Waarom ik “Xerxes in Griekenland” schreef

Gistermorgen heb ik bij uitgeverij Omniboek het bestand ingeleverd van mijn nieuwe boek, Xerxes in Griekenland. De presentatie is donderdagmiddag 28 november in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden; het ligt vanaf 3 december in de boekhandel en als u het meteen wilt hebben, bestelt u het hier. Dat is een Amsterdamse boekhandel maar ze leveren landelijk.

Xerxes in Griekenland is een kwart eeuw in de maak geweest, vanaf het moment waarop classicus Hein van Dolen me vroeg om de landkaarten en het register voor zijn vertaling van de Historiën van Herodotos te maken, die in 1995 is gepubliceerd onder de titel Het verslag van mijn onderzoek. De Historiën zijn de voornaamste bron over Xerxes’ veldtocht. Sindsdien cirkel ik steeds weer naar Xerxes’ veldtocht terug, is het niet omdat ik op vakantie naar Griekenland ging, dan was het wel omdat ik een boek schreef over Alexander de Grote of omdat kwakhistorici na de Amerikaanse inval in Irak hun kans schoon zagen om een hoop negentiende-eeuwse rotzooi de wereld in te pompen.

Oudheidkunde is niet de “hardste” van alle wetenschappen maar dat wil niet zeggen dat anything goes. Sommige interpretaties van het verre verleden zijn onprofessioneler dan andere. Eén van die verouderde verklaringen is de visie dat de Perzische Oorlogen beslissend zijn geweest voor de Europese cultuur. Deze mythe bestaat uit drie stellingen.

  1. De oud-oosterse culturen waren religieus van karakter en het bestuur was despotisch. In Griekenland was echter een nieuw type cultuur ontstaan, een cultuur van de menselijke maat. Griekenland was vrij, rationeel, creatief.
  2. De westerse cultuur bouwt op de Griekse cultuur voort.
  3. De Perzische Oorlogen waren beslissend voor de westerse cultuur omdat de oosterlingen er niet in slaagden de westerse cultuur in de kiem te smoren. Europa is, om zo te zeggen, geboren bij Marathon.

Wetenschappelijke vooruitgang

Deze mythe, stammend uit de tijd van het Europese kolonialisme en bepaald niet van imperialistische en oriëntaliserende smetten vrij, zou sowieso wel zijn verdwenen. Wat in de mode is raakt vroeg of laat weer uit de mode en de postkoloniale tijd heeft wat dit betreft nogal een slachting opgeleverd. Maar het is niet alleen doordat ideeën uit de mode raakten dat de mythe verdween. Het komt doordat de wetenschap zélf verbeterde. De geesteswetenschappen houden zich bezig met de interpretatie van cultuur/taal in de breedste zin van het woord en het wetenschappelijke zit in het zoeken naar betere interpretaties. De bovenstaande mythe is niet alleen uit de mode geraakt, ze is vooral gesneuveld door gebrek aan kwaliteit.

Het derde idee, “de beslissendheid van Marathon”, is al in 1905 door Max Weber gedemonteerd. De continuïteit van de westerse cultuur, het tweede idee, veronderstelt een sociaalwetenschappelijk bewijs dat simpelweg nooit is geleverd. En het eerste idee, dat de oosterse cultuur zo anders was dan de westerse, is weerlegd door de uitgave van tienduizenden kleitabletten. Meer data betekent meer inzicht. Grieken en Perzen waren allebei mensen, nu eens rationeel, dan weer niet, nu eens mystiek, dan weer niet, nu eens creatief, dan weer niet.

Academische blabla die toch ergens over gaat

De oudheidkunde heeft zich ook niet beperkt tot het weerleggen van de drie stellingen die samen de mythe vormen. Er is onderzoek gekomen naar mondelinge tradities, die de bron vormen van veel van Herodotos’ geschriften. Er kwamen nieuwe concepten over oorzakelijkheid en die werden verfijnd. De Nederlandse antropoloog Henri Claessen introduceerde het concept van “de vroege staat”. En dit alles kwam samen in wat tegenwoordig wordt aangeduid als “New Achaemenid history”. De grondleggers zijn de Fransman Pierre Briant en de Gronings-Utrechtse hoogleraar Heleen Sancisi-Weerdenburg.

U mag termen als “New Achaemenid history” blabla vinden en u hebt gelijk. Maar dat is de crux niet. De crux is dat, met uitzondering van het onderzoek naar mondelinge tradities en de naam “New Achaemenid history”, alles wat ik hierboven vermeld, rond 1985 eerstejaarsstof was. Weber? Eerstejaarshandboek geschiedtheorie. Hoe bewijs je een continuïteit? Eerstejaars hoorcollege oude geschiedenis. Kleitabletten? Eerstejaars werkcollege. Causaliteit? Eerstejaarshandboek geschiedtheorie opnieuw. Vroege staat? Eerstejaarscollege archeologie. Mondelinge tradities? Kwamen aan de orde bij een tweedejaarscollege over Homeros.

Een zombiegeschiedbeeld

Je zou zeggen dat dit voldoende had behoren zijn. De mythe kon niet terugkomen, net zo min als de negentiende-eeuwse visie dat je moet uitkijken met vaccinatie. Maar de mythe kwam terug.

In de nasleep van de Amerikaanse inval in Irak haalden allerlei niet als historicus geschoolde auteurs de mythe weer van stal. Tot de voorbeelden behoren de classici Paul Cartledge en Tom Holland. Die schuwden de mediamanipulatie niet: de eerste schreef een lyrische bespreking van het boek van de tweede (Persian Fire) in The Independent, aangevend dat hij hoogleraar was en niet aangevend dat hij Holland had geadviseerd. De prof negeert een eeuw wetenschappelijk onderzoek, adviseert een ander dat ook te doen en prijst vervolgens de blinde vlek. Ik weet niet wat ironischer is, wetenschapsethiek of een krant die zich The Independent noemt.

Ik kan het lijstje uitbreiden met de speelfilm 300 – waarover ik al blogde – en met recentere titels, zoals The Rise of Athens van Anthony Everitt (ondertitel: The Story of the World’s Greatest Civilization). Dat doe ik echter niet. Het is niet goed voor mijn hart als ik dat allemaal doe. Bovendien: in mijn boek heb ik, anders dan op een blog, voldoende ruimte om uit te leggen hoe weinig we weten over de Perzische Oorlogen en hoe absurd het is die te benutten als basis voor een Europese stichtingsmythe.

Ik neem de lezer in vijf bedrijven mee door de hele tragedie. In het eerste hoofdstuk introduceer ik het Perzische Rijk en de Grieken, in het tweede hoofdstuk behandel ik het begin van Xerxes’ expeditie, in het derde ga ik in op de eigenlijke expeditie tot en met Salamis, in het vierde beschrijf ik de gebeurtenissen tot de inname van Eïon (het eindpunt van de oorlog) en tot slot wijd ik een hoofdstuk aan de mythe, aan haar weerlegging, aan hoe de wetenschap verder ging, aan de wijze waarop de mythe uit de dood werd opgewekt en aan een mogelijkheid alsnog verlost te raken van dit zombiegeschiedbeeld.

Alt-Right

Voor dit moment: de tegenstelling tussen een rationeel, humaan westen en een mystiek, tiranniek oosten is fictie; een continuïteit van toen tot nu is onbewijsbaar; het valt niet te weten of de waarden van de Griekse cultuur zijn veiliggesteld tijdens de oorlog met de Perzen. Er is domweg noch een empirische noch een logisch basis voor deze koloniale visie op het verleden. Wie momenteel verontrust is omdat de Alt-Right zich meester maakt van de Grieks-Romeinse Oudheid, kan alleen concluderen dat dit het onvermijdelijke gevolg was van het feit dat de oudheidkunde haar kentheoretische basis niet op orde heeft en dien ten gevolge onvoldoende weerstand bood toen classici opnieuw een koloniale, negentiende-eeuwse ideologie uitdroegen.

Dat kan ik met mijn boek niet meer veranderen. Als de tandpasta uit de tube is, kun je die niet terugduwen. Het is echter een fijne gedachte dat de eerste lezers, en dat zijn mensen die er geen belang bij hebben me naar de mond te praten, me vertellen dat Xerxes in Griekenland een spannend boek is geworden, dat, zo zeggen ze, inderdaad toont dat over de Perzische veldtocht naar Griekenland weinig met zekerheid valt te zeggen, dat de mythe onverdedigbaar is en dat het jammer is dat ze uit de dood is opgestaan.

51 gedachtes over “Waarom ik “Xerxes in Griekenland” schreef

  1. Luberta

    Beste Jona, van harte gefeliciteerd met de verschijning van uw nieuwe boek.
    In deze blog zijn de emoties bijna te proeven en ook dat is mooi.
    Maar lees hem nog even snel door, bijvoorbeeld op zoek naar de volgende zinnen:
    “U termen als “New Achaemenid history” blabla vinden en u hebt gelijk”.
    “Ik neem de lezer in vijf bedrijven mee door de hele tragedie genomen”.
    Er schuilt ergens een schooljuf in mij. Dat neemt niet weg dat ik dagelijks geniet van de blogs en van de zorgvuldigheid waarmee ze geschreven zijn. Hartelijke groet!

  2. Dirk

    Het ironische is dat, tenminste in de Amerikaanse politiek, degenen die graag dat oude wereldbeeld koesteren, zelf neigen naar religieus en despotisch bestuur.

    1. Rob Duijf

      Je zegt ‘tenminste’, maar je mag gerust zeggen dat het in de Europese politiek ook gebeurt, en dat ook in andere culturen de historie naar believen wordt gemanipuleerd.

  3. Debby Teusink

    De tweede stelling die foutief zou zijn:”De westerse cultuur bouwt op de Griekse cultuur voort” is dat volgens mij niet. Ondanks Herodotos, die geen historicus zou zijn geweest zijn de Grieken van enorm belang geweest voor de latere ontwikkelingen in de kunst, architectuur, filosofie, literatuur, drama en wetenschap. De ideeën over staatsinrichting,democratie enzo…nog daargelaten. De Romeinen waren niet te trots om toe te geven dat de boerse Latijnen door de overwonnen Grieken in cultureel opzicht overwonnen waren. Vind het nogal een statement alsof wij niet op de schouders van die reuzen staan.

    1. jaob krekel

      @Debby Teusink. Als de westerse cultuur echt op de Griekse zou voortbouwen, hadden vrouwen nog steeds geen stemrecht, en hielden we nog gewoon slaven.

      1. Jeroen

        Afgezien van de discussie of de westerse cultuur op de Griekse voortbouwt, is dit natuurlijk niet helemaal correct.
        Ik denk dat niet te ontkennen valt dat onze huidige cultuur voortbouwt op onze eigen cultuur zoals die in de 19e eeuw was (en daarvoor)?
        En toch is de slavernij afgeschaft en hebben vrouwen stemrecht…

        1. Rob Duijf

          Onze huidige cultuur is werkelijk tot in zijn haarvaten doordrenkt van het Joodschristelijke denken. Dat geldt ook voor alle stromingen die zich pakweg sinds de Renaissance daartegen hebben afgezet, maar er nog altijd in wortelen. Het Verlichtingsdenken was een nieuwe loot aan een tak met dezelfde wortels. Als je maar diep genoeg graaft, stuit je hier en daar misschien op wat Grieks/Romeinse rudimenten, maar voor het overige is het vooral Romantiek.

    2. U verwart invloed en inspiratie. Dat is hier (en op andere plaatsen) vaak genoeg beschreven, al vind ik het nu niet meteen.

      Waar is FrankB als je hem nodig hebt?

      1. FrankB

        Aan het werk. Daarna moest de werkfiets naar de fietsenmaker.
        Discussies over het verschil tussen invloed en inspiratie vind ik als zoveel semantiek zinloos. Ik heb DebbyT’s opmerkingen ook wel eens aan JonaL voorgelegd en er is hier grotendeels sprake van een schijntegenstelling.
        Je kunt best volhouden dat het Griekse denken invloed heeft uitgeoefend op onze westerse cultuur. Alleen moet je er dan ook aan toevoegen dat ook het joods-christelijke denken dat heeft gehad (nog een reden dat het ultieme nieuw-atheïsme zo belachelijk is) als ook oosterse culturen. Wie waren de eersten om systematisch de banen van de hemellichamen te observeren? Waar komen het getal 0 en het tientallig stelsel vandaan? Slimmeriken uit het religieus/despotische Oosten.
        JonaL schrijft letterlijk “2.De westerse cultuur bouwt op de Griekse cultuur voort.” Een goed verstaander ziet dat hij Griekse invloed helemaal niet ontkent. Het probleem is dat zoveel domoren ontkennen dat er nog andere invloeden zijn geweest. De sterkste kant van de westerse cultuur is altijd geweest dat het alle mogelijke invloeden wist op te nemen naar gelang het uitkwam. Juist zij die zich willen beperken tot de joods-christelijke traditie of de Grieks-rationele traditie en al het overige willen uitsluiten vormen dan ook een bedreiging voor het voortbestaan van onze westerse cultuur.

        1. Rob Duijf

          ‘Juist zij die zich willen beperken tot de joods-christelijke traditie of de Grieks-rationele traditie en al het overige willen uitsluiten vormen dan ook een bedreiging voor het voortbestaan van onze westerse cultuur.’

          Zeker. Waaraan ik dan nog zou willen toevoegen dat iedere identificatie al het overige uitsluit, nog afgezien van onze Joodschristelijke conditionering.

    3. eduard

      En wij komen na de Romeinen, alles wat daar tussen zat kunnen we gevoegelijk vergeten? Dan worden wel erg veel reuzen te min gevonden om op hun schouders te staan.

      1. FrankB

        Dat is natuurlijk de grap. Ontken simpelweg dat bv. Augustinus van Hippo een intellectuele reus was en voila.
        Het gaat nog een stap verder. De zelfbenoemde verdedigers van een grotendeels opnieuw uitgevonden Grieks-Romeinse traditie zitten met het probleem dat vele van hun helden in bv. de natuurwetenschappen van nul komma nul belang zijn. Wie Hoog-Middeleeuwse natuurfilosofen wil uitlachen om hun fouten (want de mythe van de Donkere Middeleeuwn) kan niet met Socrates, Plato en Aristoteles aan komen zetten. Dus moeten ze selectief gaan winkelen. En jawel, hoor – Democritus en Epicurus worden opgeblazen tot de ultieme grondleggers van de moderne wetenschap. Maakt niet uit dat in een moderne natuurkundige tekst je alleen nog de kans hebt de naam Archimedes tegen te komen. Maar ja, die was aan het werk (in Egypte en op Sicilië) toen er van de Griekse “vrijheid” niet zoveel meer over was.
        Tja, wie eenmaal zoetjes leuterkoek slikt heeft maar weinig bezwaar tegen meer.

  4. jacob krekel

    Mooi, gefeliciteerd. Heerlijk gevoel dat het nu even uit handen is.
    Zit het er in dat dit boek in een landelijke krant wordt besproken? Of dat de auteur wordt uitgenodigd in DWDD oid? Er is vast wel iemand die dit blog leest die aan genoeg touwtjes kan trekken om het een of het ander te bewerkstelligen.
    Tip: bespreek het boek op zijn eigen merites en niet als onzinbestrijding. Dat helpt toch niet.

    1. Rob Duijf

      Ga er maar van uit dat men Jona wel weet te vinden. Probleem is misschien dat hij ‘a pain in the ass’ is in het wereldje van humaniora en media, een ‘butt plug’ met een drupje zoete amandelolie…

      1. Ik weet niet of ik een “pain in the ass” ben. Ik pas alleen niet in de gemakkelijke frames. Voor zover ik een boodschap-met-een-grote-letter-b heb, is die dat de wetenschap respect verdient en dat de huidige universiteit eens aan de bak moet om dat respect weer waar te maken. Met het eerste pas ik niet in een gezellig kletsprogramma, want ik wil wetenschap en geen amusement, en met het tweede pas ik niet in de academische media.

        Qua ongrijpbaarheid ben ik de Poezenkrant van de oudheidkundige wetenschapsjournalistiek.

        1. Rob Duijf

          ‘Ik weet niet of ik een “pain in the ass” ben.’

          Dat siert je. Nu ben je weliswaar een aardige en wellicht aaibare man, maar het is wel zo, dat jij zonder meel in de mond te nemen, zekere hoogleraren, auteurs en folkloristische erfgoedorganisaties in al jouw oprechtheid ‘kwakhistorici’ noemt – daargelaten of dat juist is of niet. Dat is doorgaans geen kwalificatie waarbij de erudiete dames en heren en hun uitgevers de vlag uithangen…

          1. Rob Duijf

            En dan vergeet ik nog de papagaaiende redacteurs van zekere media, die liever kiezen voor gemakzuchtige sensatie, dan voor de tijdrovende verificatie van de diepgang.

  5. FrankB

    “Je zou zeggen dat dit voldoende had behoren zijn.”
    In een land met slechts “een cultuur van de menselijke maat”, een land dat “vrij, rationeel, creatief” is wel, ja. Alleen geloof ik dat niet zo erg. Vandaar dat ik skeptisch sta tegenover het beschavingsideaal van de humaniora. Daaruit volgt niet dat het de prullenbak in moet, integendeel. We zullen onze best moeten doen, zonder al te veel optimisme.

  6. Debby Teusink

    ”De westerse cultuur bouwt op de Griekse cultuur voort” betekent volgens mij dat de Griekse beschaving een van de bouwstenen van de Europese beschaving is, zo u wilt een fundamentele bouwsteen. Dat daarmee er andere invloeden van geen betekenis zijn geweest beweer ik nergens.

    1. FrankB

      Nee, u niet. JonaL wijdt een hele paragraaf aan degenen die dat wel doen of beweren ernaar te streven. Dat is de werkelijke tegenstelling, niet die tussen JonaL en u.

  7. Henk van Straten

    Ben heel benieuwd naar je nieuwe boek! En heb respect voor je niet aflatende poging je vak zuiver te houden.
    (Terzijde: Rotterdam heeft ook een uitstekende boekhandel die moet overleven: Boekhandel Donner 🙂

  8. eduard

    Wat zijn mensen als Robin Lane Fox en Paul Cartledge toch een raadselachtige figuren. Je zou toch denken dat ze van hedendaags onderzoek op de hoogte waren toen ze hun kletsverhalen over Alexander, Griekenland en de Perzen schreven. Zou het kunnen dat het vak van de geschiedschrijving er in de Anglosaxische wereld er nog beroerder voorstaat dan in Nederland?

    1. Dat is niet gemeen. Ik zal nooit ontkennen dat een classicus vermoedelijk wel kan vertalen. Wat ze alleen niet moeten doen, is denken dat ze ook historici zijn. Dat is niet zo. Ieder zijn vak.

      1. A.Minis

        Tom Holland is geen classicus. Hij heeft vergelijkende literatuurwetenschap gestudeerd en ook nog wat Latijn. Geen Grieks.
        Ik heb zijn vertaling, die leest als een trein. En het boek is prachtig om te zien. Of het een goede vertaling is, weet ik niet, ik heb het Grieks er niet naast gelegd.
        Laat het welverdiend eten u smaken!

  9. Ben heel benieuwd naar het hele boek. Ik heb de bestelling al geplaatst. Nee, niet in Amsterdam. Ik gun mijn boekhandel in Apeldoorn altijd de klandizie.

  10. Ben Spaans

    De Britten (=Britse historici) lezen geen Duits – niet generaliseren. Michael Wood (o.a. In search of the Trojan War) kan goed overweg met Duits materiaal en de historici van Nazi-Duitsland en W.O II – Richard Overy, Ian Kershaw, Richard J. Evans, zelfs de vermaledijde Niall Ferguson – kunnen er ook mee werken.

    1. Theo Joppe

      Inderdaad Ben, dat is gewoon niet waar. Misschien bij sommige trendy publieksboeken, maar zeker niet in het wetenschappelijk bedrijf. Ik placht vroeger boeken af te wijzen als alleen al uit de bibliografie bleek dat de (vaak Amerikaanse) auteur geen relevante Franse, Duitse of Italiaanse vakliteratuur had gebruikt — of alleen maar in een bestaande Engelstalige samenvatting. Dan beheers je je vak niet. Hetzelfde geldt natuurlijk nog veel sterker als de auteur zelfs zijn belangrijkste bronnen niet in de originele taal kan lezen. Tja, de echte meetlat ligt natuurlijk hoog, maar zo hoort het ook.

      1. FrankB

        “als de auteur zelfs zijn belangrijkste bronnen niet in de originele taal kan lezen”
        Dat is wel erg cru. Er lopen nog altijd uitstekende vertalers rond.

        1. Het is vaak een kwestie van samenwerken. Ik vraag altijd specialisten om naar mijn werk te kijken en dat levert vaak zinvol commentaar op.

          Het zou classici sieren als ze eens met geschiedtheoretici gingen praten om mee te denken, zoals het archeologen siert om eens met een classicus te praten over méér dan alleen “wat staat hier?”

          1. Theo Joppe

            Ik ben dus zo’n vermaledijde classicus, weliswaar een oudere jongere, die tijdens zijn studie wél is gepokt en gemazeld door archeologie, oude geschiedenis en god weet wat nog meer. Ik heb echt niet de indruk dat dat nu anders zou zijn, dus je laatste alinea is wellicht een beetje te gechargeerd? Hetzelfde geldt tegenwoordig, denk ik, voor de relatie tussen archeologen en classici. Er is grondwerk, en er is interpretatie. Daar helpen beide vakgebieden elkaar.

            Geschiedenistheorie is een uitgebreid vakgebied en ja, daar hebben die stoffige classici ook weet van. Bij het lezen van een dissertatie word je al helemaal gek van de verplichte ‘status quaestionis’, die tientallen pagina’s kan beslaan. Dus hoezo, ‘meedenken’? Wat is de vraag?

  11. “…veel van Herodotos’ geschriften.”
    Als classicus weet ik uiteraard maar al te goed dat ik zo goed als niets weet (en anders herinner jij me daar wel aan), maar: welke geschriften van Herodotos heb ik allemaal gemist?

  12. Knotwilg

    Ik heb een keukenfilosofie dat onze geglobaliseerde maatschappij na de kennis-industrie en de communicatie-industrie in een identiteitsindustrie zal belanden. Waarom denk ik dat? Omdat in een geglobaliseerde maatschappij het gevoel van identiteit verloren gaat en de behoefte groeit én omdat de genetica op het punt staat tot in de huiskamer te komen.
    Vandaag zijn de debatten grotendeels gebaseerd op identiteit. Je kiest een kamp en daarna doen de feiten er minder toe dan de identificatie. In België is er al een tijd een steeds groeiende Vlaamse identiteit, die berust op zeer selectieve geschiedschrijving en -interpretatie, maar ze is er nu eenmaal. Het Brabantse Antwerpen loopt voorop in de strijd, met de banieren van het graafschap Vlaanderen.
    Ik denk niet dat we een vals opgebouwde identiteit te lijf kunnen met feiten. Als de katalysators van de identiteit hebben beslist dat de Grieken (of de Joods-Christelijken) dé basis vormen van onze cultuur, helpt daar geen lievexerxessen meer aan.

Reacties zijn gesloten.