Marcus Antonius en de Mommsenthese

Zegelring met het portret van Marcus Antonius (British Museum, Londen)

Voor zover ik weet – of beter: ik heb geen zin om het na te trekken – is de Nobelprijs voor de Letteren maar tweemaal gegeven aan een geschiedwerk. (Dat zegt veel over de verschraling van de humaniora, maar dat terzijde.) De laatste keer telt bovendien niet mee. Toen werd de onderscheiding verleend aan Winston Churchill en dat was evident politiek. Tot overmaat van ramp bleek een fors deel van zijn oeuvre het werk van ghost writers. Feitelijk is de Nobelprijs voor de Letteren dus slechts één keer uitgereikt voor de geschiedschrijving, en dat was in 1902 aan de Duitse historicus Theodor Mommsen. Hij nam het initiatief tot het Corpus Inscriptionum Latinarum, schreef een Römisches Staatsrecht (nog altijd hét standaardwerk) en voltooide vier delen van een Römische Geschichte. Een samenvatting in één band is antiquarisch volop leverbaar en je hoeft maar een paar bladzijden te lezen om te weten: dit is klasse.

Mommsens centrale gedachte, weleens aangeduid als de Mommsenthese, is dat de Romeinen traditionele vormen gebruikten voor revolutionaire innovaties. Het bekendste voorbeeld is de monarchie van keizer Augustus, die werd uitgedrukt in republikeinse staatsrechtelijke termen, zodat “herstel van de republiek” feitelijk “einde van de republiek” betekende. Andere voorbeelden zijn de Tetrarchie en de kerkelijke innovaties in Nikaia. Ik vond eergisteren nog een mooi voorbeeld.

Lees verder “Marcus Antonius en de Mommsenthese”

1700 jaar Nikaia (1): iets nieuws?

Een achttiende-eeuwse weergave van het Concilie van Nikaia (325).

Aanstaande dinsdag is het 1700 jaar geleden dat in Nikaia, het huidige İznik in Turkije, een enorme vergadering begon van christelijke leiders: het Concilie van Nikaia. (Ook wel aangeduid als Nicea, maar ik wil niet invisibiliseren.) Onder toezicht van keizer Constantijn de Grote stelden de bisschoppen een formule vast waarmee ze de relatie tussen God de Vader en God de Zoon konden beschrijven; verder namen ze besluiten over de berekening van de paasdatum, de organisatie van de kerk en de levenswijze van de geestelijken.

Uit de baaierd aan christelijke vormen ontstond één christendom, dat nog steeds bestaat. De beslissingen zijn na al die eeuwen zó vanzelfsprekend, dat we niet langer herkennen hoe revolutionair ze ooit waren.

Lees verder “1700 jaar Nikaia (1): iets nieuws?”

De Tetrarchie

De tetrarchen (San Marco, Venetië)

In de reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, zijn we aangekomen bij de zogeheten Tetrarchie. Dat betekent “heerschappij van vier” en was, welbeschouwd, een van de grootste bestuurlijke revoluties uit de geschiedenis. Een Revolution von oben, overigens, want u moet niet denken aan sansculotten op de barricaden die strijden voor vrijheid, gelijkheid & broederschap. Evengoed was het idee om voortaan vier keizers te hebben, een innovatie zonder gelijke.

De Tetrarchie

En zoals de grote Thedor Mommsen placht te zeggen: de Romeinen drukten revolutionaire innovaties uit in traditionele vormen (de “Mommsenthese”). Zoals keizer Augustus de monarchie “ving” in de taal van de republiek, zo maakten de tetrarchen gebruik van oudere keizerlijke vormen. Eén ervan was de titulatuur: je had augusti en caesares, wat je zou kunnen vertalen als opperkeizers en onderkeizers. Het voornaamste verschil was dat de twee augusti wetgevende bevoegdheden hadden en de twee caesares niet. De augusti zouden op een gegeven moment – het zou uiteindelijk in het voorjaar van 305 na Chr. blijken te zijn – aftreden en de macht overdragen aan de caesares, die, nu ze zelf de rang van augusti hadden, nieuwe caesares aanwezen. Stel je voor dat er ineens vier presidenten van de Verenigde Staten zijn, dan weet je hoe revolutionair dit is.

Lees verder “De Tetrarchie”

De opvolging van keizer Augustus

Munt met Augustus en Agrippa (Musée d’Archéologie Nationale, Saint-Germain-en-Laye)

“De regerende keizer,” zo schrijven De Blois en Van der Spek in Een kennismaking met de oude wereld, “moest proberen te vermijden dat de legers – die feitelijk de grootste macht bezaten – na zijn dood eigen kandidaten naar voren zouden schuiven.” Dan zouden de burgeroorlogen herleven. Erfopvolging was de oplossing, vervolgen de twee oudhistorici, want “de soldaten voelden zich meer verbonden met de persoon en de familie van de keizer dan met de abstracte wetten en regels van de staatsregeling.”

Ik weet niet of het laatste wel helemaal waar is. Alsof gewone soldaten het belang van staatsrecht niet zouden begrijpen. Het eerste is echter wel degelijk waar: dat het leger zich met de vorst verbonden voelde, is goed gedocumenteerd. Augustus moet het als geen ander hebben geweten: hij had het leger van zijn oudoom en adoptiefvader Caesar geërfd. Zelfs al waren de legionairs gedemobiliseerd, ze keerden terug onder hun standaards om Octavianus te helpen.

Lees verder “De opvolging van keizer Augustus”

Keizer Augustus (1)

De familie van keizer Augustus (bovenaan) en Romeins oorlogsgeweld (onderaan): de Gemma Augustea (Kunsthistorische Museum, Wenen)

De Blois en Van der Spek vertellen in hun handboek Een kennismaking met de oude wereld het standaardverhaal over keizer Augustus. Die heette, zoals we vorige week zagen, oorspronkelijk Gaius Octavius, was door Julius Caesar geadopteerd en noemde zich sindsdien eveneens Gaius Julius Caesar. Om ze te onderscheiden, noemen oudheidkundigen de jongste van het tweetal meestal Octavianus, een naam die hij vanzelfsprekend nooit heeft gedragen. De magische naam “Julius Caesar” was de sleutel tot zijn succes.

Plus de meedogenloosheid waarmee hij diverse burgeroorlogen ontketende.

Koning, of zoiets

Na afloop van de laatste burgeroorlog, waarin hij zijn rivaal Marcus Antonius en diens geliefde Kleopatra VII versloeg, stond Octavianus voor het probleem waar ook Caesar mee had geworsteld: hoe de monarchie te verkopen aan de republikeinse Romeinen?

Lees verder “Keizer Augustus (1)”

Theodor Mommsen

Theodor Mommsen (Humboldt-Universität, Berlijn)

Ik noemde een tijdje geleden Theodor Mommsen en realiseerde me dat ik nog nooit over hem had geblogd. Tijd om iets recht te zetten. Mommsen was in zijn tijd namelijk echt een beroemdheid en is eigenlijk nog altijd een van die grote negentiende-eeuwse geleerden die een mens behoort te kennen. Een biografietje dus maar.

Vroege carrière

Mommsen is in 1817 geboren in een door de Deense koning bestuurd deel van Duitsland. Omdat zijn vader predikant en niet onbemiddeld was, kreeg de jonge Theodor een professionele oudheidkundige opleiding: een studie klassieke talen en rechten in Kiel. Na te zijn afgestudeerd ontving hij een Deense beurs om Frankrijk en Italië te bezoeken, waar hij in Napels inscripties bestudeerde.

Lees verder “Theodor Mommsen”