MoM | Altijd te weinig bewijsmateriaal (1)

Grafmasker uit Nineveh (British Museum, Londen)

Ik heb het al eerder geschreven maar doe het nog een keer: als je bezig bent met de Oudheid, heb je altijd te weinig bewijsmateriaal en kun je je niet permitteren ook maar één snippertje informatie te negeren. Het bovenstaande gouden grafmasker – gevonden in Nineveh, behorend tot de collectie van het British Museum en momenteel te zien op de Nineveh-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden – illustreert dit punt.

Maar eerst een filologische kwestie. In de derde eeuw schreef de Griekse auteur Filostratos het Leven van Apollonios van Tyana, een geromantiseerde biografie van een charismatische wijze-wonderdoener uit de eerste eeuw n.Chr. die in alle uithoeken van de destijds bekende wereld wijsheid zou hebben gezocht. Op zijn reis richting India ontmoette hij in “Ninos” zijn leerling Damis, die memoires op schrift zou hebben gesteld die voor Filostratos een bron van informatie zouden zijn geweest.

Lees verder “MoM | Altijd te weinig bewijsmateriaal (1)”

Voorislamitisch Iran (7): het einde

Een laatantieke Perzische helm (Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

[Dit is het zevende deel van een artikel over de archeologie van Iran; het eerste is hier.]

Iran moet in de Sassanidische tijd een enorm economische en culturele bloei hebben doorgemaakt. Archeologen hebben vastgesteld dat allerlei gebieden werden ontgonnen en kunsthistorici roemen het fantastische edelsmeedwerk uit deze tijd. Het betaalverkeer lijkt eveneens verbeterd te zijn – ons woord ‘cheque’ komt uit het Perzisch.

Lees verder “Voorislamitisch Iran (7): het einde”

Voorislamitisch Iran (6): de Sassanieden

Rotsreliëf met de investituur van Ardašir

[Dit is het zesde deel van een artikel over de archeologie van Iran; het eerste is hier.]

De dreun die de Romeinen hadden uitgedeeld, was zonder weerga. Nog een generatie lang hielden de Arsakiden het uit, maar de dynastie had prestige verloren, was verdeeld en verzwakt. In 224 kwam een Perzische edelman met de naam Papak, de zoon van Sassan, in opstand tegen koning Artabanus IV, en Papaks zoon Ardašir maakte twee jaar later een einde aan de heerschappij van de Arsakiden. De Sassanieden namen de macht over: voor de tweede keer lag de macht in Iran en Irak in het zuiden, in Fars, waar Ardašir nieuwe hoofdsteden als Firuzabad en Istakhr bouwde: de eerste op de plaats waar Artabanus was verslagen, de tweede bij het oude Persepolis. Later volgde Iwan-e Karkheh. Het is aardig te zien hoe de Sassaniedische architecten aansluiting zochten bij de Achaimenidische architectuur.

Lees verder “Voorislamitisch Iran (6): de Sassanieden”

Voorislamitisch Iran (5): Parthen en Romeinen

Een kentaur op een Parthische drinkhoorn

[Dit is het vijfde deel van een artikel over de archeologie van Iran; het eerste is hier.]

De pluriformiteit van het Parthische staatsapparaat maakt de bestudering van deze periode moeizaam, en de waarheid gebiedt te zeggen dat er weinig aan gebeurt en fondsen vrijwel ontbreken. Onbekend maakt onbemind. Eén van de belangrijkste geleerden op dit terrein, Farhad Assar, weet met hangen en wurgen zijn studies voort te zetten en overweegt Groot-Brittannië in te ruilen voor Iran, waar het allemaal wat goedkoper kan.

Lees verder “Voorislamitisch Iran (5): Parthen en Romeinen”

Voorislamitisch Iran (4): de Parthen komen

Griekse sculptuur in Iran: Herakles in Behistun

[Dit is het vierde deel van een reeks; het eerste is hier.]

Het is makkelijk het belang van de ondergang van het Achaimenidische Rijk te overschatten. De Seleukiden, die sinds de regering van Alexander de macht uitoefenden, namen tal van Perzische instellingen over en voor de gewone Iraniër of Babyloniër veranderde er weinig. De nationaliteit van de bestuursklasse was weliswaar veranderd, maar dat was in het Nabije Oosten niet voor het eerst: de Assyriërs waren opgevolgd door de Babyloniërs, die door de Perzen waren afgelost, en zij maakten nu plaats voor Europeanen.

Wat wél veranderde was de oriëntatie van het bestuur. Het zwaartepunt van het Perzische Rijk had altijd gelegen in Zuid-Irak en West-Iran, met Sousa en Persepolis als hoofdsteden, maar voortaan hadden de heersers óók belangen in het Middellandse-Zeegebied, en waren de hoofdsteden Seleukia (bij Bagdad) en Antiochië. Dat wil echter niet zeggen dat Iran werd genegeerd. Het schattige beeld van Herakles (links) bewijst dat Behistun nog steeds belangrijk was; Persepolis was nog altijd bewoond; in Nihavand is een lange Griekse inscriptie opgegraven die momenteel in het museum van Teheran is te zien. Dat is een zeldzaamheid: de Griekse periode is niet populair in Iran. De laatste sjah sprak niet voor niets van de “post-Achaimenidische tijd” en de huidige religieuze autoriteiten moeten evenmin veel hebben van de Griekse beschaving.

Lees verder “Voorislamitisch Iran (4): de Parthen komen”