijn manier van ordenen de grondslag voor de wetenschap van de Oudheid, en daarmee ook voor de moderne wetenschap.

Overeenkomsten en verschillen

Hij dacht als volgt: om een begrip te definiëren, hebben we eigenlijk altijd twee dingen nodig. Ten eerste een klasse waar dit begrip vanwege de overeenkomsten in thuishoort. Bijvoorbeeld: dit dier hoort in de klasse der zoogdieren, omdat het harig is en levendbarend. Ten tweede moeten we weten waarmee het begrip zich onderscheidt van de rest van de dingen in die klasse. Bijvoorbeeld: het gaat om een kat, omdat het dier een niet al te groot roofdier is, met snorharen en spitse oren. Het gaat er dus om dat we altijd een algemeen en een specifiek kenmerk moeten kennen om het dier goed te kunnen indelen ten opzichte van andere dieren, en zo te kunnen omschrijven.

Lees verder “Aristoteles (2): Het grote ordenen” →

Wie was Aristoteles?

Aristoteles (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)

[Aristoteles staat bekend als wetenschapper, als arts, en vooral als filosoof. Zijn invloed op de wijsbegeerte is enorm geweest: eerst via zijn eigen school, later op het neoplatonisme, toen op de Arabische filosofie, en via deze route weer op de scholastiek in West-Europa en daar voorbij. In de vandaag beginnende vijftiendelige reeks bekijken we hem in enig detail.]

Filippos de Tweede, de koning van Macedonië, had een lijfarts, en die lijfarts had een zoon, die 367 jaar voor onze jaartelling op zeventienjarige leeftijd naar Athene trok om onderwijs van Plato te krijgen in diens Academie. Zijn naam was Aristoteles.

Aristoteles volgde twintig jaar lang onderwijs aan de Academie, tot Plato’s dood. Daarna ging hij zelf aan de slag als leraar. Vijf jaar later riep koning Filippos hem naar zijn thuisland terug om het onderwijs van diens zoon Alexander op te verzorgen. De filosoof was toen tweeënveertig, Alexander veertien. Deze Alexander kennen we allemaal: hij zou later de bijnaam ‘de Grote’ krijgen.

Lees verder “Wie was Aristoteles?” →

Zesmaal werelderfgoed: West-Turkije (2)

Het Karabel-reliëf

[Tweede deel van een stuk over antiek erfgoed in westelijk Turkije. Het eerste was hier.]

Smyrna

Vanuit Efese kun je via het orakel van Klaros en het belangrijke Karabel-reliëf uit de Late Bronstijd naar Izmir, het antieke Smyrna, met een mooi museum en een agora. Her en der verstrooid staan nog enkele Ottomaanse huizen, als herinnering aan de mooie stad die hier ooit moet zijn geweest voordat de stad door oorlog werd verwoest. De Grieken die de stad verlieten, hebben sculptuur meegenomen die nu in Athene is.

Lees verder “Zesmaal werelderfgoed: West-Turkije (2)” →

Zesmaal werelderfgoed: West-Turkije (1)

De rotsachtige kust van Lycië

Ik kreeg de vraag voorgelegd wat je op een reis door Turkije kunt bekijken. Wat valt er zoal te zien? Simpel, denk je, maar het antwoord, oef, dat is lastig. Het probleem is dat Turkije asociaal veel erfgoed bezit. Elke antieke cultuur heeft er sporen nagelaten en vervolgens waren en de Byzantijnen, de Seljuken en de Ottomanen. Er is dus gewoon teveel om te bekijken. Ik zal daarom niet één maar vijf overzichten geven, waarbij ik aanteken dat mijn laatste bezoek aan dat mooie land alweer enige tijd geleden is. Achtereenvolgens: de westkust (vanmorgen en vanmiddag), het centrum (zaterdag), het oosten (volgende week woensdag) en Istanbul (donderdag). U krijgt in totaal vijftien maal werelderfgoed te zien. Fasten your seatbelts, here we go.

Lycië

Mijn eigen eerste bezoek aan Turkije begon op de luchthaven van Dalaman, waar we een auto huurden. Het is een mooi vertrekpunt voor een bezoek aan Lycië. Dat is het bergachtige zuidwesten van Turkije, met een rotsige kust en enkele havensteden, die bloeiden doordat er nauwelijks alternatieve aanlegplaatsen waren. Want de kust was dus rotsig. Beroemd zijn de Lycische rotsgraven.

Lees verder “Zesmaal werelderfgoed: West-Turkije (1)” →

Het handboek als Zwitsers zakmes

De Apollo-tempel van Delfi

Ik constateerde al eerder dat De Blois en Van der Spek, de auteurs van Een kennismaking met de oude wereld, dicht bij de bronnen blijven als ze de politieke geschiedenis van de klassieke periode beschrijven. Traditioneel is het handboek niet alleen voor de Perzische Oorlog, de Archidamische Oorlog en de Dekeleïsche Oorlog. De paragraaf over de diverse Atheense bevolkingsgroepen (metoiken, slaven, vrouwen…) biedt weinig dat niet ook in 1970 zo geschreven zou zijn, al is me niet ontgaan dat de cijfers voor de bevolkingsomvang tussen de zesde en zevende druk zijn aangepast (en terecht).

Zwitsers zakmes

Ook als het gaat over kunst en religie, oogt het allemaal traditioneel. Zoals ik al eerder heb gezegd: dat is onvermijdelijk. Een handboek moet informatie geven waarover op college te discussiëren is. Het probleem heb ik ook al benoemd: terwijl je enerzijds moet vertrekken vanuit een algemeen bekende en dus traditionele basis, bied je zo wéér verouderde inzichten aan classici, archeologen en historici die zich niet specialiseren in de geschiedenis van de Oudheid. Ik weet de oplossing ook niet, maar het is wel alsof een student biologie die niet specialiseert in paleontologie nooit hoort hoe dankzij Lucy en het DNA-materiaal de menselijke stamboom is veranderd.

Lees verder “Het handboek als Zwitsers zakmes” →