De mysteriën van Mithras

Reconstructie van een mithraeum (Musée royal de Mariemont, Morlanwelz)

Ik vertelde gisteren over de expositie Le Mystère Mithra in het Musée royal de Mariemont in Morlanwelz. Daarin behandelde ik het astrologische aspect van de tauroktonie-reliëfs. Daarnaast vatte ik de mythologie samen, zoals moderne onderzoekers die reconstrueren. Ik gaf verder aan dat de vereerders van Mithras zich vermoedelijk niet zoveel hebben bekreund om een doctrine. Ook een consistente verklaring van de kosmos is niet wat ze gezocht zullen hebben. Wat was die Mithrasreligie nu eigenlijk?

Mysteriecultus?

Het boekje Het Mithras-mysterie, dat toelichting geeft op de tentoonstelling, stelt de vraag waarom godsdiensthistorici het überhaupt een mysteriecultus noemen. Goede vraag. De term is gemunt door christelijke schrijvers uit de Romeinse tijd. Ze plaatsten daarmee andere culten – Demeter, Kybele, Isis, de grote goden van Samothrake, Jupiter Dolichenus – in één hokje. Het is dus een externe. polemische term.

Tauroktonie uit Ulpia Sarmizegetusa. U heeft deze groep ook kunnen zien op de Dacië-expositie in Tongeren.

Desalniettemin namen de negentiende-eeuwse geleerden de term over. Ze meenden dat de mysteriegodsdiensten een inwijding boden waarbij mensen geheime inzichten verwierven. De geïnitieerden zouden daarmee uitverkorenen zijn die zichzelf hadden verlost. Zo boden deze culten een antwoord op existentiële angsten. De mysterieculten zouden centraal georganiseerd zijn geweest. Het boekje meldt echter:

Niets van dit alles is waar voor de cultus van Mithras. In zijn cultus staan niet zozeer de existentiële, als wel de alledaagse behoeften van de mens centraal (gezondheid, familiale bescherming, rijkdom, enz.) Er is geen centraal gezag, want elke gemeenschap is onafhankelijk van de andere. Er is geen dogma, doctrine of theologie zoals in de monotheïstische religies. De inwijding is in de eerste plaats een manier om tot de gemeenschap toe te treden, een soort “rite de passage” dus, en niet zozeer een toegang tot enige vorm van hogere kennis.

Inwijding

Het voornaamste aspect van de inwijding lijkt te zijn geweest dat het hoofd van een Mithrasgemeenschap de nieuwkomer de hand schudde. De geïnitieerden noemden elkaar daarom syndexi, de handdrukdelers.

Iemand is ingewijd als leeuw (Frankfurt)

Van plaats tot plaats verschilden de inwijdingen. Bot gemaakte zwaarden, zoals opgegraven in Güglingen, zouden daarbij een rol gespeeld kunnen hebben. Er waren diverse graden van inwijding: de nieuwkomer was een raaf, de vaste leden waren leeuwen en de het hoofd van de gemeenschap heette vader. Sommige heiligdommen kenden wel zeven graden, al kan het ook gaan om zeven functies binnen de gemeenschap.

Anders gezegd: de verering van Mithras was mysterieus in de zin dat ze plaatsvond in besloten kring en inwijdingen kende. Het is geen mysteriegodsdienst in de negentiende-eeuwse zin des woords.

Een banket met links een “raaf” en rechts een “leeuw” (Konjic)

Mithraea

Er zijn ongeveer 150 tempels voor Mithras opgegraven, de zogeheten mithraea. Soms, zoals in Tiddis, gaat het om grotten. Vaker zijn het langwerpige,  half-ondergrondse zaaltjes met aan weerszijden ligbanken en aan het uiteinde een reliëf van de tauroktonie. Kunstmatige grotten dus. In deze besloten heiligdommen waren doorgaans afbeeldingen van de zon en maan, de zodiak en de planeten, want deze ruimte moest een afbeelding zijn van het universum. In het Mariemontmuseum is een feeëriek mooi mithraeum nagebouwd, compleet met sterren aan het plafond (zie foto helemaal bovenaan). Overigens is er ook een mithraeum nagebouwd in museumpark Orientalis.

Een van de mithraea uit Ostia, nagebouwd in Museumpark Orientalis (Berg en Dal)

De oudste mithraea stammen uit het laatste kwart van de eerste eeuw n.Chr., wat misschien een datering oplevert voor de hypothetische, onbekende profeet die ik in het vorige stukje noemde. Ze zijn niet gevonden in Iran, waarmee we opnieuw een aanwijzing hebben dat het een Romeinse en geen Perzische cultus is. Weliswaar hoor je weleens vertellen dat in Maragheh een Mithrasgrot is gevonden, maar ik ben ter plekke wezen kijken en het klopt niet. De vermelding van een mithraeum in Parthisch Uruk heb ik bij mijn bezoek in oktober niet kunnen verifiëren.

Mithraïsch aardewerk uit Keulen

Syndexi

De syndexi kwamen uit alle lagen van de Romeinse bevolking – en ze dragen altijd mannennamen. Mithras was immers zonder moeder uit een rots geboren en ging uitsluitend om met mannen: Cautes, Cautopates, Helius en een stier. Het kan heel goed zijn dat vrouwen wel een rol speelden in een Mithrasgemeenschap, al was het maar omdat de syndexi samen aten en koken destijds als vrouwenactiviteit gold.

Het is een bekend misverstand dat de cultus voor Mithras er speciaal een was voor soldaten. We kennen ongeveer 1100 syndexi bij naam en daarvan lijkt maar een tiende een militaire achtergrond te hebben. Als we bedenken dat soldaten fors meer dan een tiende uitmaken van het totaal bekende Romeinse namenbestand, mogen we zelfs concluderen dat soldaten ondervertegenwoordigd zijn.

In elk geval: de Mithrascultus was een maaltijdgenootschap, waarvan de leden elkaar wederzijdse hulp toezegden. Heel concreet: samen eten. Maar ook op andere manieren. In de snoeiharde Romeinse samenleving was zo’n vangnet bepaald geen luxe.

Een meneer Tullius uit Tienen lost een gelofte aan Mithras in (Het Toreke, Tienen)

Het ultieme mysterie

Ik opende mijn eerste stuk met de opmerking dat het zinloos is de Mithrascultus in te zetten in een hedendaagse polemiek tegen het christendom. Ik weet niet waarom het voortdurend gebeurt, ook in serieuze media. Een paar jaar geleden ontsierde Stijn Fens de Week van de Klassieken met een catastrofaal ondoordacht artikel in Trouw waarin hij alle clichés verzamelde die er zoal bestaan: Mithras was een soldatengod, de tempel van Elst was een mithraeum, er waren geloofsgeheimen, Mithras was geboren uit een maagd, Mithras was opgestaan uit de dood, Mithras was een concurrent voor het christendom.

Een Mithrasaanhanger heeft deze munt met een afbeelding van een onder schilden bedolven Tarpeia wat bijgewerkt, zodat hij een geboorte van Mithras voorstelt (Saint Albans)

Het is allemaal kletskoek. Dat weten we al heel lang. Ik zeg niet dat wat ik gisteren en vandaag heb geschreven precies waar is, want er blijft veel onduidelijk. Dat wil echter niet zeggen dat Trouw achterhaalde negentiende-eeuwse fantasietjes moet blijven herhalen.

Voor mij is het grootste Mithrasmysterie waarom mensen zo verschrikkelijk graag niet-joodse wortels willen voor het christendom. Ik begrijp echt niet waarom ze een eeuw wetenschappelijk onderzoek negeren. Onderzoek naar het jodendom/christendom. Onderzoek naar andere culten, zoals Mithras. Hopelijk zorgt de expositie in Morlanwelz voor wat meer waardering voor het oudheidkundig onderzoek.

***

De expositie Le mystère Mithra in Morlanwelz duurt nog tot 17 april. Ze reist door naar Toulouse (13 mei tot en met 30 oktober) en Frankfurt (19 november tot en met 15 april 2023). Het begeleidende boekje, Het Mithras-mysterie, en de catalogus zijn hier te bestellen. Van het laatste boek zag ik wel een Franse en een Engelse versie, maar geen Nederlandse, wat toeval kan zijn.

12 gedachtes over “De mysteriën van Mithras

  1. FrankB

    Gisteren schreef ik dat ook wetenschappers de merkwaardigste redenen hebben om onderzoek te doen. De volgende link bevat een aardig voorbeeld.

    https://historyforatheists.com/2016/12/the-great-myths-2-christmas-mithras-and-paganism/

    “waarom mensen zo verschrikkelijk graag niet-joodse wortels willen voor het christendom”
    Vrij eenvoudige psychologie dus – mensen nemen eerst een beslissing en vervolgens rationaliseren ze die. De reden waarom is dus emotioneel. Voor ongelovigen is, naar mijn persoonlijke ervaring, dat ze het christelijk geloof in diskrediet willen brengen. In hun enthousiasme vergeten ze Feynman’s principe:

    “The first principle is that you must not fool yourself, and you are the easiest person to fool.”

    Maar waarom Stijn Fens er aan mee doet, geen idee.

  2. Huibert Schijf

    “We kennen ongeveer 1100 syndexi bij naam en daarvan lijkt maar een tiende een militaire achtergrond te hebben. Als we bedenken dat soldaten fors meer dan een tiende uitmaken van het totaal bekende Romeinse namenbestand, mogen we zelfs concluderen dat soldaten ondervertegenwoordigd zijn.” Strikt genomen kan dit alleen worden geconcludeerd als beide namenlijsten representatieve steekproeven zijn. Maar dat zal onbekend zijn. Aan de andere kant zou de Romeinse namenbestand een bias kunnen hebben ten opzichte van militairen.

  3. Ben Spaans

    Hèt Romeinse namenbestand, niet dè. De situatie voor het Nederlands wordt steeds grimmiger. Dè zeggen en schrijven waar hèt gebruikt moet worden, dat en die worden ook steeds vaker door elkaar gehaald.
    Mensen, wees waakzaam!

  4. Remco

    “De geïnitieerden noemden elkaar daarom syndexi, de handdrukdelers.”

    Moet dit niet “syndexioi” zijn? De vorm “syndexi” oogt zo on-Grieks en on-Latijns.

      1. Remco

        De betreffende alinea op de pagina waar je naar linkt, is merkwaardig, vooral de laatste zin:
        “The mythological episode in which Mithras and the Sun formalize the agreement through the formula of joining their hands, iunctio dextrarum or dexiôsis, is also part of the main rituals of the Mithraic communities. Through this union of hands, the Pater, who acts as Mithras’ earthly representative, strengthens the bond of brotherhood between the participants who are united thanks to the syndexi.”
        De wikipediapagina over “Mithraism” verwijst naar een inscriptie van Proficentius en naar het werk van Firmicus Maternus voor het gebruik van de term “syndexioi” (sic). Ik ga kijken of ik die kan vinden.

  5. Ben Spaans

    Misschien is het eerder zo dat mensen geobsedeerd zijn door het christendom an sich en eigenlijk niet zo echt stilstaan bij joodse wortels?

    1. Dat kan zeker een rol spelen, denk ik.

      Het zou analoog zijn aan Jezusmythicisme. Ik vermoed dat althans sommige Jezusmythicisten niet door hebben dat ze een standpunt overnemen dat antisemitische wortels heeft. Dus het kan.

      Omgekeerd: van een krant als Trouw zou ik hebben verwacht dat ze het stuk van Stijn Fens hadden herkend als pulp.

Reacties zijn gesloten.