Caesar in het nauw

Caesar (Vaticaanse Musea, Rome)

Als ik u zeg dat het 9 november was in het jaar waarin Gaius Julius Caesar en Publius Servilius Isauricus dienden als consuls, en als ik dat omreken naar 26 september 48 v.Chr. op onze kalender, dan weet u hoe de vlag erbij hangt. U bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Belegerd worden.

Zoals we zagen in het vorige stukje had de Ptolemaïsche generaal Achillas een groot leger op de been gebracht om Caesar te isoleren in het paleis van Alexandrië. In feite gaf Achillas leiding aan een nationalistische verdediging tegen de Romeinse bezetter. Getalsmatig zag het er in deze Alexandrijnse Oorlog slecht uit voor Caesar, die beschikte over 3000 legionairs, terwijl Achillas 20.000 man op de been zou hebben gebracht. De Romein had echter een troef: koning Ptolemaios XIII en koningin Kleopatra VII waren in zijn handen. Ook Arsinoë IV en Ptolemaios XIV, de jongste zus en zoon uit het gezin van vier, lijken in het paleis gedetineerd te zijn geweest.

Alexandrië

Hoewel de koninklijke familie dus feitelijk gegijzeld was, waagde Achillas de aanval op het paleis. Caesar schrijft in zijn Commentaar op de Burgeroorlog:

Uit vertrouwen op deze troepen en minachting voor Caesars geringe aantal soldaten bezette Achillas Alexandrië, behalve het stadsdeel dat Caesar met zijn soldaten bezet hield, en hij trachtte bij de eerste aanval Caesars verblijf binnen te dringen. Maar Caesar had in alle straten cohorten geposteerd en sloeg de aanval af.

Tegelijkertijd werd bij de haven gevochten, en daar ontstond verreweg de grootste strijd. Want door de spreiding van troepen werd in meer straten tegelijk gevochten en bovendien probeerden de vijanden met een grote overmacht de oorlogsschepen te bezetten. Daarvan waren er vijftig aan Pompeius te hulp gestuurd en na de slag in Thessalië naar huis teruggekeerd, allemaal vier- en vijfriemers, opgetuigd en gereed om uit te varen. Bovendien waren er tweeëntwintig schepen die gewoonlijk in Alexandrië lagen om de stad te bewaken. (Burgeroorlog 3.112; vert. Hetty van Rooijen)

Ondertussen in Spanje

Ik heb al eerder verteld dat Caesars republikeinse tegenstanders weliswaar verslagen waren, maar zich niet hadden overgegeven. Op de Balkan waren republikeinse troepen actief. In het huidige Tunesië had Cato de Jongere zich verbonden met koning Juba van Numidië, die Caesars ondercommandant Curio had verslagen. En in het verre westen waren de Romeinse troepen in Andalusië in opstand gekomen.

De commandant was de al een paar keer genoemde Quintus Cassius Longinus, de broer van de latere moordenaar. Die was erin geslaagd zich bij de bevolking, bij zijn eigen mannen en bij de clientèle van Pompeius gehaat te maken en moest aanzien dat zijn legionairs een ander kozen tot commandant: Marcus Marcellus. Cassius zocht steun, maar zelfs zijn eigen versterkingen kozen partij tegen hem, en na enkele gevechten maakte hij zich uit de voeten.

De auteur van het geschrift dat bekendstaat als De Alexandrijnse Oorlog beschrijft het allemaal in groot detail, inclusief zijn vlucht richting Catalonië:

Na een voor het winterseizoen gunstige zeereis voer hij de Ebro op om niet bij nacht te hoeven varen. Het weer werd wat stormachtiger, maar hij geloofde niet dat hij groter gevaar zou lopen als hij uitvoer, en vertrok. De golven rolden hem in de monding van de rivier tegemoet, hij kon het schip niet keren door de kracht van de rivier en evenmin recht tegen de enorme golven in varen. Zijn schip verging precies in de riviermonding en hij kwam om. (Alexandrijnse Oorlog 65; vert. Hetty van Rooijen)

Dat laatste moet ergens in februari zijn geweest. Het voornaamste resultaat was dat menigeen nu twijfelde aan de zaak van Caesar. De Spaanse provincies zouden zich later inderdaad aansluiten bij de republikeinse oppositie, en de laatste veldslag uit de Tweede Burgeroorlog zou plaatsvinden in Andalusië.

[Overmorgen meer. Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]

Deel dit:

6 gedachtes over “Caesar in het nauw

  1. “In feite gaf Achillas leiding aan een nationalistische verdediging tegen de Romeinse bezetter.”

    Ga dat maar eens uitleggen aan een publiek dat weet dat nationalisme een uitvinding van Napoleon is. Egypte was sowieso een mengelmoes dus dat heeft onderbouwing nodig met meer dan een bewering.

    1. Karel van Nimwegen

      Definieer natie en je zult concluderen dat er allerlei soorten van zijn. De moderne natie is samen met de staat gegroeid, maar reken maar dat er ook in hellenistisch Egypte een gevoel bestond dat de bewoners van het eigen land er iets te zoeken hadden en Romeinen niet.

      Je kunt ook kijken naar andere woorden waarmee we de antieke feiten proberen aan te duiden: grens, leger, generaal, imperium, godsdienst, familie, belasting. Allemaal lijken ze op zaken uit onze tijd, allemaal steeds anders. Ieder historisch verhaal is gegoten in moderne woorden.

  2. FrankB

    “Als ik u zeg …..”
    Het blijft leuk.

    “een nationalistische verdediging”
    Napoleon en zijn tijdgenoten zijn tamelijk irrelevant in deze, omdat we toch al niet anders kunnen dan onze moderne terminologie gebruiken om historische gebeurtenissen te gebruiken. Het is in de wetenschap heel normaal dat termen niet hetzelfde betekenen als daarbuiten, met energie als bekend voorbeeld.
    Bijkomend probleem is dat nationalisme ook al geen eensluidende definitie kent. Zo vond ik online

    “politiek streven naar een eigen land of naar meer macht voor het eigen land”
    Het lijkt me dat Achillas daar, met enige niet al te grote aanpassingen, wel aan voldoet.

    1. Nogal overdreven om Napoleon ’tamelijk irrelevant’ te vinden, want ook als we ’toch al niet anders kunnen dan onze moderne terminologie gebruiken’ zijn er nog steeds legio mogelijkheden om de staatsvorm et al te omschrijven, anders dan als ‘natie’, ‘staat’ of iets van dien aard. De term ‘nationalistische verdediging’ suggereert van alles wat niet die lading dekt. En ‘gedwongen moderne terminologie’ vind ik dan een slap smoesje.

      Ook met uw moderne omschrijving hebben we geen afdoende omschrijving van waar Achillas precies voor stond.
      Ten eerste, omdat hij hoogstens een eigen groep vertegenwoordigde, waarvan we niet eens weten welke.
      Ten tweede, omdat de bronnen die wij hebben op geen enkele manier duidelijk maken dat er überhaupt een streven binnen Egypte als geheel was om een ‘eigen gebied’ na te streven, of dat Achillas daar de aanvoerder van was.

      Dat Achillas een gewapende groep van 20.000 man op de been kreeg tegen Caesar (hoezo alleen tegen Caesar?) is geen enkel bewijs van een ‘ nationalistische verdediging tegen de Romeinse bezetter’. Alle tekenen wijzen op een burgeroorlog tussen twee of meerdere groepen.

      1. FrankB

        Quotemining is een slechte gewoonte. Ik schreef niet dat Napoleon tamelijk irrelevant is, maar tamelijk irrelevant in deze.
        Uw tweede alinea is gelukkig veel en veel beter – en daar had u Napoleon niet bij nodig. Mijn dank daarvoor.

Reacties zijn gesloten.