De barmhartige samaritaan

Barmhartige samaritaan (Rossano-codex)

Dat je zorg draagt voor mensen die in de problemen zijn geraakt, is elementair fatsoen. En omdat dat fatsoen weleens ontbreekt, hebben we een en ander tevens vastgelegd in wetten en verdragen. Zo simpel is het. Je hebt geen antieke tekst nodig om medemenselijkheid te begrijpen. Desondanks komt, sinds de Nederlandse Tweede Kamer besloot hulp aan illegaal in ons land verblijvende mensen strafbaar te stellen, de parabel van de barmhartige samaritaannoot Ik spel natuurlijk samaritaan, want de samaritanen waren (en zijn) een antieke geloofsgemeenschap en de namen van religieuze groepen spellen we in onderkast. De burger wordt geacht de wet te kennen, dus u schudt moeiteloos Spellingsbesluit 1995, artikel 16.7, onder S uit uw mouw, en u schrijft ook jood, christen en moslim. tot vervelens toe langs.

Ik houd er niet van de antieke literatuur te leggen in het procrustesbed der actualiteit. De Oudheid is in zichzelf voldoende interessant. Maar nu de barmhartige samaritaan ineens overal wordt geciteerd, bied ik toch wat losse aantekeningen, die ik baseer op het onvolprezen The Jewish Annotated New Testament, waarover ik al eerder schreef. (Er is een uitgebreide Nederlandse vertaling, maar die heb ik even niet bij de hand.)

Lees verder “De barmhartige samaritaan”

De tempel in Jeruzalem

Maquette van de tempel in Jeruzalem (Israel Museum, Jeruzalem)

Ik heb het in mijn reeks over het Nieuwe Testament regelmatig over de joodse tempel in Jeruzalem. De vaste lezers hebben het plaatje hierboven al eerder gezien: de maquette die staat bij het Israel Museum. Middenin ziet u de eigenlijke tempel, links is de basiliek waar het Sanhedrin vergaderde en rechts is de Burcht Antonia, waar het Romeinse garnizoen was gestationeerd. Een wat systematische behandeling van de functie van de tempel, die heb ik echter nooit gegeven. Hier wat kanttekeningen.

Offerplaats

Om te beginnen: elke tempel was in de Oudheid de plek waar mensen kwamen om te offeren. De tempel in Jeruzalem was in zoverre bijzonder dat de priesters erin waren geslaagd de offerdienst te monopoliseren: oude offerhoogtes waren opgegeven en andere tempels voor Jahweh waren – althans voor de samenstellers van de Bijbel – niet de ware cultusplaatsen. Ze waren er overigens wel degelijk: er werd aan Jahweh geofferd op altaren op de berg Gerizim, in Elefantine, in Babylonië, in Leontopolis, mogelijk ook in Beiroet en Rome. Maar een voor een werden die tempels gesloten. Jeruzalem zelf werd in 70 na Chr. verwoest.

Lees verder “De tempel in Jeruzalem”

Steenwerk en rituele reinheid

Het “verbrande huis” in Jeruzalem met stenen kruiken.

Het is niet moeilijk om, als je dat zou willen, het jodendom belachelijk te maken. Dat geldt overigens voor elke godsdienst, antiek of modern. De lijst van taboes waaraan de Romeinse Jupiterpriester was gehouden, is indrukwekkend lang en ronduit lachwekkend. Het verschil is dat de afgelopen eeuwen weinig mensen aandrang hebben gevoeld om de Romeinse religies te bespotten terwijl het jodendom regelmatig at the receiving end is geweest van de ridiculisering. Deels door christenen, deels door antisemieten.

Ritueel rein water

Een zo’n thema is rituele reinheid. Dat heeft niets te maken met hygiëne maar eerder met de voorwaarden waaraan een priester moest voldoen om te mogen offeren. Hij mocht bijvoorbeeld geen lijken hebben aangeraakt. De farizese beweging nam deze voorwaarden over: de Joden zouden een volk van priesters zijn, die allemaal de reinheidsregels volgden.

Lees verder “Steenwerk en rituele reinheid”

Lentulus en de joden

Portret van een Romein (Altes Museum, Berlijn)

Als ik u zeg dat het het jaar was waarin Marcellus en Lentulus de consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 50/49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de dit keer niet helemaal terecht “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” genoemde reeks over de Tweede Burgeroorlog.

Want kijk, Caesar was natuurlijk niet de enige die bezig was met die burgeroorlog. De officiële machthebbers, Marcellus en Lentulus, hadden samen met generaal Pompeius en een groot aantal senatoren Italië verlaten. Een regering in ballingschap zo u wil. Zij waren in het oosten. Het huidige Griekenland, Turkije, Syrië en Egypte vormden het economische en demografische zwaartepunt van de antieke wereld. Caesar had weliswaar Italië bezet en de legers van Pompeius in Iberië verslagen, maar zijn tegenstanders waren onverslagen. Caesars kolonels waren in Africa en Illyricum overwonnen en Marcellus en Lentulus waren bezig een nieuw leger samen te stellen. Of ze gebruik maakten van een constructie als de Lex Roscia, waarmee Caesar zichzelf had voorzien van de bevoegdheid om niet-burgers te rekruteren, weet ik niet.

Lees verder “Lentulus en de joden”

De Kastalische Bron

De Kastalische Bron

De Kastalische bron in Delfi bevindt zich niet in het eigenlijke heiligdom van Apollo zelf, maar een eindje vóór de hoofdingang tot het tempelcomplex. Volgens Euripides’ toneelstuk Ion gingen de bezoekers van het orakel eerst naar deze bron om zich ritueel te reinigen. Het wassen van het haar was daarbij voldoende. Alleen moordenaars moesten zich van top tot teen wassen.

Het bronwater diende ook om de tempel van Apollo te besprenkelen. Het kwam van de twee rotsen die bekend stonden als de Faidriades en stortte zich als een beekje naar beneden, om zich onder Delfi te voegen bij de rivier de Pleistos. Volgens de Griekse schrijver Pausanias was het water heerlijk van smaak.

Lees verder “De Kastalische Bron”

Homohuwelijk

homohuwelijk

Ik had voor vandaag eigenlijk een lief stukje over negende-eeuwse moslims aan de Zijderoute in gedachten, waarin ik dan wilde vertellen dat de islam ook toen al een enorme variatie vertoonde, maar de actualiteit moest natuurlijk weer tussenbeide komen. Die bestaat uit een van de wonderlijkste opiniestukken die ik in tijden heb gezien. Het is helaas niet meer online, maar hier vindt u een samenvatting: drie godsdienstwetenschappers (Hector Avalos, Robert Cargill en Kenneth Atkinson) herinneren de lezers van de Des Moines Register eraan dat de Bijbel het huwelijk nergens definieert als de verbintenis tussen een man en een vrouw.

Duh.

De Bijbel veronderstelt wel meer bekend. Wat een messias is, wordt bijvoorbeeld onvoldoende uitgelegd, zodat wetenschappers zich nog altijd het hoofd breken over de vraag hoe Jezus’ zelfbeeld zich verhoudt tot de bekende messianologieën. De Bijbel is nu eenmaal een millennium of twee, drie oud en veronderstelt ideeën die destijds gangbaar waren. Dat geldt voor elke antieke tekst. De dromen in het Gilgamesj-epos veronderstellen kennis van de Mesopotamische waarzeggerij, Homeros neemt aan dat je de Griekse goden kent, de historische teksten van Tacitus veronderstellen dat je weet dat op de randen van de aarde de agressiefste barbaren wonen. Er is altijd een onuitgesproken context. Dat de Bijbel geen definitie van het huwelijk geeft, is daarom een zeer slecht argument voor een alleszins respectabel standpunt.

Lees verder “Homohuwelijk”