Snapshots uit Libanon

Iedereen in Libanon is fan van de zangeres Fayruz

Het is niet mijn opzet u iedere dag lastig te vallen met informatie over Libanon, maar toevallig maakt de onvermoeibare Kees Huyser net vandaag de vijftien filmpjes af die mijn vriendin en ik onlangs opnamen. Verwacht geen Hollywoodproductie! Het idee om weer eens filmpjes te maken, zoals we in Irak en Byblos en Zuid-Frankrijk deden, werd vorige maand ter plekke geboren. We hadden alleen een draagbare telefoon bij ons. Het zijn maar snapshots.

Zelf moet ik altijd denken aan de gonzojournalistiek van Hunter S. Thompson, die voorwendde in plaats van uitgewerkte verhalen zijn on the spot geschreven aantekeningen in te sturen. Die verhalen waren veel geredigeerder dan hij beweerde, en als mijn filmpjes ergens op lijken, komt dat ook door redactie: ze zijn dus de verdienste van Kees, die traditiegetrouw de filmpjes wat stabiliseerde, foto’s toevoegde en aan het begin een optiteling en aan het einde een aftiteling maakte.

Lees verder “Snapshots uit Libanon”

De troon van Satan

Het Pergamonaltaar (Berlijn)

In Berlijn zijn een kleine zeventig voorwerpen in de oudheidkundige musea op het beroemde Museumeiland met een kleverige vloeistof besmeurd. Er zit geen patroon in het vandalisme, de schade is niet zó groot dat de restauratie vóór het politieonderzoek moest gaan. De voornaamste zorg van de beheerders is dat er ook leenstukken zijn besmeurd. Het is lelijk nieuws, maar vooralsnog zijn er geen aanwijzingen dat het groter is dan dit.

De media zijnde de media is het wel groter gemaakt. In het museum staat namelijk ook het Pergamonaltaar ofwel de Troon van Satan. Ik ga hier de verbanden die complotdenkers bedenken geen extra publiciteit geven. Ik beperk me tot de bewering dat dit de Troon van Satan zou zijn.

Dat is gebaseerd op de Openbaring van Johannes, het wonderlijke laatste boek van het Nieuwe Testament, geschreven in de laatste jaren van de eerste eeuw na Chr. Er waren christenen gedood en de auteur spreekt zijn lezers moed in. Als ze vast hielden aan hun geloof in Christus, zouden ze op de Jongste Dag worden gerechtvaardigd. Johannes’ collectie fantasmagorieën vormt fenomenale literatuur. U hoeft niet te geloven in een naderend Oordeel om het met ingehouden adem te lezen. (Indien u desondanks een aanbeveling nodig heeft: het was de favoriete hotelkamerlectuur van Hunter S. Thompson zaliger nagedachtenis.)

Lees verder “De troon van Satan”

Literaire hoogtepunten

Een boekenkast van vijftien meter hoog (Lootsstraat 34, Amsterdam)

Er was een tijd, niet eens zo lang geleden, dat op hotelkamers nog weleens een Bijbel lag. Die werd goed gelezen; Hunter S. Thompson begint een van zijn boeken met herinneringen aan de hotellectuur van de Openbaring van Johannes, waarvan de verschrikkingen in het niet vallen bij wat hij in de rest van zijn boek zou gaan vertellen. De bijbels werden vaak gestolen, zeer tot vreugde van de organisatie die ze plaatste, de Gideons, aangezien diefstal betekende dat Gods woord in vruchtbare aarde was gevallen. Ze grapten dat de Bijbel het meest gestolen boek ter wereld was.

Kleurboek versus literatuur

Bijbels waren niet de enige boeken die je kon aantreffen naast je bed. In een Franse hotelkamer heb ik weleens een boek gevonden met hoogtepunten uit de Franse literatuur. Dat spookt nog steeds door mijn hoofd omdat ik altijd het idee heb te weinig te weten van de Franse cultuur. Een recent bezoek aan Parijs rakelde weer op wat een verlies dat is. Hoe één boek op een hotelkamer je na tientallen jaren nog een schuldcomplex kan bezorgen.

Lees verder “Literaire hoogtepunten”

Theodor Holman, De plant die muziek maakte

Als ik u zeg dat Mia is getrouwd met Eibert en dat deze scharrelt met Moniek, als ik over laatstgenoemde vertel dat ze beweert zwanger te zijn van Ferdinand, die nog verliefd is op Orli maar een kind heeft met Ex, als ik toelicht dat Ex inmiddels weliswaar een relatie heeft met Wim maar dat ze ook het bed eens heeft gedeeld met Onno, en als ik tot slot onthul dat deze weer iets zou hebben gehad met Orli en dat die samenwoont met Arend, dan weet u dat u bent beland in een roman over alleszins welvarende, Randstedelijke, verbaal begaafde, intelligente babyboomers, die ondanks hun welvaart, de Randstad, hun verbale begaafdheid, hun intelligentie en hun voordelig geboortejaar geen idee hebben wat ze met hun leven aanmoeten en weinig meer om handen lijken te hebben dan relationeel gehannes. Kortom, met de beminnelijke egoïsten van wier leven Theodor Holman chroniqueur is.

Misschien is ‘geen idee hebben wat ze met hun leven aanmoeten’ te makkelijk geformuleerd. De generatie dacht immers dat ze het wel degelijk wist. De twee hoofdpersonen, Ferdinand en Orli, kennen elkaar vanaf de middelbare school, waar een docent hen inwijdde in het existentialisme. Later woonden ze in Frankrijk in een kolonie marxistische artiesten, die hoopten met hun voorstellingen en kunstwerken de mensen uit de omgeving meer politiek bewust te maken. Daarover is vaker geschreven, en in al die publicaties worden de betrokkenen uit de droom geholpen. De winnaar is dan meestal de lepe hippie die het snelst zijn idealen vercommercialiseert. Zo is het immers ook in het echt gegaan: vals klassenbewustzijn of niet, de werkende klasse bleek zich liever te spiegelen aan de middenklasse dan de revolutie na te jagen.

Lees verder “Theodor Holman, De plant die muziek maakte”