Homohuwelijk

homohuwelijk

Ik had voor vandaag eigenlijk een lief stukje over negende-eeuwse moslims aan de Zijderoute in gedachten, waarin ik dan wilde vertellen dat de islam ook toen al een enorme variatie vertoonde, maar de actualiteit moest natuurlijk weer tussenbeide komen. Die bestaat uit een van de wonderlijkste opiniestukken die ik in tijden heb gezien. Het is helaas niet meer online, maar hier vindt u een samenvatting: drie godsdienstwetenschappers (Hector Avalos, Robert Cargill en Kenneth Atkinson) herinneren de lezers van de Des Moines Register eraan dat de Bijbel het huwelijk nergens definieert als de verbintenis tussen een man en een vrouw.

Duh.

De Bijbel veronderstelt wel meer bekend. Wat een messias is, wordt bijvoorbeeld onvoldoende uitgelegd, zodat wetenschappers zich nog altijd het hoofd breken over de vraag hoe Jezus’ zelfbeeld zich verhoudt tot de bekende messianologieën. De Bijbel is nu eenmaal een millennium of twee, drie oud en veronderstelt ideeën die destijds gangbaar waren. Dat geldt voor elke antieke tekst. De dromen in het Gilgamesj-epos veronderstellen kennis van de Mesopotamische waarzeggerij, Homeros neemt aan dat je de Griekse goden kent, de historische teksten van Tacitus veronderstellen dat je weet dat op de randen van de aarde de agressiefste barbaren wonen. Er is altijd een onuitgesproken context. Dat de Bijbel geen definitie van het huwelijk geeft, is daarom een zeer slecht argument voor een alleszins respectabel standpunt.

Zelfs bij eigentijdse teksten, zoals opiniestukken, moet je rekening houden met hun context. Ik weet best dat Avalos, Cargill en Atkinson in feite positie kiezen in de Amerikaanse discussies over het homohuwelijk wegnemen van discriminerende bepalingen in het verbintenissenrecht. En natuurlijk is het als tactiek slim christelijke tegenstanders te wijzen op de onhoudbaarheid van wat ze over de Bijbel zeggen. Maar doe het dan wel goed.

Dat de drie geleerden hun wetenschappelijke kennis, dat elke antieke tekst een verloren context veronderstelt, opofferen aan hun politieke boodschap, is simpelweg extreem onprofessioneel. Ze hebben koren gelegd op de molen van rechtse polemisten die vinden dat de universiteit een ideologisch verblind links bolwerk is dat de vernietiging van traditionele waarden als geheime agenda heeft.

Het stuk van dit drietal is echter niet alleen onprofessioneel, het is ook slecht gericht. De drie voeren namelijk de discussie over het homohuwelijk met de aanname van hun tegenstanders: dat de Bijbel een relevante tekst zou zijn. Dat mogen christenen uiteraard vinden, maar het openstellen van het huwelijk voor niet-hetero’s heeft niets met religie te maken en alles met het verbod op discriminatie. Het is effectiever om, zoals onlangs bepleit in The Huffington Post, de Bijbel autoriteit te ontzeggen in zaken die niets met religie te maken hebben.

De Bijbel is immers niet geïnteresseerd in homoseksualiteit. Er is één opmerking in Leviticus. De context: de reinheidswetten voor de tempelcultus. In het christendom spelen deze bepalingen geen rol. Niet-joden die in Christus gelovigen, hoeven uit de Wet van Mozes alleen over te nemen dat ze

zich dienen te onthouden van wat door de afgodendienst bezoedeld is, van ontucht, van vlees waar nog bloed in zit en van het bloed zelf. (Handelingen 15.20)

Ik denk niet dat veel christenen zich hieraan houden, hoewel het is bepaald door een vergadering die alle toenmalige christenen vertegenwoordigde. Als je als gelovige zo omgaat met de voorschriften, is het wat wonderlijk als je een of twee opmerkingen uit de correspondentie van Paulus zó belangrijk vindt dat je het discriminatieverbod eraan ondergeschikt maakt.

De simpele waarheid is dat de Bijbel een oud boek is en veel vergeten context veronderstelt. Die onduidelijkheid verklaart de talloze interpretaties en die talloze interpretaties verklaren waarom de ene groep de nadruk legt op sociale gerechtigheid, de andere op de wederkomst van Christus en de derde groep op seksuele onthouding. Ze hebben allemaal een beetje gelijk en allemaal een beetje ongelijk. Dat maakt het christendom zo pluriform, zo rijk en zo ongeschikt als politiek fundament.

[Mijn wekelijkse religiecolumn, afgelopen maandag op Sargasso.]

3 gedachtes over “Homohuwelijk

  1. Daniel

    Goedemorgen,

    Hier past maar één ding onder:

    Betty Bowers explains tradition marriage.

    Overigens zegt Saulus/Paulus wel iets over homosexualiteit. Dat is de passage waar Christenen het moeilijk mee hebben.

  2. Manfred

    Sterk stuk. Op de laatste zin na, die is voor mij onbegrijpelijk. Wat bepaalt of iets (on)geschikt is als politiek fundament? (En wat is dat eigenlijk, een politiek fundament?)

  3. mnb0

    “als tactiek slim christelijke tegenstanders te wijzen op de onhoudbaarheid van wat ze over de Bijbel zeggen. Maar doe het dan wel goed.”
    Je mist weer eens het punt. Deze drie richten zich tot fundies , je weet wel, die lui die de Bijbel letterlijk nemen. En voor hen doen zulke zaken er wel degelijk toe. Liberale christenen (ie zij die een vrijzinnige interpretatie voorstaan) hoeven zich niet aangesproken voelen, bv. omdat ze toch al geen bezwaar hebben tegen het homohuwelijk.

    “Ze hebben koren gelegd op de molen van rechtse polemisten.”
    Dat hebben ze net niet – ze hebben de inconsistentie van die rechtse polemisten aangetoond. Het is overduidelijk dat je weinig of geen ervaring hebt met discussies met fundies.

    “De drie voeren namelijk de discussie over het homohuwelijk met de aanname van hun tegenstanders: dat de Bijbel een relevante tekst zou zijn.”
    Duh. Alleen onder die aanname hebben ze nog enige kans dat ze luisteren. Anders gaan de oordoppen op en oogkleppen voor.

    “het openstellen van het huwelijk voor niet-hetero’s heeft niets met religie te maken en alles met het verbod op discriminatie.”
    De fundie antwoordt dat het hun positie niets met discriminatie te maken heeft.

    “De Bijbel is immers niet geïnteresseerd in homoseksualiteit.”
    Daar is de fundie het fundamenteel mee oneens, dus je hebt hier je eigen betoog vakkundig ondergraven.

    “zo ongeschikt als politiek fundament.”
    Waarop de fundie antwoordt: “de VS is een christelijk land”, onder verwijzing naar de DoI. Je geeft hier blijk geen benul te hebben van de discussie die in de VSA gevoerd wordt. Zal wel komen omdat je moeite hebt over de Europese dijken heen te kijken.

Reacties zijn gesloten.