Begin vorig jaar publiceerde ik met classicus Hein van Dolen een vertaling van de fragmenten die we nog hebben van de Fenicische Geschiedenis van Filon van Byblos. Een van die passages, onderdeel van het lange Fragment 2, is een opsomming van uitvindingen waardoor de mens meer mans was geworden. Hier zijn enkele voorbeelden die betrekking hebben op de scheepvaart:
Ousoös pakte toen een boom, brak de takken ervan af en waagde zich als allereerste op zee.
Een van hen, Chousour, bekwaamde zich in het spreken, bezweren en profeteren. … Hij vond ook vishaak, lokaas, snoer en vlot uit, waarmee hij als eerste mens heeft gezeild.
De Tweelingen of Kabeiren, Korybanten of Samothrakiërs waren de uitvinders van het schip.
Het bovenstaande apparaat is een reconstructie van een antieke polybolos, wat Grieks is voor “veelwerper”. Het is een soort repeteergeweer, alleen lost het geen kogels maar pijlen. Het apparaat zou zijn ontworpen door een verder niet goed bekende, aan het begin van de derde eeuw v.Chr. op het eiland Rhodos werkzame ingenieur Dionysios van Alexandrië. We kennen zijn uitvinding alleen indirect, uit een beschrijving door Filon van Byzantion, die later leefde in dezelfde eeuw en ook de oudst bekende beschrijving van een watermolen heeft gegeven. Diens beschrijving van de polybolos was voorzien van illustraties, wat een reconstructie mogelijk maakt.
Nu stuiten de experimenteel archeologen bij vrijwel elke reconstructie op het probleem dat de informatie nooit helemaal duidelijk is. Het is niet anders dan de bouwtekening van een IKEA-kast: je staat weleens te kijken wat de tekenaar, ook al deed ’ie het nog zo goed, eigenlijk kan hebben bedoeld. Dan kun je twee dingen doen: antieke informatie zoeken bij antieke ingenieurs die verwante zaken beschreven, of kijken wat praktisch is. Een Brits team, werkzaam voor het TV-programma MythBusters, koos voor het laatste; het team van het Museum für antieke Schifffahrt in Mainz ging te rade bij de Romeinse ingenieur Vitruvius, die in de eerste eeuw v.Chr. conventionele pijlenschieters beschreef. De beide reconstructies ontlopen elkaar niet veel.
Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer werkelijk van alles wat. Daarom heet het ook “faits divers” natuurlijk.
Babylonische kronieken
Afgelopen dinsdag belde de post aan met een pakje. “Leg maar op de trap”, zei ik over de intercom, want ik verwachtte niks. Wat later ontdekte ik dat de baksteenzware zending wel degelijk voor mij was: het was Babylonian Chronographic Texts from the Hellenistic Period van Bert van der Spek e.a. Vaste lezers van deze blog kennen Van der Spek als de auteur van het handboek dat ik een tijdje geleden in 170 stukjes heb besproken.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.