Armenië, de Parthen en Rome

Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)
Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)

[Derde van vier blogjes over de geschiedenis van Armenië in de Oudheid. Het eerste deel is hier.]

De Romeinen en de Parthen voerden een “asymmetrische oorlog”, wat wil zeggen dat ongelijksoortige vijanden tegenover elkaar stonden. Ze streefden verschillende doelen na en bedienden zich van uiteenlopende tactieken.

De Parthen, die een rijk hadden gebouwd in Irak en Iran, waren goede ruiters. Ze konden overal toeslaan en bedreigden daarom de aanvoerlijnen van de Romeinse legers. Wat ze daarentegen niet konden, was een stad belegeren. Cavalerielegers kunnen immers niet zo makkelijk de materialen meenemen om belegeringswerktuigen te bouwen. Parthische oorlogen waren daardoor nooit op één plek gelokaliseerd en waren niet gericht op verovering. Het waren in feite grootschalige plundertochten, waarbij de ruiters het liefst weidse vlakten opzochten.

Lees verder “Armenië, de Parthen en Rome”

Nogmaals de Zijderoute

Al een paar keer heb ik geblogd over de Zijderoute, over de handelsnetwerken rond de Indische Oceaan, over wat China wist van Rome en over wat Rome wist van China. Otto Cox vergeleek het bestuur van de twee wereldrijken. Ik besprak het boek van Beckwith (waar ik gemengde gevoelens bij had) en het boek van H.J. Kim c.s. (waar ik ook gemengde gevoelens bij had). Vandaag heb ik het over Empires of Ancient Eurasia van de Australisch-Amerikaanse auteur Craig Benjamin (2018).

Vier staten

Het verhaal gaat natuurlijk over vier grote staten: Han-China, de Kushana’s in Centraal-Eurazië en India, de Parthen en de Romeinen. De nomaden spelen ook een rol: de Yuezhi, die naar het westen migreerden en de Zijderoute openden, en de oostelijke, die ook bekendstaan als de Xiongnu. Uit de eerste groep zouden de Kushana’s voortkomen. De oorlogen tegen de tweede groep bracht de Chinezen ertoe contacten te leggen in het mysterieuze westen.

Lees verder “Nogmaals de Zijderoute”

Hellenistisch Armenië

Artashat/Artaxata (op de heuvels). De berg achteraan is de Masis, de zogenaamde Ararat

[Tweede van vier blogjes over de geschiedenis van Armenië in de Oudheid. Het eerste deel is hier.]

In 336 v.Chr. voerde de toenmalige Perzische gouverneur van Armenië, Artašata, een succesvolle staatsgreep uit. Eenmaal koning van Perzië nam hij de naam Darius aan, “de hersteller van het goede”, en erfde hij een oorlog tegen de Macedoniërs. Hun koning, Alexander de Grote, versloeg Darius en onderwierp het volledige Perzische rijk, maar Armenië lijkt in deze tijd onafhankelijk te zijn geworden.

De eerste Yervandiden

Van tijd tot tijd duiken de namen van Armeense leiders op in onze bronnen. Anders gezegd: de schijnwerper flitst een aantal keren achter elkaar aan. Zo vernemen we van een tweede Yervand. Deze zal nog door de laatste Perzische koning zijn aangesteld als gouverneur, kan een door Alexander gezonden generaal hebben weten af te weren en speelde na de dood van Alexander (323 v.Chr.) een rol in de burgeroorlogen tussen de Macedonische generaals.

Lees verder “Hellenistisch Armenië”

Domitianus (33): Via Domitiana

Reliëf uit Puteoli (Castello di Baia, Italië)

Bovenstaand reliëf, doorgaans te zien in het Castello di Baia op 25 kilometer ten westen van Napels, is momenteel aanwezig in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, deel uitmakend van de expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96). Het is afkomstig uit Puteoli (het huidige Pozzuoli aan de Baai van Napels) en komt van een monument voor de aanleg van de Via Domitiana.

Dat klinkt heel chique en zo’n monument suggereert dat het ook werkelijk iets chiques was, maar zo speciaal was het niet. Wie Rome verliet over de Via Appia, bereikte op een gegeven moment het havenstadje Sinuessa, waar de weg het binnenland inkronkelde, richting Capua, en daarvandaan verder over de Abruzzen naar Brindisi. Van Sinuessa liep ook een oeroude weg langs de kust, richting Puteoli. Domitianus heeft die weg laten verharden. Niet meer.

Lees verder “Domitianus (33): Via Domitiana”

Ktesifon

Een iwan (schaduwboog) van het Parthische/Sasanidische paleis

Ik schreef gisteren over de Macedonisch-Grieks-Syrisch-Babylonische stad Seleukeia, die in de tweede eeuw v.Chr. gezelschap kreeg van Ktesifon. Die nieuwe stad was gebouwd door de Parthische koningen die vanaf het midden van de tweede eeuw v.Chr. de macht hadden in het huidige Irak. Er is een theorie – niet per se juist – dat Ktesifon staat op een oudere stad, Opis. Die stad lag namelijk ook in de omgeving van de samenvloeiing van Tigris en Diyala. En net als Ktesifon lag ook Opis aan de weg die Susa in Elam verbond met het Assyrische kerngebied en de hoofdsteden van Anatolië.

Parthische residentie

De Parthen, afkomstig uit het noordoosten van Iran, hadden een westelijke hoofdstad nodig. Daarom verplaatsten ze het regeringscentrum van Seleukeia naar de tegenoverliggende, oostelijke oever. De nieuwe residentie heette Tyspwn, waar de Grieken Ktesifon van maakten. Vanaf 129 v.Chr. was het de winterresidentie van de Arsakidische dynastie. Het is onduidelijk wanneer Ktesifon de belangrijkste Parthische stad werd, maar wel staat vast dat het een van de grootste steden in de antieke wereld was. Er is weinig van over. Tichelsteen vervalt uiteindelijk tot zand. Dat de bakstenen gebouwen van de Romeinen de tand des tijds beter doorstonden, wil niet zeggen dat ze in het oosten geen rivalen hebben gehad.

Lees verder “Ktesifon”

Zware cavalerie

Zwaar bepantserde Romeinse ruiter (Reliëf uit Adamclisi; afgietsel in het Limes Museum, Aalen)

In zijn prachtige catalogus van troepen die met de Perzische koning Xerxes naar Europa kwamen, beschrijft Herodotos allereerst de Perzen zelf.

Zij droegen de volgende uitrusting: een tiara of vilthoed met slappe rand, een geborduurd hemd met lange mouwen, daaronder een maliënkolder die eruitzag als visschubben, en ten slotte een pofbroek. Een metalen schild hadden ze niet, wel een beukelaar van gevlochten takken. Aan de binnenkant daarvan hing de pijlkoker. Verder waren ze voorzien van korte speren, formidabele bogen met rieten pijlen en ook nog dolken die aan de koppel naast de rechterheup waren bevestigd. (Historiën 7.61; vert. Hein van Dolen).

Dit type maliënkolder, bestaand uit allerlei kleine plaatjes, kennen we uit Centraal-Azië. Het was lichter flexibeler dan een plaatharnas en maakte het mogelijk grotere delen van het lichaam te bedekken. Droeg een ruiter zo’n schubbenpantser, dan had hij wel een sterk paard nodig, een Nesaïsche hengst zoals de Grieken het noemden, maar als dat edele dier écht sterk was, kon het ook zelf een maliënkolder krijgen.

Lees verder “Zware cavalerie”

Misverstand: Carrhae

Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)
Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)

De Romeinse Republiek breidde zich aanvankelijk gestaag uit over Italië, annexeerde na de Eerste Punische Oorlog de eilanden Sicilië, Sardinië en Corsica en ook de Povlakte en de Dalmatische kust, nam na de oorlog tegen Hannibal ook de Spaanse kusten in bezit, en gebruikte vervolgens enkele decennia om alles te consolideren. Na het midden van de tweede eeuw v.Chr. ging het sneller: Macedonië, Africa, Griekenland, het Pergameense Rijk, de Meseta, de Provence, Numidië.

Daarna was het de tijd van de grote generaals. Sulla, Lucullus en Pompeius veroverden gebieden in het oosten, Caesar annexeerde het westen van het Iberische Schiereiland, Gallië en nog meer Numidië. Ze zouden allemaal worden overtroffen door keizer Augustus. En dan waren er nog de evidente mislukkingen, zoals generaal Crassus, die zich aan zijn stand verplicht voelde naar het oosten te trekken om te strijden tegen de Parthen, die woonden in Irak en Iran. Dat had hij beter niet kunnen doen, want in 53 v.Chr. werd hij bij Carrhae, ook bekend als Harran, verslagen.

Lees verder “Misverstand: Carrhae”

Oorlog om Armenië (5)

Nero onderwerpt Armenië: reliëf uit Afrodisias
Nero onderwerpt Armenië: reliëf uit Afrodisias

Twee koningen in Armenië: Tiridates, bijgestaan door zijn broer Vologases, koning van Parthië, en de pro-Romeinse Tigranes, die kan terugvallen op de Romeinse legers van Paetus en Corbulo. Corbulo heeft al eens succesvol campagne gevoerd in Armenië, maar dat heeft de Parthen niet afgeschrikt: in 62 belegert koning Vologases Paetus. Corbulo haast zich langs de Eufraat stroomopwaarts. Daarmee had ik u gisteren achtergelaten.

Terwijl Corbulo langs de Eufraat oprukte, vernam hij dat hij te laat was. Het leger van Paetus, IIII Scythica en XII Fulminata, had zich bij Rhandeia aan de Parthen overgegeven. Vologases zou op een olifant gezeten leiding hebben gegeven aan een Parthische triomftocht. En daarbij had hij het gelaten. Hij had de legioenen kunnen vernietigen, maar had de krijgsgevangen Romeinse soldaten naar huis laten terugkeren. Het was duidelijk dat hij de onderhandelingen met keizer Nero wilde hervatten en op zoek was naar een vredesverdrag.

Lees verder “Oorlog om Armenië (5)”

Oorlog om Armenië (4)

De Eufraat
De Eufraat

Zoals ik de afgelopen drie dagen heb beschreven, schond de Parthische koning Vologases een overeenkomst met Rome door zijn broer Tiridates te benoemen als koning van Armenië. Ik vermoed dat de gestage opbouw van een Romeins leger, ook al was dat bedoeld om geloofwaardig te kunnen dreigen en zo een diplomatieke oplossing af te dwingen, die diplomatieke oplossing juist onmogelijk maakte toen Tiridates al te scherp optrad tegen pro-Romeinse Armeniërs. Daarna was alleen dreigen geen optie meer; er moest worden opgetreden. En dat deed de Romeinse generaal Corbulo met opvallend veel succes: Artaxata viel in 58, Tigranokerta viel een jaar later, Tiridates vluchtte en werd vervangen door de pro-Romeinse Tigranes.

De oorlog was echter nog niet afgelopen. Er bleven maar versterkingen aankomen voor het Romeinse leger: het Vijfde Legioen Macedonica arriveerde in 61. Corbulo lijkt echter geen behoefte te hebben gehad aan escalatie. Rome had zijn tanden laten zien, de strategische doelen waren bereikt, de Parthen wisten dat verdragsschennis zou worden bestraft. En omdat hij geen reden had voor geweld, koos Corbulo voor HZB: de soldaten moesten maar forten langs de Eufraat gaan bouwen – precies zoals  de legionairs aan de Rijn enkele jaren eerder hadden gedaan. Het signaal aan de Parthen was duidelijk: Rome wilde geen oorlog en nam defensieve posities in.

Lees verder “Oorlog om Armenië (4)”

Oorlog om Armenië (3)

Artaxata (op de heuvels)

Zoals ik eergisteren heb aangegeven, hadden de Romeinen het recht de koning van Armenië aan te stellen maar had de Parthische vorst Vologases zijn broer Tiridates geplaatst op de Armeense troon. De Romeinen waren, zo vertelde ik gisteren, een troepenmacht aan het opbouwen maar hoopten nog dat ze het conflict diplomatiek konden oplossen. Vologases lijkt daar oren naar te hebben gehad: in het jaar 55 stuurde hij gijzelaars naar de gouverneur van Syrië, Ummidius Quadratus.

De Romeinse troepenopbouw ging ondertussen verder. Ummidius commandeerde twee legioenen, X Fretensis en XII Fulminata, terwijl generaal Corbulo. wat noordelijker aan de Eufraat beschikte over III Gallica en VI Ferrata, en daar kwam IIII Scythica bij, een eenheid die voordien aan de Donau gelegerd was geweest. Nog altijd was oorlog afwendbaar, maar toen kwam het nieuws dat de Parthische koning van Armenië, Tiridates, de Armeniërs bedreigde. Die waren volgens hem wat al te pro-Romeins. De aanwezigheid van recente versterkingen en van twee legers die waren bedoeld om diplomatieke druk uit te oefenen en die op scherp stonden, in combinatie met anti-Romeinse incidenten in Armenië: het was voldoende om de oorlog te ontketenen.

Lees verder “Oorlog om Armenië (3)”